27-02-12

BEWOGEN DAGEN 5.

 

IMG_1828.JPG

Martin Pulaski, Zonïenwoud, 2005.

Vandaag het vijfde deel van ‘bewogen dagen’. Deze fragmenten van een vertoog over alles en niets ontstonden in de periode 2005-2006. Ik heb ze de voorbije dagen gewikt en gewogen.

41.
Beweerd wordt dat schrijven ondergeschikt is aan vriendschap en liefde. Of is het omgekeerd? De bewering, de vraag is verkeerd. Het is een wisselwerking. Schrijven gaat niet zonder vriendschap en liefde. Wat mij betreft gaan liefde en vriendschap ook niet zonder schrijven.  Een gedicht maken is vaak een daad van liefde of vriendschap, in alle betekenissen van die twee woorden. Een gesprek en een kus monden uit in een gedicht.

42.
In het dagelijks leven voel ik te veel en – schijnbaar - tegelijk te weinig. Soms lijk ik onverschillig, maar ik denk van mezelf dat ik te gevoelig ben. Om die reden heb ik me – onvrijwillig - achter dikke 'muren' verborgen. Muren van glas met openingen, kijkgaten, schietgaten. Een mens wil graag gezien worden, bewonderd, geliefd. Het is verlangen naar het verlangen. Als ik te weinig aandacht krijg word ik ziek.

43.
Psychologie is tijdverlies. Je kunt jezelf niet kennen – en waarom zou je jezelf per sé moeten kennen? Jezelf zitten analyseren terwijl de wereld naar de verdoemenis gaat. Dat is toch beneden alle peil.

44.
Na de weg vooruit leg je altijd noodgedwongen de terugweg af. Het is niet alleen mijn huwelijk, het ligt ook aan mezelf. Ik wil soms ontsnappen, niet uit vrije wil, niet ‘bewust’. Het overkomt me. Ik laat me gaan, val in de diepe put van de nacht. En dan duurt het lang eer ik weer tot mezelf ben teruggekeerd. Ik kan hoegenaamd niet tegen drank: er bestaat niets dat mij meer vermoeit. Gelukkig spartel ik door heel wat weken zonder zulke nachtelijke uitspattingen. Overigens heb ik er niets aan, zelfs geen catharsis, zelfs geen ‘inspiratie’. Ik weet niet waarom ik het doe. Het zal wel periodieke verslaving zijn.

45.
Ik ben naar Jan Decorte geweest. Naar zijn theater gaan is bijna altijd een intense ervaring, pure aanwezigheid, zelfverlies. Ik wilde er graag over schrijven, maar voorlopig is het me niet gelukt. Mijn woorden moeten hem en Sigrid Vinks eren, het moeten goede woorden zijn.

46.
De vraag is of een mens die vaak zwak, ziek, moe is geen belachelijk figuur slaat. Wie neemt zijn gezeur op den duur nog au sérieux? En wie gelooft hem nog als hij zegt dat hij pijn heeft of verdriet?  Zodra je erin verdwaald bent, kun je helaas nooit meer uit dat labyrint.

47.
Bob Dylans ‘Blood On the Tracks’ ligt op.
Een prachtige droevige echtscheidingsplaat. Maar of het zijn beste is, zoals zovelen beweren, betwijfel ik. Voor mij is ze niet rijk genoeg, bezweert ze niet voldoende. Wat de teksten betreft houd ik het meest van ‘John Wesley Harding’, voor de muziek en de emoties verkies ik ‘Blonde On Blonde.

48.
Snakt niet elke mens naar liefde? Krijgt niet elke mens graag aandacht? Maar sommige soortgenoten hebben meer spotlight nodig dan andere. Ik ben daar nogal dubbel in: aan de ene kant wil ik in de belangstelling staan, aan de andere kant bijna onzichtbaar zijn. Hoewel ik het niet graag toegeef heb ik al sinds mijn zeventiende gedroomd van een boek. Een boek uitgeven, dat is wat ik wil. Geloof me nu maar! Gedichten, verhalen, een boek met ideeën (zoals dat van Leopardi), om het even wat, als het maar een boek is, wat woorden op papier, met een omslag rond.

49.
Nietzsche heeft een donkere, gevaarlijke kant. Zoals sommige goeroes dat doen kan hij zoekende jongeren meeslepen in zijn denkavontuur, wat niet zonder risico’s is. Nietzsche doorgronden is niet eenvoudig. Eigenlijk moet je hem jaren lang of zelfs een heel leven bestuderen. Sommigen beschouwen hem met zijn  theorie van de übermensch als een voorloper van het nazisme. Nietzsche heeft inderdaad een aantal absurde dingen beweerd, maar daartegenover staat zoveel rijkdom en oorspronkelijkheid. Er bestaat niet een filosoof of schrijver van wie ik meer heb geleerd dan van Friedrich Nietzsche. Maar ik moet hem wel regelmatig herlezen: een verwittigd man is er twee waard, of drie.

50.
Nogal vaak bewerk ik oudere fragmenten, zoals Walt Whitman deed met zijn originele ‘Leaves Of Grass’, hoewel ik me geenszins met de meester wil vergelijken. Ik schrijf en laat rusten, herneem en herschrijf. Maar het is niet altijd revisionisme bij mij. Soms maak ik ook nog wel eens iets dat helemaal nieuw is.  Reflecties over mensen en dingen rondom me, beschouwingen over kunstenaars zoals Anselm Kiefer, over populaire cultuur, over concerten, over film en theater. Daarbij laat ik me leiden door het toeval, door mijn intuïtie. Ik schrijf over iets wat me op een bepaald ogenblik treft, wat ik opeens zie.

IMG_1482 (3).jpg

Martin Pulaski, Zelfportret met elpee van Merle Haggard en Kill Your Lover t-shirt.

 

26-10-11

DUIVEL IN DETAILS


Er is nog voldoende donker brood.

En water, geen wijn, heb ik gedronken.
Van wijn ga ik naar andere vrouwen lonken
Als een laf en onbetrouwbaar beest.
De dokter is nog altijd niet geweest.
Komt hij niet meer, wil hij me liever dood?

06-02-10

SWEET SOUL MUSIC IN ZERO DE CONDUITE


BettyeSwann

Vandaag een soulvol Zéro de conduite, ondanks mijn ziekte. Maar ik weet dat soul een goed geneesmiddel is, zo paradoxaal is het dus niet. Ik zal dan ook zeker luisteren van zes tot acht vanavond op radio Centraal want zelf ben ik er niet bij. Maar de zoetgevooisde en pittige Sofie Sap zal het programma ongetwijfeld in goede banen leiden. Get on the good foot! And wish me luck…

Sweet Soul Music – Arthur Conley
The Memphis Train – Rufus Thomas
The Right Time – Ray Charles
Tell It Like It Is – Aaron Neville
You’re Too Young – Barret Strong
Cry To Me – Solomon Burke
Tell Mama – Etta James
He Made A Woman Out Of Me – Bettye Lavette
Today I Started Loving You Again – Bettye Swan
I Say A Little Prayer – Aretha Franklin
Mister Pitiful – Otis Redding
Wrap It Up – Sam And Dave
It’s Alright – Curtis Mayfield & the Impressions
(Hey You) Set My Soul On Fire – Mary Wells
Reflections – Diana Ross & the Supremes
Baby I Need Your Loving – The Four Tops
Shotgun – Junior Walker & The All Stars
When A Man Loves A Woman – Percy Sledge
Unloved, Unwanted Me – Barbara Lynn
Good Lovin’ – The Rascals
Ain’t Too Proud To Beg – The Temptations
I Second Tha Emotion – Smokey Robinson & the Miracles
Where Is The Love – Roberta Flack & Donna Hathaway
Thin Line Between Love And Hate – The Persuaders
Everyday People – Sly & The Family Stone
It’s Your Thing – The Isley Brothers
Give It Up Or Turnit A Loose – James Brown
Groove Me – King Floyd
Love Train – The O’Jays
Here I Am (Come And Take Me) – Al Green
Who Is He (And What Is He To You?) – Bill Withers
Inner City Blues (Make Me Wanna Holler) – Marvin Gaye
La-La Means I Love You – Delfonics
Strawberry Letter 23 – The Brothers Johnson
Across 110th Street (OST) – Bobby Womack
Could It Be I’m Falling In Love - The Spinners
Flash Light – Parliament

Samenstelling: Martin Pulaski (met enige hulp van Genius)
Presentatie en techniek: Sofie Sap.

Je kunt Radio Centraal live beluisteren op 106.7 FM of online via deze weg.

Afbeelding: Bettye Swann

15-10-09

MEXICAANSE GRIEP


MANUEL MANILLA


Die laatste zin, ik zeg geen gebenedijd woord meer, had ik beter niet geschreven. Sindsdien heb ik ook geen woord meer geschreven. Dat voelt vreemd aan, niet schrijven als je weet dat het zou moeten en als je er zelfs alle tijd voor hebt. Zou het lijken op een vogel die niet kan vliegen? Ik kan het aan geen vogel vragen, ik ken de vogeltalen niet.

Ik wil almaar schrijven, maar heel vaak doe ik het niet. Soms beslis ik ertoe omdat ik weet dat het betekenisloze dingen zouden worden, uit verveling ontstaan, andere keren doe ik het niet omdat ik alcohol heb gedronken, onder invloed waarvan je wel mooie woorden en beelden kunt oproepen, maar zonder samenhang noch evenwicht, nog andere keren, zoals nu, omdat ik er de energie niet voor heb.

Voor veel schrijvers lijkt schrijven de eenvoudigste zaak van de wereld. Elk jaar zitten ze op de Boekenbeurs met een nieuw ‘product’, dat er vanzelf lijkt gekomen te zijn. Hoe doen ze het toch? Is het dan allemaal overbodige rotzooi, wat ze schrijven, of zitten er echt parels tussen? Ik zal het wellicht nooit weten, aangezien ik geen werken lees van hedendaagse Nederlandse schrijvers. Alleen voor Geerten Meijsing, Arnon Grunberg en Remco Campert maak ik een uitzondering. Die laatste kun je natuurlijk moeilijk hedendaags noemen – maar voor mij is hij het desondanks. Ik maak tevens een uitzondering voor dichters en dichteressen, degenen die woorden opnieuw uitvinden of een nieuwe kleur / geur geven.

De avond waarop ik mijn vorige tekst schreef zal ik ongetwijfeld al wat koorts hebben gehad. Het stukje heeft inderdaad een koortsachtig toon. Maar ik wist nog niet dat ik ten prooi was gevallen aan de Mexicaanse griep. Hoewel het niet veel uitmaakt waar de griep vandaan komt: ik ben er bijzonder gevoelig voor, zoals alle mensen met zwakke longen. In normale omstandigheden ben ik gevaccineerd, maar door het vroege opduiken van het virus was dat nu niet het geval. Ik ben er gevoelig voor, en meestal zijn er, zoals nu, verwikkelingen. Sinds zondag heb ik een pijnlijke hoest, symptoom van bronchitis, en slik ik antibiotica. Het zal nog wel een week duren eer ik helemaal genezen ben. Ondertussen zie ik door het raam de nazomer voorbijtrekken, de herfstdagen, zie ik de eerste sporen van de winter. Ik heb altijd van de winter gehouden, tot voor enige jaren – opeens kreeg ik het koud, en kon ik geen warmte meer vinden. Doordat die koude zo storend was – en duur – kreeg ik een fysieke afkeer van dat seizoen. Zo erg, dat ik nu alweer naar de zomer snak. Maar ik mag niet altijd maar snakken, want op die manier is mijn leven voorbij voor ik het weet. En dan heb ik de mooiste jaren ervan niets anders gedaan dan gesnakt. Hoe mooi en onvergetelijk de zomer van 2009 ook mag geweest zijn, toch ga ik me, zodra ik genezen ben, onderdompelen in de late herfst en vooral in het zinderende licht van de winter. En wat er dan met mij, met jou gebeurt, daarover ga ik schrijven. Maar eerst nog enkele dagen rusten, slapen, wat lezen en veel nadenken en me herinneren. Er is nog zoveel dat ik me niet herinner.

Afbeelding: Skeletten, door Manuel Manilla. Ik heb een reproductie van dit werk ingelijst op mijn werkkamer hangen. Het is een memento mori. Voor mij heeft die prent niets lugubers, eerder iets feestelijks. De tekening is overigens gemaakt voor het Mexicaanse feest van de doden.

 

28-05-09

LORD PROTECT MY CHILD


Ik had de voorbije weken en dagen weinig mee te delen. Wat heb je aan al dat gezeur en geklaag? Misschien dat iemand denkt, met mij is het zo erg nog niet, misschien voelt iemand zich getroost... Misschien herkent iemand zich in me. Maar meer dan dat gebeurt er niet. Ik voeg geen schoonheid aan de wereld toe.

Ik was gisteren zo goed als genezen van een darminfectie, die maar enkele dagen heeft geduurd, en waar ik niet al te veel last van heb gehad. Net toen kreeg ik het bericht dat mijn zoon, terug van een reis naar Japan, in zijn thuisstad Parijs in het ziekenhuis ligt met een ernstige darminfectie. Hij heeft al vier dagen niet mogen eten. Niet dat hospitaalvoedsel te vreten is, maar toch. Een mens krijgt honger en moet eten. En krijgt dorst en moet drinken. Ik maak me zorgen, ben ongerust, verward. Ik hoop dat hij snel geneest. De song van Bob Dylan, een outtake uit 'Infidels' (een elpee die ik destijds van mijn levensgezellin en mijn zoon cadeau heb gekregen) draag ik op aan mijn zoon, Jesse. Niet dat ik in god geloof, maar wel in de kracht van de muziek.

Het lot van mijn zoon is ongeveer het enige wat nu mijn gedachten beheerst. Mijn verbeelding is uitgeschakeld.

20-03-09

ART BRUT VERSUS DE ROZE BALLETTEN


onlythelonely

Een week lang heb ik niet geschreven en nauwelijks gesproken. Daarover schaam ik me en voel ik me schuldig. Waarom? Ik weet het niet. Misschien omdat het lijkt alsof ik geen strijd heb geleverd tegen de leegte, en de chaos daarachter… Het kan zijn dat chaos zich op de voorgrond bevindt en de leegte erachter, als er al van een leegte sprake kan zijn. Maar ik wil het niet moeilijk maken, omdat de zon schijnt en omdat ik niet overweg kan met al wat moeilijk is, net zomin als met schuld en schaamte.

Wat heb ik de voorbije dagen dan toch uitgespookt? Interesseert het je? Over het werk dat ik doe om mijn brood te verdienen zal ik het niet hebben. Ik doe het werk – wat van me verwacht wordt doe ik zoals het hoort, maar ik doe het moeizaam, omdat ik moe ben en uitgeblust op dat gebied. Ik heb de indruk dat op het werk enkele stukken worden opgevoerd, vrij degelijke kluchten, maar altijd dezelfde, in steeds dezelfde volgorde. De acteurs doen hun best (ik ben een van hen), maar het publiek kent het repertoire door en door. Als je dan tussen dat publiek gaat zitten bestaat het gevaar dat je psychotisch wordt. Dat je niet meer weet waar je hoofd is en waar je voeten zijn. Roep je dan “brand!” en loopt iedereen de zaal uit? Of is dat in een nachtmerrie of in een werk van Kierkegaard, die twijfelaar?

Gisteren was ik ziek, misselijk, het leven beu, vooral het bedrog en het zelfbedrog. De illusies die je nodig hebt om te overleven. Ik was nog meer uitgeput dan anders, doordat ik eergisteren eerst de hele dag had gewerkt (tijdens de lunchpauze naar een boekwinkel gesneld voor een dik boek van Gilles Deleuze),  daarna gegeten in de Mirante, een goedkope Italiaan die almaar duurder wordt, en daarna met Laura, zoals ik haar noem, en vervolgens naar een extatisch concert van Animal Collective was geweest. Ik ben geen concertenrecensent. Laat ik daar dan maar best zoveel mogelijk over zwijgen. Ik vond het inderdaad extatisch, en werd er zelf extatisch van, zonder drugs, zonder iets. Zo extatisch dat ik niet eens voelde hoe moe, hoe ziek ik wel was. Animal Collective deed mij denken aan the Beach Boys in 2021, the Fleet Foxes wild tekeerd gaand in een hedendaagse Gold  Star studio en gebruik makend van alle mogelijk schuiven en knoppen. Animal Collective deed mij vooral denken aan Mercury Rev, zonder evenwel de hypnotiserende, sprookjesachtige waanzin van Jonathan Donahue. Ik vroeg aan een meisje naast me of die animale stemmen haar niet aan the Fleet Foxes deden denken. Ze had nog niet van the Fleet Foxes gehoord, terwijl ik toch haar vader had kunnen zijn. Na afloop van het concert zweefde ik rond, je zal het wel vermoeden, in een parallel universum. Toch is het echt waar dat een zeer jong meisje me zei dat ze met me wilde trouwen, terwijl haar vader en mijn Laura erbij stonden. Een mens maakt wat mee! Polygamie is niet toegestaan in België, zei ik (in het Frans). We zullen daarom naar Salt Lake City moeten verhuizen. Want twee vrouwen in mijn nabijheid vind ik wel goed, getrouwd of niet  getrouwd. Gelukkig drong ze niet aan en moesten we op tijd naar huis. Wat in Brussel niet echt moeilijk is: alles gaat dicht om middernacht, tenzij de louche zaken, waar de bekende roze balletten worden opgevoerd.

Dinsdagavond was ik met een vriendin in het Paleis voor Schone Kunsten. Een avond gewijd aan mijn geliefde schrijver Cesare Pavese. Af en toe moest ik de tranen onderdrukken. Er werden tegen een zeer expressieve achtergrond – een decor van Jan Vanriet – zeer mooie fragmenten uit het oeuvre van de Turijnse auteur voorgelezen. Een mooie vrouw als Hilde Van Mieghem in de stem horen kruipen van de melancholisch-mannelijke auteur bij uitstek is een ervaring die je niet vergeet. Het leven van Cesare Pavese is een tragisch verhaal. Maar de schoonheid van zijn melancholie, van de melancholie van zijn zinnen, maakt van de tragedie een troostend gedicht. Dank zij de geniale aanwijzingen vanuit een of andere satelliet verdwaalden we die avond in Brusselse steegjes die aan Turijn deden denken, hoewel ik daar nooit ben geweest. Weer thuis dronk ik een Orval en nodigde koortsachtig vrienden uit voor een etentje. Ik mag de eenzaamheid niet koesteren. Ik ben Cesare Pavese niet.

Gisteravond, na een hele dag geprobeerd te hebben om uit te rusten, vond ik peace of mind dank zij ‘Only the Lonely’ van Frank Sinatra. Ik had nooit voordien gehoord hoe betoverend die plaat, die stem is. ‘Willow Weep For Me’, ‘Guess I’ll Hang My Tears Out To Dry’ – en ‘One For My Baby’! Wat een songs! En daar bovenop, of eronder, nog eens de arrangementen van Nelson Riddle. Na een tweede luisterbeurt, en wat lekkere vis, was ik als genezen. Maar ik dacht aan K., een vriendin in Antwerpen die het moeilijk heeft. Het gevoel van te falen stak weer de kop op. Hoe komt het dat ik mensen die ik graag zie niet kan helpen? Ik heb alleen maar woorden, en soms blijven zelfs die in mijn strot steken.

Ik zag de film ‘Elegy’ van Isabel Coixet, een gevoelig verhaal over een oudere intellectueel die verliefd wordt op een jong meisje, een intelligente en zeer charmante studente. Een melodrama, met enige overacting, maar het grijpt je naar de keel, zeker als je daarvoor ‘Only the Lonely’ twee keer hebt beluisterd. Ik, oudere man, zou echter nooit verliefd worden op Penélope Cruz. En als ik Penélope Cruz zou zijn zou ik zeker niet verliefd worden op Ben Kingsley. Maar het leven is kort. En goed, ook deze film biedt weer de troost van de melancholie.

Deze week luisterde ik veel naar Neil Young. Ongeveer alles wat hij heeft opgenomen steekt boven de andere zogenaamde populaire muziek uit. Niemand heeft ooit op zulke intense manier uiting gegeven aan zijn emoties, kunst gemaakt van zijn emoties. Ik heb het niet over klassieke muziek en jazz. Ik heb het over primitieve kunst, art brut in zijn zuiverste vorm. Alleen muziek kan ons nog redden.

Daarnaast heb ik mij zeer geërgerd aan facebook en mij het lot van Gunther Martin aangetrokken. Maar dat is een verhaal voor morgen of de dag daarna. Een lang en zeer ontluisterend verhaal. Laat mij nog dit zeggen: ik heb vaak stilgezeten, maar ik heb niet stilgezeten. Nu zet ik opnieuw de stilte aan.

“Are you also frightened?”

 

19-01-09

AANWEZIGE AFWEZIGHEID


space odyssey2

Misschien valt het op, maar misschien ook niet: ik heb al een hele tijd niets meer geschreven voor hoochiekoochie. Eerlijk gezegd heb ik gewoonweg niets meer geschreven. En dat zal nog wel even duren. Ik ben flink verkouden en voel me zwak. Het is alsof ik al mijn energie nodig heb om gewoon aanwezig te zijn. Toch zijn er zeker een aantal dingen waarover ik zou willen schrijven. Over het bestand in Gaza, wat geen vrede betekent, maar voorlopig vallen er toch geen doden meer. Dat is al iets, een grote kleinigheid. En over de inauguratie van Barack Obama morgen. De hoop voor de toekomst, hoewel we misschien teveel van die man verwachten. De macht is veel te ingewikkeld en te corrupt om door een man hervormd te kunnen worden. Een revolutie moeten we zeker niet verwachten. Het is trouwens de vraag of een revolutie de wereld kan verbeteren. De mensen zijn zoals ze zijn. Ik bedoel: lees eens een tragedie van Shakespeare. Zo zijn de mensen, nog altijd. Het grote verschil met zijn tijd is de precisie waarmee alles gebeurt, de technologie en de zakelijkheid. Maar de strijd om de macht, de haat en het geweld zijn er altijd geweest. Het eerste gedeelte van ‘2001: A Space Odyssey’ laat daar, terecht, weinig twijfel over bestaan. Zouden een gedegen communicatie, artistieke ondernemingen en het voorbeeld van Orpheus ons enigszins voor nog groter onheil kunnen beschermen? Over zulke dingen wilde ik graag schrijven, maar het spijt me, ik moet er nog even het zwijgen toe doen.

05-09-08

TELEVISIE / TELEVISION


tv fashion

Omstreeks 1980. Het kleine, witte televisietoestel was van mijn vriend Jos D. De zaterdagnachten duurden lang. 's Zondags keken we naar 'De collega's'. We luisterden naar Television; dit is geen grap. Tom Verlaine was een van mijn grote helden toen. Mijn geliefde A. knipte mijn haren. Ze nam de foto op de hoes van de eerste solo-lp van Tom Verlaine als model. Dat was mijn wens: niet te kort en niet te lang. Met de voeten in de sixties en het hoofd in Marquee Moon.

Ik denk nu terug aan 
Anne-Mie van Kerckhoven, met wie we in die tijd goed bevriend waren. Later zag ik haar elke week heel even in de studio van Radio Centraal in Antwerpen. Zij maakte er het programma 'Als u niet naar ons komt, komen wij wel naar u.' Vanavond zou ik naar een tentoonstelling van haar werk gaan in Wiels, het Centrum voor hedendaagse kunst in Vorst. Nothing More Natural. Dat is de titel van de tentoonstelling. Helaas heb ik koorts en moet ik thuis blijven. Ik vrees dat zij nu niet naar mij zal komen.


Foto: Martin Pulaski.

11-01-08

LEVE DE FARMACEUTISCHE INDUSTRIE?


DAGELIJKS GEBRUIK

Ochtend

Omeprazole 20 mg, 1 tablet

Symbicort 4,5 mcg, 2 inhalaties

Fluoxetine 20 mg, 1 capsule

Pharmaton vitamines, 1 capsule

Omega 3, 1 capsule


Middag

Fluoxetine 20 mg, 1 capsule

Tamsulosine 0,4 mg, 1 capsule


Avond

Omeprazole 20 mg, 1 tablet


Voor het slapen gaan:

Symbicort 4,5 mcg, 2 inhalaties

Mirtozapine 30 mg, 1 capsule

Terazosabb 5 mg, 1 comp.

Bromazepam 3 mg, ½  tablet

 


Tussendoor

Afhankelijk van de toestand, puffs Duovent, diverse (lichte) pijnstillers, Motilium, Spasmomen, Otrivin, etcetera.


Altijd:

Muziek


Morgen gezond weer op met betere berichten uit mijn ondergronds bestaan.

17-10-07

HET EINDE VAN DE WERELD BINNEN HANDBEREIK


tokyo monogatari van ozu 2


Gisteren verscheen ik opnieuw op het werk, na een afwezigheid van meer dan een maand wegens ziekte. Wat gebeurde er met me? Ik betrad een mij ineens volkomen vreemde wereld. De grond onder mijn voeten? Om mij heen soortgenoten, mijn collega’s – vreemden met vreemde gezichten. Ik vroeg me af waar ik was, of ik wel bestond. Het was onmogelijk om me in hen te herkennen, terwijl het toch elementair is voor het menszijn dat je je in de andere herkent.
 

Gisteren gaapte er een afgrond tussen ‘hen’ en ‘mij’, een afgrond die me letterlijk deed verstommen. Ik heb van de hele dag nauwelijks een woord gesproken; ik zat te wachten op een einde, misschien wel het einde van de wereld. Je hebt de ervaring dat je in een hinderlijke cocon zit opgesloten, een omhulsel dat je geen bescherming biedt – een cel die samenvalt met je huid. Ik was de ‘zieke’, de ‘andere’… Niet dat mijn collega’s me daar op wezen of in enig opzicht vijandig deden, integendeel. Het was geheel mijn ervaring, ikzelf zag me zo en zag de anderen zo. En in mijn hoofd herhaalde een stem opnieuw en opnieuw: je kunt alleen maar mislukken. Je kreeg buikkrampen van die stem, tranende ogen, hoofdpijn, dyslexie. De enige rol die je kunt spelen is die van het slachtoffer, zei de stem. Ik zweeg zo hard dat de pijn die ik al had nog verhevigde.
 

Wat ik me afvraag is of ik de rol van het slachtoffer speel. Is het niet sterker dan mezelf? Is het een fenomeen waar ik geen vat op heb, waardoor ik een speelbal ben die ook slachtoffer is?  Ik weet het niet. Voorlopig doe ik er het zwijgen toe en wacht. Alleen een paar woorden van zelfbeklag kan ik nog kwijt.

Sinds deze morgen slik ik anti-depressiva. Deze pillen geven mij een enorme dorst, maar honger heb ik niet meer.


Ben ik te openhartig als ik zeg dat ik gisteravond door een waas van tranen naar Tokyo Monogatari zat te kijken, misschien wel de meest humane film die ooit werd gemaakt?


Afbeelding: uit Tokyo Monogatari (1953) van Yasujiro Ozu

03-09-07

HET GAAT NIET GOED MET BO DIDDLEY

bo diddley,rock   roll,hey bo diddley,ziek,geloof,hoop,pop,ziekte

Het gaat niet goed met Bo Diddley. Hij is ernstig ziek en het is heel goed mogelijk dat hij ons binnenkort verlaat. Als ik gelovig was zou ik nu voor hem bidden, maar ik ben niet gelovig en ik bid al lang niet meer. Ik hoop dat hij er weer bovenop komt. Maar wat voor zin heeft hopen? Verandert het iets aan zijn toestand? Ik vraag het mij af. Toch hoop ik. Ik wil ook niet over een paar dagen alweer een in memoriam schrijven. Bo Diddley is een van de uitvinders van de rock & roll. Deze laatste zin is bedoeld voor degenen die pas vanaf vandaag naar de radio luisteren. Veel succes met je verdere ontdekkingen!

07-03-07

HET HEIMLICH MANEUVER


Gisteravond had ik het met mijn huisdokter over het Heimlich-maneuver. Hij vertelde me dat hij op een keer toen hij alleen thuis was een stukje voedsel in zijn keel had zitten en dreigde te verstikken. Het Heimlich-maneuver op zichzelf toepassen was onmogelijk. In een moment van helder denken heeft hij dan met alle macht zijn buik tegen een kast gedrukt, waardoor hij van de brok bevrijd werd. Anders had ik het niet overleefd, zei mijn huisdokter. Maar we mogen niet doemdenken, voegde hij eraan toe.

Vorige zaterdag in een Antwerps restaurant, na de radio en de witte blues, heb ik het Heimlich-maneuver moeten toepassen. Laura had een brokje vlees in de keel gekregen en kon nog maar moeilijk ademhalen. Onze vriendin Sofia zat ongerust toe te kijken. Kennelijk ben ik toch niet zo goed in zulke maneuvers, want het had geen resultaat.
Op dat ogenblik kwam mijn vriend Snaporaz net het restaurant binnen. Hij zou alleen maar iets komen drinken. Bij het zien van Laura’s toestand stelde hij meteen voor om ons naar het Sint-Vincentius Ziekenhuis te voeren. Op de spoedafdeling werden we bijzonder vriendelijk ontvangen, ook al had niemand van ons een identiteitskaart bij. Wij laten die thuis omdat we in Brussel voortdurend worden bestolen en overvallen. Over dat hele identiteitskaartengedoe heb ik vorig jaar al voldoende geklaagd.
Er moest wel een dokter worden opgebeld, die helemaal uit Hove moest komen voor dat stukje vlees. Laura kreeg gelukkig nog geen blauwe kleur, wat op verstikking zou wijzen. Iedereen bleef er nogal kalm bij. De dokter was er al snel. Enige minuten later kon Laura weer opgelucht ademhalen. Als dit in een Brussels restaurant was gebeurd had Laura het misschien niet overleefd. Ik heb niet bepaalde prettige herinneringen aan Brusselse ziekenhuizen. Zij geven mij vooral de indruk dat ik voet aan de grond zet in een ontwikkelingsland.

Sinds vorige zaterdag weet ik dat het Heimlich-maneuver die naam heeft en dat ik het niet helemaal goed heb gedaan. Ik heb al wat geoefend voor een volgende keer. Maar we mogen niet doemdenken, zegt mijn huisdokter. Ook al ben ik flink verkouden en vertrek ik zaterdag naar Portugal. Het is toch wel zeer eigenaardig, dat ik telkens voordat ik op reis vertrek ziek word. En het is geen ingebeelde ziekte, er zijn duidelijk waarneembare symptomen, een rode keel, hoesten, een lopende neus… Ik weet niet wat het vooruitzicht op reizen in mijn onbewuste teweegbrengt, maar het moet zeer onrustwekkend zijn. Mijn onbewuste wil kennelijk liefst van al braaf in zijn kamer blijven. Vorig jaar in april ben ik met een lichte verkoudheid naar La Palma vertrokken. Daar ben ik erg ziek geworden, bronchitis, een longontsteking. Aan mijn vakantie heb ik toen niets gehad, ik was al blij dat ik nog leefde toen ik weer thuiskwam. Dit mag nu niet gebeuren. Ik mag niet doemdenken, zegt mijn huisdokter. En ik zeg het hem na.

15-05-06

CORTISONE ZONDER BIJSLUITER

cortisone,brussel,ziek,afkicken,vader,pijn,dood,psychiater,geweld,overvallen,macho s,onverschilligheid,ambulance,politie,1977,werk,kunstenfestival,granada,vliegtuig,cafe dada,drinken,concert,live,pop,soul,bettye lavette,kvs,marthaler,shakespeare,aeschylos,verjaardagsfeestje,martin pulaski

Opeens was ik terug in Brussel, een imaginaire stad leek het wel, en ik moest afkicken van Cortisone. Ik ben geen drugverslaafde, maar ik was nogal ziek geweest en had het spul veel te lang gebruikt. Mijn vader heeft het moeten nemen op het einde van zijn leven, hij had veel pijn en hij was nog nooit ziek geweest. Hij trok zijn eigen tanden. Dokters of tandartsen vertrouwde hij niet. Na zijn dood ben ik zes jaar lang bij een psychiater geweest, twee keer per week. Niet vanwege die van hem maar vanwege mijn eigen gewisse dood. Macho’s hadden mijn hoofd half tot moes geklopt en ik had liggen bloeden als een lam in het midden van de Kiekenmarkt in het centrum van Brussel. De automobilisten reden voorbij en deden alsof er niets aan de hand was of hadden gewoonweg niets gezien. De ambulance kwam me uiteindelijk wel van de straat rapen, samen met de politie. In die tijd (1997) bestond de Brusselse politie kennelijk uit idioten en racisten. Gelukkig heeft mijn vader dat allemaal nooit geweten.


Net als toen moest ik nu afkicken van die verdomde Cortisone en tegelijk doen alsof er niets aan de hand was. Gaan werken, naar een concert, naar het kunstenfestivaldesarts, naar het verjaardagsfeestje van een boezemvriendin. Waarom kies ik nu het woord ‘boezemvriendin’? Ik zou het nooit gebruiken in een gedicht. Aan mijn psychiater, die dezelfde naam heeft als mijn jarige boezemvriendin, kan ik het niet meer vragen. De analyse is afgebroken. Door mij. Ik heb haar vorige week gezien in het Théâtre National en me meteen verdekt opgesteld achter een muurtje. De laatste keer dat ik met haar had afgesproken, op een zaterdag in oktober vorig jaar, was ik de afspraak namelijk vergeten. Ik was bezig mijn koffers te pakken om op studiereis te vertrekken naar Jaén, en in die drukte was ik de hele hoochiekoochie vergeten. Pas de volgende maandagochtend, in het vliegtuig naar Granada, herinnerde ik me onze afspraak. Nadien durfde ik haar niet meer bellen om enige uitleg te geven. Ik voelde me schuldig omdat ik de afspraak was vergeten. En nu zag ik haar vanuit de verte in dat theater en het enige wat ik kon doen was toneel spelen. Heb ik al verteld dat ik toneelspeler wilde worden, toen ik jong was? Neen? Dan zal ik het later eens een keer uit de doeken doen. Maar niet nu. Ik heb over die gemiste carrière overigens zeer veel gepraat met ‘mijn’ psychiater. Of ik nog bang ben op straat? Ja, tenzij ik voldoende bier heb gedronken in café Dada.

Over het werk zal ik het evenmin hebben. Franz Kafka heeft dat op geniale manier beschreven in ‘Het proces’. Wat kan ik daar dan nog aan toevoegen? Kill your darlings?

Zonder Cortisone en zo weinig mogelijk alcohol naar het concert van Bettye Lavette. Was het beter of slechter dan vorig jaar? Ik stel de vraag maar ik beantwoord ze niet. Ik denk dat Bettye Lavette inzette met The Stealer (van de onvolprezen Free), gevolgd door He Made A Woman Out Of Me (een prachtige en zeer dubbelzinnige song over verkrachting/seksuele initiatie) en The Sparrow van Dolly Parton. Het grote verschil met vorig jaar was de duidelijke vermoeidheid van zowel de zangeres als de band. Hoe lang zijn ze al van stad tot stad aan het trekken? Van land tot land? Nu ze eindelijk enig succes hebben? Vorig jaar was Bettye opeens weer hip. De aasgieren van de pers en de modieuze popmuzikanten waren toen in groten getale aanwezig in de kleine AB club. Nu echter heeft naar mijn weten één perspersoon een stukje geschreven in een of andere nitwitkrant (met alle respect), terwijl de veel grotere zaal zwart zag van het volk. So you all brought your friends with you, sprak Bettye Lavette. Het laatste nieuws heeft de ‘hippe’ en ‘coole’ mensjes bereikt: soul is opnieuw niet meer hip. Wel, dan heb ik dit te melden: soul is altijd hip. Er is geen enkel genre dat altijd hip is, behalve soul. Hoewel Bettye moe was, was ze toch ook nog sterk en gaf ze haar hele ziel aan het gewillige publiek. Het was een fijn publiek, zo zonder aasgieren. Echte kippenvelmomenten waren Close As I Get To Heaven en I Do Not Want What I Have Not Got (waarbij, dat moet ik toegeven, mijn gedachten afdwaalden naar Sinéad O’Connor, en naar de roofmoord in het Centraal Station, en naar het gedicht Brot und Wein van Hölderlin en naar Paris, Texas, vooral het begin met Harry Dean Stanton in de woestijn). Overigens vind ik Joy de slechtste song van Lucinda Williams en begrijp ik daarom niet waarom Bettye Lavette precies deze heeft uitgekozen. Maar dat zijn details. Long live Bettye! .

Vrijdag, in de KVS, stelde ik vast dat de culturele elite maar 1,50 of 2 euro betaalt voor een glas wijn (terwijl de rockliefhebbers 4 euro moeten betalen, alvast in de AB, een waanzinnige prijs, voor een instelling die waanzinnig veel subsidies krijgt). Maar het zij zo, ik mag me niet opwinden, laat iemand anders dat maar doen vanavond. Christoph Marthaler is een genie. Zoals hij de familie met alles erop en eraan (en het verborgene ook heel open en bloot, hoewel er geen letterlijk bloot aan te pas komt) ten tonele voert en ontrafelt, dat doet heden niemand. De familie is het grote mysterie. Dat was al zo bij Aeschylos, dat was zo bij Shakespeare, en dat is nog altijd zo bij Marthaler. Een mysterie dat er niet om vraagt om te worden opgelost. We kunnen de familie haten, als we jong zijn bijvoorbeeld, dat is een stadium waar we door moeten, lieve ouders, hatelijke ouders, het maakt niet uit, of we kunnen ze liefhebben. Maar de familie blijft altijd een mysterie. Koffie en koekjes of geen koffie en koekjes. De kinderen blijven een mysterie. De bloedverwanten. De broers en de zussen. De tantes en de nonkels. De neven en nichten. De hele reutemeteut. Socialisten, vieze tisten, flaminganten en fascisten, communisten, soul freaks, nitwits, Proustianen, Yes fans, slotenmakers, Call girls, we kennen ze allemaal en we haten ze en we hebben ze lief. En ze zingen allemaal liedjes van Monteverdi en van Mireille Mathieu. In ieder geval doen ze dat bij Marthaler. De man toont ons de typische familietriangel, maar dan dubbel en dik gespleten. De familieleden zitten te zuipen, elkaar uit te schelden, achterbaks naar elkaar te verlangen, domme spelletjes te spelen, dierengeluiden te produceren, liedjes van Wagner en van the Kinks (I Go To Sleep) te zingen, te slapen (waarbij je als toeschouwer ook in slaap valt), en zo verder. En dan is er de zoon die alleen maar Mireille Mathieu wil horen. En die krijgen we dan ook te horen, de echte singles op een echte platendraaier uit de sixties. Ook de hoesjes worden getoond. Af en toe krijg je zelfs een stukje Monteverdi te horen, uit L’incoronazione di Poppea, waar het stuk op gebaseerd is. Of roept de vader ‘Ta gueule!’. En dat speelt zich allemaal af in een huis waarvan de ene kant het Centraal Station van Brussel is (voorbijdenderende treinen inclusief) en de andere kant het Justitiepaleis (het lelijkste en mooiste gebouw van Brussel). De meubels in het huis komen uit datzelfde Paleis (de architect, Poelaert, heeft zelfmoord gepleegd, anders hadden ze dat plein nooit naar hem genoemd): de dochters hebben ze er gewoon gepikt. Hoe zou je zelf zijn, als dochter in een prettig gestoord gezin? Overigens herkende ik meteen een van die meubelstukken: ik had erop gezeten tijdens een van de drie ‘verzoeningspogingen’ tijdens mijn echtscheidingsprocedure. Niet dat we die poespas wilden. Het was van te moeten. In ‘Het Proces’ staat dat ook allemaal al beschreven. Maar niet de dimensie die Christoph Marthaler en zijn gezelschap er aan toevoegen. Beter kan niet. Bovendien is het allemaal bijzonder grappig. Je lacht je meerdere breuken op één avond. Ik stel voor om meermaals te gaan. Dan moet je nooit meer gaan werken. Kafka lezen wordt dan ook overbodig.

En dan moest ik het nog over het verjaardagsfeestje van I. hebben, mijn boezemvriendin. Gelukkige verjaardag, lieve vriendin. Het was een onvergetelijk feest, in dat volkscafé daar in Gent. En we zijn goed thuisgeraakt. Nu ben ik moe en moet ik de dromen tegemoet zien. Ik ben een oude, vermoeide gek. How am I different?

Foto: Martin Pulaski, terras met uitzicht op de Atlantische oceaan, Tazacorte, La Palma

02-05-06

DUVEL ALS MEDICIJN


Ik drink nu een lekkere frisse Duvel en voel me al gezonder worden, maar ook wel dronken. Veel sneller dan op 'gewone' dagen. De medicijnen moeten nog weggespoeld worden, zoals kalk uit de kraantjes. Ik luister naar Elvis, dat doe ik altijd als ik pas terug ben van een reis of een vakantie. From Elvis in Memphis. Gewoon de beste thuiskomplaat. Shake it. The power of our love. There's just no stopping. Niemand kon zo lijfelijk en tegelijkertijd spiritueel zingen als Elvis. Ik geloof dat ik al geen Duvel meer heb gedronken sinds Jos dood is. Dat is al een hele tijd.

TERUG IN HET VADERLAND


i see you


Ik ben terug uit Tazacorte (La Palma). Nog zwakjes. Ik probeer straks, na doktersvisite, of misschien nog eerder, wat meer te schrijven, maar het gaat moeizaam. Moeilijke ademhaling, en een beetje last van dyslexie, waarschijnlijk ten gevolge van de vele ‘geneesmiddelen’. Het ironische is dat ik jaarlijks een tweetal weken naar La Palma trek om er letterlijk op adem te komen. De lucht is er mild en voelt bijzonder gezond aan, zo gezuiverd door de grote oceaan.

Ik wil alvast iedereen van harte bedanken die hier zijn of haar bezorgdheid over mijn toestand in stilte of woorden heeft uitgedrukt. Dat betekent veel voor mij. Dat is wat wij allen nodig hebben.

26-04-06

ZIEK IN TAZACORTE


Ziek zijn op La Palma is geen pretje. Afgesneden van het vaderland, wachtend op de terugkeer. De goede lucht schijnt haar werk niet behoorlijk te doen. Een hardnekkige hoest. Ik denk veel aan de vrienden en iedereen daar bij ons. Ook aan deze unieke wereld hier van skynetblogs, die ik nu al een tiental dagen de rug heb toegekeerd. Ik zit in het halfduister, buiten schijnt de milde zon. Om het kwartier begint hier om een onverklaarbare reden James Browns I Feel Good, een tiental seconden en dan is het weer gedaan. Waarschijnlijk een computer game. Ik verlang naar huis, maar wacht geduldig 1 mei af. Lieve groeten voor iedereen die dit leest.

12-04-06

EMILIANA TORRINI IN BRUSSEL


EmilianaTorrini 2


Ik ben ziek, keelontsteking, piepende adem, hoofdpijn, the whole shenanigan. Van mij valt vandaag niets goeds te verwachten. Ik was gisteren ook al ziek, maar nog niet zo erg.
Niets, behalve dit. Ik heb gisteren in de AB een weergaloze zangeres gehoord: Emiliana Torrini. Het was een van de betere concerten van mijn leven. Ik zal als ik beter ben eens een lijstje proberen te maken. Nu moet ik werken, anders werken.

08-03-06

OP WEG NAAR HET EINDE

 

bunuel,film,foto,ziek,bourgeoisie,einde

Ziek en enigszins werkonbekwaam zijnde (hoesten, scheelzien, onbruikbare linkerarm) plaats ik hier dan maar een foto. Het is de weg naar het einde van de bourgeois, waar Buñuel's film over die magnifieke klasse mee eindigt. Als laatste de altijd innemend charmante Bulle Ogier.

13-02-06

ZIEK EN MELANCHOLIEK


memphis blues

Vandaag geen nare tijdingen, geen wanhoopsuitingen, geen euforisch geleuter over melancholieke muziek, geen onsamenhangende mijmeringen over de betekenis van poëzie (in mijn leven), geen adolescent gedweep met actrices en zangeresjes, geen nutteloos protest tegen politieke lafheid, corruptie en machtswellust. Vandaag helemaal niets van dat alles. Vandaag ben ik ziek. Ziek en melancholiek

09-10-05

TEGEN HET VERGETEN


Ik probeer te genezen. Maar dat gaat zo maar niet. Het moet mij genezen en voorlopig lukt dat niet. Inmiddels vergeet ik niets en niemand. Dat moest ik toch even zeggen.