17-02-07

MIJN ONVERDRAAGZAAMHEID

amour fou,opstand,kant,andre breton,verward,verontwaardiging,verdraagzaamheid,spektakel,onverdraagzaamheid,apocalyps,themroc,huizinga,potemkin

Een tijdje geleden viel ik de komediantenmaatschappij aan, waar wij met zijn allen deel van uitmaken. Individuen als Johan Huizinga (van Homo Ludens) en André Breton (van L’amour fou) zijn niet meer mogelijk, denk ik. Authentieke mensen, die volledig autonoom denken en handelen. Iedereen gedraagt zich min of meer volgens dezelfde regels en stilzwijgende afspraken. Alleen misdadigers wijken daar nog van af - of bevestigen ze net door ze te ontkennen, door ze te overtreden. Iedereen handelt alsof hij/zij de wereld aangenaam vindt en niet ziet wat voor een schandaal het bestaan in werkelijkheid is. Alsof het doodgewoon is dat de armen razendsnel armer worden, de ellendigen ellendiger, en dat de minderheid die bezit zich zeer ellendig voelt (zonder het te uiten, tenzij tegen de psychiater). Alsof het vanzelfsprekend is dat niets nog iets betekent. 


Ging ik te ver met mijn tirade? Ik weet het niet. Ik was in de war. Vandaag ben ik nog meer in de war. Ik heb zo van die dagen. Niets schijnt dan nog steek te houden. Supermarkten, televisietoestellen, hondenhokken, sterrenstelsels. Wat maakt onze samenleving kapot? Moeilijk te zeggen. In de eerste plaats onze verdraagzaamheid, denk ik. Ik heb het nu niet over het omgaan met mensen uit andere landen, over onze houding tegenover onze broeders en zusters, onze gelijken. Ik heb het over de verdraagzaamheid ten aanzien van alles wat ik hierboven al heb genoemd. Wij zwijgen en doen wat van ons wordt verwacht. Uit ons midden staat geen Themroc op, of, zoals in de Pantserkruiser Potemkin, een matroos die weigert nog langer rot vlees te eten.
Is het de teleologie die onze wereld vernietigt? Het kantiaanse doelgerichte denken? Where will it end? De managersmaatschappij? Ik manage jou als jij mij managet. Come on baby, scratch my back!

We lijden aan het onvermogen om werkelijk kritisch te leven, onszelf telkens opnieuw uit te vinden, we zijn slaven van onze gewoonten, van onze dagelijkse routines. Wij zij arrogant in onze zelfgenoegzaamheid. Wij zijn niet brutaal als we brutaal zouden moeten zijn en verbannen de waanzin van de liefde uit ons bestaan. Lef is een lelijk woord, maar ik vind geen ander. Of toch wel… Opstandigheid, rebellie, gelukzalige ontevredenheid, verontwaardiging, woede, razernij, tederheid, ziedend verlangen, niets ontziende liefde, alles ontziend egoïsme, openheid… Zijn die begrippen geen sporen die in de juiste richting wijzen? Die ons opnieuw wortel kunnen laten schieten in een vruchtbare afgrond? Ja, afgrond, want ik huiver van de grond, die met bloed doordrenkt is. Ik ben in de war vandaag. Hoe kunnen wij de wereld zuiveren van al dat bloed? Hoe kunnen wij de eeuwige vrede vinden? Hoe kunnen wij de laatste oorlog luidkeels een halt toeroepen? Hoe? Ik ben in de war vandaag en zeer onverdraagzaam. Hoe kan ik anders zijn?