02-01-16

ZERO DE CONDUITE: SONGS OF THE SOUTH

0william_eggleston-1600x1020.jpg
Zéro de conduite is een POPprogramma op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Een muzikaal evenement voor allen en voor niemand. Uniek in het universum. Stem af op 106.7 FM.
Je kunt Zéro via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over de radio.

Vooreerst wensen we alle luisteraars van Zéro de conduite een gelukkig, voorspoedig en gezond 2016.

Ook dit jaar zal in Zéro veel aandacht gaan naar populaire muziek uit de Verenigde Staten en naar wat wij Americana noemen. Vandaag, in het putje van de winter, maken wij een reis naar het Zuiden, naar Dixieland, in het bijzonder naar Memphis in Tennessee, naar Alabama en naar Georgia.
Zoals zo vaak was het weer moeilijk om een evenwichtige en relevantie selectie te maken, zeker voor Memphis, bakermat van blues, rock & roll (Sun) en soul (Stax). Alleen al de twee muzikale koningen uit Memphis, Elvis en B.B. King, verdienen eigenlijk een afzonderlijke aflevering. Dat is voor later. Ook andere Zuidelijke staten komen de volgende maanden aan bod. Denk aan Mississippi, Louisiana, Arkansas, Florida, North-Carolina, South-Carolina en Texas. En natuulijk zullen we ook Nashville in Tennessee niet vergeten.

De voor vandaag geselecteerde songs hebben Tennessee (Memphis), Alabama en Georgia als onderwerp of zijn er opgenomen of worden uitgevoerd door muzikanten uit de regio. Een groot deel van de soulliedjes die we vanavond draaien komt uit de voortreffelijke nieuwe box ‘Back To The River - More Southern Soul Stories 1961-1978’, op het Kent Soul-label.

Veel luisterplezier!

01backtotheriver2.jpg


Dixieland

Dixie Lullaby - Leon Russell - Leon Russell

Clyde - J.J. Cale - Naturally

Down Along The Dixie Line - Gillian Welch - The Harrow & The Harvest

I Sang Dixie - Dwight Yoakam - Buenas Noches from a Lonely Room

Daybreak In Dixie - The Stanley Brothers - Riding That Midnight Train
01bbkingmykindofblues.jpg


Tennessee / Memphis

Going To Memphis - Johnny Cash - Murder

Night Train to Memphis - Jerry Lee Lewis - Jerry Lee's Greatest!

Memphis Shakedown - The Memphis Jug Band - Harry Smith's Anthology Of American Folk Music

Memphis, Tennessee - Chuck Berry - Gold: Chuck Berry

Catfish Blues - B.B. King - My Kind of Blues

Free Me - Otis Redding - Back To The River - More Southern Soul Stories

This Love Won't Run Out - Dee Dee Sharp - Back To The River - More Southern Soul Stories

Private Number - Judy Clay & William Bell - Back To The River - More Southern Soul Stories

Memphis in June - Nina Simone - Forbidden Fruit

Tuesday Night in Memphis - John Lurie - Mystery Train Soundtrack

Raining in Memphis - Dan Penn - Nobody's Fool

After Loving You - Elvis Presley - From Elvis In Memphis

Memphis Train - Buddy Miles - Them Changes

Memphis Flu - The Felice Brothers - Yonder Is The Clock

01danpenn.jpg

Alabama

Alambama Bound - The Charlatans - The Amazing Charlatans

You Gotta Move - The Rolling Stones - Sticky Fingers

Angel From Montgomery - Bonnie Raitt ft. John Prine - Bonnie Raitt Collection

Sure As Sin - Jeanie Greene - Back To The River - More Southern Soul Stories

Give Me Back The Man I Love - Barbara West - Back To The River - More Southern Soul Stories

Think I'll Go Somewhere And Cry Myself To Sleep - Joe Perkins - Back To The River - More Southern Soul Stories

The Road Of Love - Clarence Carter - The Fame Singles Volume 1: 1966-70

Alabama - Neil Young - Harvest

Birmingham Sunday - Richard Fariña - Singer Songwriter Project

Alabama Pines - Jason Isbell And The 400 Unit - Here We Rest

Mobile Blue - Dave Alvin & The Guilty Men - Frisco Mabel Joy Revisited

It's Hard To Be Humble (When You're From Alabama) - Phosphorescent - Here's To Taking It Easy

0allman-brothers-band-2.jpg

Georgia

Maps And Legends - R.E.M. - Fables Of The Reconstruction

Hot Nights In Georgia - Jason & The Scorchers - Fervor

Georgia Pines - Link Wray - Beans And Fatback

Miller's Cave - International Submarine Band - Safe At Home

Oh Atlanta - Emmylou Harris - Evangeline

Please Call Home - The Allman Brothers Band - Idlewild South

Georgia Morning Dew - Johnny Adams - Heart & Soul

Gonna Send You Back To Georgia - James Carr - Complete Goldwax Singles Vol. 3

I Washed My Hands in Muddy Water - Charlie Rich - The Complete Smash Sessions

Georgia Stomp - Andrew & Jim Baxter - Anthology Of American Folk Music

Georgia Crawl - Henry Williams & Eddie Anthony - The Story Of The Blues

Rainy Night In Georgia - Brook Benton - Back To The River - More Southern Soul Stories

Georgia On My Mind - Ray Charles - Definitive Ray Charles

The Night They Drove Old Dixie Down - The Band - Live At The Academy Of Music 1971

 0william-eggleston-parking.jpeg

Research & presentatie: Martin Pulaski
DJ: Sofie Sap
Foto's: Williams Eggleston (behalve de LP-hoezen).

 

07-01-14

IK HERINNER ME PHIL EVERLY

everlybrothers.jpg

Herinner ik me Phil Everly? Eigenlijk niet. Hoewel hij enkele mooie langspeelplaten heeft gemaakt, waaronder ‘Star Spangled Springer’ uit 1973, kan ik hem maar met moeite los zien of horen van zijn oudere broer Don. Vaak hebben journalisten het over de vele ruzies tussen de broers, zelfs Paul Simon kan het niet laten in zijn artikel in Rolling Stone. Maar vormen die ruzies niet de noodzakelijke keerzijde van de onmogelijke harmonie van de broers? Zijn ze er bovendien niet helemaal aan ondergeschikt? Voor mij wel; ik heb er zelden aan gedacht, waarschijnlijk omdat ik me die niet kon voorstellen, betoverd als ik was door hun hemelse stemmen.

Wat dat laatste betreft. Ik geloof dat het Georges Bataille was die het betreurde dat we zo vaak moeten terugvallen op religieuze concepten om het over schoonheid te hebben. Dat is zo en ik betreur het zelf ook. Misschien zou het beter zijn mocht ik er het zwijgen toe doen.

1961. Ik zal ongeveer tien zijn geweest, misschien ook wat ouder. Een van de eerste singles die mijn vader voor me meebracht, grijsgedraaid op de jukebox van zijn stamcafé de Metropole, was "Lucille / So Sad (To Watch Good Love Go Bad)" van the Everly Brothers. Hoewel ik hem al lang niet meer in mijn bezit heb herinner ik mij het vuurrode Warner Brothers-label nog. Dat plaatje was het begin van een levenslange liefdesgeschiedenis. In die periode begon ik meer en meer naar de radio te luisteren, gefascineerd, vaak met sneller kloppend hart. Zoals mijn oudere broer hield ik van Elvis, Eddie Cochran, Fats Domino, Connie Francis en nu ook The Everly Brothers. In de vroege jaren zestig zat ik iedere zondagmiddag bij de radio als Guus Janssen Jr. zijn “Tiener Topper Tijd" presenteerde. Veel Duitse kitsch maar ook uitstekende rock & roll; sommige liedjes zijn me bijgebleven, zeker die van Don en Phil, met als uitschieters uit die periode ‘Since You Broke My Heart’, een droef en tegelijk opzwepend nummer, ‘Crying In The Rain’ en ‘Temptation. Zelfs het sentimentele ‘Let It Be Me’ oversteeg de zoeterigheid van andere versies.

Vanaf 1964, door toedoen van onder meer the Beatles, the Rolling Stones en the Kinks, vergat ik de broers een beetje. Maar soms doken ze nog wel eens op, zoals met ‘Gone, Gone, Gone’, ‘The Price Of Love’ en ‘Love is Strange’. Pas veel later zou ik van dat laatste de geweldige originele versie – pure seks - door Mickey & Sylvia horen.

De broers kregen eindelijk weer enige erkenning – tot dan werden ze samen met the Beach Boys in het nostalgiehoekje gestopt - toen Simon & Garfunkel hun ‘Bye Bye Love’ coverden voor ‘Bridge Over Troubled Water’, verschenen in januari 1970. Net zoals Rick Nelson en Carole King werden ze daarna ook omarmd door de Love Generation en het 'langharig werkschuw tuig'.

 
Everly-Brothers-boudleaux.jpg

De Everly Brothers maakten niet alleen uitstekende singles, sommige van hun elpees zijn voor mij werkelijk onmisbaar geworden, al heb ik die pas jaren na hun verschijnen in hun geheel kunnen beluisteren. Ik denk vooral aan 'Songs Our Daddy Taught Us' (1958), ‘The Everly Brothers Sing Great Country Hits’ (1963), ‘Gone Gone Gone’ (1965), ‘Two Yanks In England’ (1966, met enkele nummers die the Hollies, altijd al grote fans, voor hen schreven), ‘Stories We Can Tell’ (1972) en vooral ‘Roots’ (1968). Ja, 'Roots' is hun hoogtepunt, een album dat mee aan de basis lag van wat al gauw country-rock zou worden genoemd. Ik ga er hier niet dieper op in: elders op hoochiekoochie vind je er meer over.

everly-brothers.jpg

Don en Phil Everly zijn voor mij altijd de beste broers geweest, hun samenzang de mooiste samenzang. Harmonieuzer nog dan die van de andere zingende broers, de Louvins, de Stanleys, en intenser dan de  harmonie van the Hollies en the Beatles (zij het dat hun songs wat minder ingenieus zijn dan die van Lennon en McCartney, hoewel hun reguliere songschrijversduo Felice en Boudleaux Bryant ook niet mag onderschat worden). Nu ja, hun invloed op zowat iedereen die van enige muzikale (en vocale) betekenis is in de geschiedenis van de popmuziek is gekend.

En nu is Phil Everly dood... Het jaar is nog maar net begonnen. Goodbye baby boy Phil.

01-11-13

MIJN NAAM IS NIET MIJN NAAM

2013MATTI_JAC 001.jpg

 Tekening: Jan Van den Eynden 

Tijd voor echte genealogie, heel wat moeilijker en delicater om over te schrijven dan over ‘geestelijke verwantschappen’. Mijn naam is mijn naam niet. Ik heb het daar al eerder over gehad, niet in de zin van Rimbaud dat ik een ander(e) ben, of van Fernando Pessoa met zijn vele heteroniemen. Wat ik bedoel is dat ik - vaak - niet de naam van de ‘vader’ draag.  Voor een deel is mijn reële afstamming matrilineair: mijn vaders naam was niet de naam van zijn vader maar van zijn moeder. Mijn vader heette Mathieu Brouns, met zoals in Russische romans veel variaties op zijn voornaam. Brouns was de familienaam van zijn ongehuwde moeder. Ondanks veel navragen en opzoeken heb ik nooit kunnen achterhalen wie zijn vader - en mijn grootvader - was. Misschien een boer, misschien een soldaat, misschien een baron. Dat laatste is zeker een mogelijkheid omdat mijn grootmoeder – die al overleden was toen ik geboren ben – als dienstbode op een kasteel heeft gewerkt. Maar het kan net zo goed een stalknecht zijn geweest. Dat een man nooit weet of hij wel de echte vader van zijn kinderen is, was al een belangrijk thema in de toneelstukken van August Strindberg. Sindsdien is er inzake vaderschap wel een en ander veranderd.  


Aanvankelijk heette ik net zoals mijn vader Mathieu Brouns. Sinds de jaren des onderscheids heb ik het bijna altijd moeilijk gehad met zowel de voornaam als de familienaam. Waarom toch had ik dezelfde naam? Toen ik ontdekte dat mijn vader een ‘natuurlijk’ kind was, werd het voor mij nog ingewikkelder. Toch is er ook een korte periode geweest dat ik trots was op die afstamming, en wel in de periode dat ik een voorstander was van het matriarchaat, een feminist zo je wilt.

2013vader 001 (3).jpg
Kaart van krijgsgevangene van mijn vader, Mathieu Brouns.

De familienaam kon ik niet zomaar verwerpen; voor alles wat officieel is gebruik ik hem nog altijd. Mijn voornaam pasten mijn ouders zelf aan: al gauw gingen ze mij Mathi noemen in plaats van Mathieu, om toch een onderscheid te maken. Waarom hadden ze me dan niet meteen bij mijn geboorte een andere voornaam gegeven? Marcel, Arthur of Gustave, of iets dergelijks?
Ik was als kind wel al tevreden met die ‘nieuwe’ voornaam, maar omstreeks mijn vijftiende veranderde dat. Eerst ging ik me Matty noemen, omdat dat Engelser klonk – Engels, de taal waar ik verliefd op geworden was door de popmuziek, vooral door de teksten van Neil Sedaka en Bob Dylan. Later veranderde ik hem om mij nu onbekende redenen in Matti. Ik vermoed dat ik de y achteraan meer bij een hond vond passen – of hield het verband met mijn toenemende afkeer van wiskunde met de eeuwige x en y?  Maar Matti… Wat een originele voornaam, vond ik! De familienaam liet ik zoveel als mogelijk achterwege. Toen ik ongeveer twintig was ontmoette ik een Fin die ook Matti heette. In Finland heten alle mannen Matti, zei hij. Ik was een beetje teleurgesteld, maar treurde niet want in dezelfde periode ontdekte ik het stuk van Brecht, ‘Herr Puntilla und sein Knecht Matti’. Fijn dat ik een ‘held’ was, maar ik was nog liever een heer geweest dan een knecht. Later, op reis in Finland, stelde ik vast dat maar de helft van de mannelijke bevolking Matti heette. Er waren ook nogal wat Aki’s e Henri’s en dergelijke. Matti had me maar de halve waarheid verteld.

In 1995 na heel veel twijfel aan mezelf en zelfhaat (vervlochten met de afkeer van die vreselijke naam) koos ik resoluut voor een pseudoniem: Martin Pulaski. Het probleem was echter dat al mijn vrienden, kennissen en collega’s me als Matti Brouns kenden. Hoe kon ik hen ertoe brengen me voortaan als Martin Pulaski te begroeten? Onbegonnen werk.
Zo komt het dat ik sindsdien twee namen heb, een officiële en een ondergrondse – de eerste zoals ik al schreef toebehorend aan de bureaucratie, de tweede aan mijn verbeelding en aan alles wat artistiek is in mijn bestaan. Sinds internet en vooral de sociale netwerken, mijn blog, flickr, myspace, facebook en zo meer, is Martin Pulaski een openbaar bestaan gaan leiden, terwijl Brouns alleen nog maar voorkomt op allerlei documenten (belastingbrief, rekeninguittreksels, et cetera). Matti zonder meer ben ik voor mijn vrienden en dat zal nu wel nog een tijd zo blijven.

Ongetwijfeld is dit bijzonder interessant materiaal voor psychoanalytici en wellicht nog veel meer voor mensen die overal op zoek gaan naar onthullingen. Aangezien heel mijn leven in mist gehuld is en het - zoals vandaag in deze streken - altijd stormt om mij heen en overal waar ik kom de bliksem inslaat, aangezien ik overal waar ik vertrek verschroeide aarde achterlaat, aangezien ik toch ook meestal onzichtbaar ben, en aangezien zeker wat en wie ik ben voor velen een raadsel is, betekenen deze woorden weinig, en is er nog steeds even weinig onthuld. Of heb jij, lezer, geen geheimen dan?

long live the king 2.jpg

19-09-13

GRAM PARSONS IN NEERHAREN EN ELDERS

anita-pallenberg-gram-parsons-keith-richards.jpg

Op 19 september 1973, vandaag veertig jaar geleden, overleed Cecil Ingram Connor III, nu ook in deze streken beter bekend als Gram Parsons.

De grondlegger van de countryrock en van wat soms Americana wordt genoemd was en is een van mijn muzikale helden. Zijn breekbare stem hoorde ik voor het eerst in 1968 op de elpee ‘Sweetheart Of The Rodeo’ van The Byrds. Een jaar later wist hij me samen met zijn kompanen van The Flying Burrito Brothers helemaal voor zich te winnen.

Hun elpee ‘The Gilded Palace Of Sin’, een juwelenkist zo groot als ‘The Gilded Palace Of Sin’ (er is geen vergelijking mogelijk), heeft mij en sommige van mijn vrienden de weg gewezen naar het Amerikaanse platteland, naar de weidse landschappen die ik hier onlangs al noemde, en vooral naar het muziekgenre dat daar ontstaan is, country.

Toen de eerste elpee van The Flying Burrito Brothers verscheen bracht ik mijn weekends en vakanties door op het binnenvaartschip van mijn ouders, meestal in Neerharen aangemeerd. Ik draaide de plaat daar op mijn kleine gele platenspeler, die ik buiten op het voordek had geplaatst. Het valt bijna niet te beschrijven hoe ik me voelde bij het horen van de hemelse samenzang van Gram Parsons en Chris Hillman en van de bijna onwerelds klinkende steelgitaar van ‘Sneaky’ Pete Kleinow. Hoe die klanken even boven het veld bleven hangen, waar zelfs de paarden verwonderd leken te staan luisteren, en vervolgens tegen de brug botsten en daarna bij me terugkeerden. Magie die mijn kleine wereld voor altijd verruimde. De rest is mooie en bijzonder droeve geschiedenis.

Weinigen verwachtten in die dagen dat Gram Parsons de erkenning zou krijgen die hij zo verdiende. Wat is het dan ook geweldig dat hij hier nu zomaar op de vaderlandse radio wordt herdacht en geëerd.

 gram parsons,1973,1968,1969,2013,legende,held,country,country rock,americana,roots,neerharen,flying burrito brothers,byrds,muziek,landschap,ruimte,tijd

...

Foto'sAnita Pallenberg, Keith Richards en Gram Parsons in Joshua Tree © MICHAEL COOPER; Gram Parsons in Joshua Tree © MICHAEL COOPER

04-05-07

LEVEN ZOALS HET WAS: BOOMKWEKERIJSTRAAT

leven,seventies,huwelijk,boomkwekerijstraat,brussel,everly brothers,roots,new morning,bob dylan,muziek,pop,popcultuur,country,marc didden,luizen,les anges noirs,1970,1971,ddt

Foto: Martin Pulaski


Vaak als ik the Everly Brothers beluister, meer bepaald de schitterende elpee ‘Roots’, waarop Ry Cooder, Clarence White en Randy Newman meespelen, denk ik terug aan mijn eerste vrouw, mijn zoon (toen een baby) en zeker ook aan mijn oude vriend Marc D. en aan die wonderlijke tijd van mijn eerste maanden in de Boomkwekerijstraat, boven de nightclub Les Anges Noirs van Fonseca. Marcs langspeelplaten, of toch een deel ervan, stonden bij ons in de salon tegen de muur. Hij maakte een lange reis door de Verenigde Staten, iets waar wij in die tijd alleen maar van konden dromen, wat we overigens heel vaak deden. Plaatsnamen als Mendocino en Mobile, Alabama bezaten een magische klank voor ons.

Wij leefden in de Boomkwekerijstraat in een luizige flat waar alleen maar liefde en armoede heersten. Dat luizig bedoel ik letterlijk. We hebben de beestjes met DDT moeten uitroeien. We wisten dat DDT een smerig goedje was, maar hadden weinig keuze. Luc, een andere vriend van ons, die bepaald rijke ouders had, kwam ons soms blikjes ganzenlever met truffel brengen. Dat mysterieuze voedsel aten we met een stuk bruin brood. En dan waren er die langspeelplaten van Marc om te ontdekken: ik herinner me de eerste van Crosby, Stills & Nash, een dubbele verzamelaar van Them (ik had slechts ep’tjes van Them, Gloria, Here Comes The Night, Baby Please Don’t Go, vlijmscherpe rock & roll is dat), maar bovenal herinner ik me 'Roots' van the Everly Brothers. Alleen al het nummer 'I Wonder If I Care As Much'. Ja, 'Roots' was de mooiste uit de stapel, ik legde ze zeker één keer per dag op. Nu doe ik dat nog steeds zeker twee keer per jaar, terwijl ik kan kiezen uit een zesduizendtal vinyl grammofoonplaten en ongeveer evenveel cd’s. Vaak is die keuze trouwens moeilijk, en dan keer ik gewoon terug naar de oude vertrouwde stuff: Bob Dylan, Nico, Joni Mitchell, Fairport Convention, Nick Drake, Fred Neil, Tim Buckley, Randy Newman, the Byrds, Gene Clark en the Rolling Stones. En naar 'Roots' van The Everly Brothers, met hun hemelse stemmen.

 

leven,seventies,huwelijk,boomkwekerijstraat,brussel,everly brothers,roots,new morning,bob dylan,muziek,pop,popcultuur,country,marc didden,luizen,les anges noirs,1970,1971,ddt

Een andere onvergetelijk plaat uit die periode – zomer 1970 tot zomer 1971 – was 'New Morning' van Bob Dylan. Als ik me in de badkamer bevond hoorde ik de elpee bij de bovenburen weerklinken. Dat gebeurde alleen overdag. ’s Avonds was er alleen maar een tientallen minuten durend Sans chemise et sans pantalon van Fonseca, de zwarte zanger beneden in Les Anges Noirs. Die muziek klonk zo luid dat de vloer ervan daverde. Dat gebonk was heerlijk om bij te slapen. Bij ons lag in die tijd ook de hele dag 'New Morning' op. Went To See The Gypsy vind ik nog altijd onovertroffen, maar eigenlijk is de hele plaat een meesterwerk, één van de beste van Bob Dylan. Die eenvoud, dat zichzelf herontdekken… In die tijd gingen elpees maandenlang mee. Je kocht iets wat je goed vond en dat beluisterde je haast onafgebroken, tot je de songs door en door kende. Een elpee omdraaien was haast een rituele handeling. Je moest er alleszins je handen voor gaan wassen.

Op een dag werd in de Boomkwekerijstraat langs de smalle trap een piano naar boven gedragen, naar de tweede verdieping. Daar woonden studenten van het Insas, de Franstalige filmschool, tegenhanger van het Rits (dat toen nog Ritcs heettte). Onze kant van de straat was bijna helemaal door filmstudenten ingepalmd. De overkant bestond uit dure uitzuipbars. De hele nacht reden de Jaguars en Alfa Romeos af en aan. Hun eigenaars kwamen champagne drinken en hoeren inladen. Wij dronken muntthee en water. Alcohol was volstrekt uit den boze, dat hoorde niet bij het rustieke leven waarvan wij droomden, de terugkeer naar de roots. Ik geloof dat ik nooit gelukkiger ben geweest dan toen ik hele dagen het tijdschrift Aloha zat te lezen, en Rolling Stone, toen nog een hip tijdschrift, terwijl op de achtergrond de stemmen van Don en Phil Everly en van Bob Dylan klonken.

leven,seventies,huwelijk,boomkwekerijstraat,brussel,everly brothers,roots,new morning,bob dylan,muziek,pop,popcultuur,country,marc didden,luizen,les anges noirs,1970,1971,ddt