15-12-16

TIEN DAGEN DIE MIJN WERELD DEDEN WANKELEN (9)

avenir.jpg

Dag 6: 7 november 2016

‘L’avenir’ van Mia Hansen-Løve is een sublieme film, met Isabelle Huppert in de hoofdrol. Isabelle Huppert die nog maar eens een keer verrast. Maar hoe kan dat? Iemand die ons al zo vaak heeft verrast kan dat toch niet blijven herhalen? En toch doet ze het. Iedereen die haar van in het begin gevolgd heeft, weet het. Voor mij was het begin ‘Les valseuses’. Het was het slipje van de jonge Isabelle – van haar personage - dat die twee voyous, Patrick Dewaere en Gérard Depardieu besnuffelden. Ik twijfel er niet aan dat Isabelle Huppert zowat ieders favoriete actrice is, of ze is dat toch voor elke denkende mens, man of vrouw, die van mooie, sterke, getalenteerde en intelligente vrouwen houdt.

‘L’avenir’ behoort tot het soort van films dat er voor mij uitspringt. Er wordt een eenvoudige verhaal verteld, met een diepere onderlaag, de fotografie is uitstekend, de dialogen zijn geloofwaardig, er wordt voortreffelijk maar helemaal niet spectaculair geacteerd. Een kleine Franse film par excellence. Met ‘klein’ bedoel ik niets negatiefs, integendeel. Alain Tanner maakte ook zulke films, maar Tanner is wel een Zwitser. Aan Eric Rohmer moest ik ook denken. Je zou deze bepaalde vorm ‘lichtvoetige diepzinnigheid’ kunnen noemen. De filosofische achtergrond van ‘L’avenir’ geeft een extra dimensie aan de film. Rousseau, het katholicisme, Chateaubriand, het radicalisme tegenover het gematigde links van de neo-bourgeoisie (die haar rebellie al lang achter zich heeft). ‘L’avenir’ geeft zin, in de twee betekenissen van het woord. Ik heb alvast zin gekregen om opnieuw Rousseau te gaan lezen, vooral ‘Le contrat social’ en ‘La nouvelle Héloïse’. En alle films met Isabelle Huppert opnieuw (en opnieuw) te gaan zien.

Mevrouw De Block verhoogt de prijs van een aantal geneesmiddelen en wil op die manier “de middenklasse redden”. Net zoals de banken dat willen doen door binnenkort een negatieve rente op de spaarrekeningen in te voeren. De echte middenklasse belegt namelijk. Desnoods leent ze geld om te kunnen beleggen. De economie moet gestimuleerd worden. Het land moet groeien. Volgens Bob Dylan hebben we iets helemaal anders nodig dan duurdere geneesmiddelen en een negatieve rente op de spaarrekeningen om het land te doen groeien:
Well, my telephone rang, it would not stop
It's President Kennedy callin' me up
He said, “My friend Bob, what do we need to make the country grow?”
I said, “My friend John, Brigitte Bardot
Anita Ekberg
Sophia Loren
Country'll grow.”
Bob Dylan - I Shall Be Free

Mogelijk zitten de Amerikanen (en wij met hen) binnenkort met een heel ander soort president dan John Kennedy opgescheept. Een mysogine, racistische, vuilgebekte miljardair. Maar zover zijn we nog niet. Nog even geduld, nog even wat vulgaire verkiezingsshows proberen te ontwijken, nog één keer slapen. Niet dat mevrouw Clinton mijn sympathie krijgt. Ze is dan wel geen racistische, vuilgebekte miljardair, maar ze wordt gesteund door Wall Street (waar onder meer de wapenindustrie thuis is). Maar liever nog een schouwspelkapitalist met enkele progressieve ideeën dan een onvoorspelbare casinokapitalist met niets dan obsessies en stemmingswisselingen.

karst woudstra dodendans 2.jpg

Op facebook ben ik nu bevriend met Karst Woudstra, een man die ik al zo lang bewonder. Door hem heb ik het werk van Lars Noren leren kennen. Hij heeft mij opnieuw in aanraking gebracht met de (toneel)auteurs waar ik lang geleden al van hield: Henrik Ibsen en August Strindberg. Hij heeft me zonder veel opsmuk of tralala laten zien hoe geniaal beide mannen wel waren – en hoe modern, hoe hedendaags hun werk is. Het was uiteraard ik die hem als vriend vroeg. Een uurtje later aanvaardde hij mijn verzoek. Dat je zoveel van Patrick Modiano houdt volstaat voor mij om ja te zeggen, schreef hij me. (Hij had er dus geen idee van dat ik ook een bewonderaar was van Strindberg, Ibsen, Lars Noren en van de melancholische Karst Woudstra zelf). Een voorbeeld van de theorie van Frigyes Karinthy die ervan uitgaat dat alle mensen via maximaal vijf tussenpersonen en zes tussenstappen met elkaar verbonden zijn (six degrees of separation).


Om één uur, een uur voor de lunch, ga ik een uur rusten. Ik denk nu onwillekeurig aan Nietzsche, die eerst het hoofdgerecht at en pas daarna de soep. Als ik ontwaak weet ik niet welk moment van de dag het is. Ochtend? Middernacht? Het duurt even eer ik weer in de realiteit ben. Weer een uur verspild. De herfst gaat aan me voorbij zonder dat ik er deel aan heb. Ik had veel meer door het raam moeten kijken, naar de bonte herfstkleuren. Wat een decadente uitspraak! Ik had veel meer naar buiten moeten gaan, gaan wandelen in parken, in het Terkamerenbos, in het Zoniënwoud. Ik had me in de herfst moeten verliezen. In plaats van me in de werkelijkheid onder te dompelen sluit ik me er van af, om wat woorden aan mijn laptop toe te vertrouwen (en met potlood aan mijn dagboek), om enkele paragrafen te lezen, om zoals zojuist naar Bruce Springsteens ‘Tom Joad’ te luisteren, om naar een film te kijken.

gasparnoe-love-00.jpg

Voor veel films echter moet je ook de deur uit. Van landschappen blijft bijna niets over op een klein scherm. Van paarden. Van de wijde ruimte. De kleuren van de hemel. Een vlucht wilde eenden. Maar ook van intimistische films als ‘Love’ van Gaspar Noë blijft weinig over. Bij die film moet je de lichamelijkheid kunnen voelen. De huid. Het zweet. Lichaamsappen. Sperma. Speeksel. Op het kleine scherm gebeurt er niets van dat alles en is het een vervelende film. Wat hij waarschijnlijk op het grote scherm ook is, maar dat weet ik nu niet. De beste erotische film vind ik overigens nog steeds ‘Last Tango In Paris’ van Bernardo Bertolucci, met Maria Schneider, Marlon Brando en Jean-Pierre Léaud. Maar dat is niet echt een erotische film: het is een tragedie. Een tragedie waar sommige mensen graag een klucht van zouden willen maken, of een soap. Zoals de soap die nu in de Verenigde Staten gaande is. Maar dat wordt zeer waarschijnlijk een tragedie. Misschien de ergste die wij, die babyboomers worden genoemd, ooit hebben gekend.

Manchurian-Candidate-Creepy.png

...

 

Afbeeldingen:'L'avenir; Dodendans; Gaspar Noë's Love, The Manchurian Candidate.

04-10-16

CRISIS, NUCHTERHEID, UTOPIE

Drive-By-Truckers-American-Band.jpg

Ontwaken met misselijkmakende hoofdpijn en nog moeër dan toen ik ging slapen: het verbaast met niet meer. Ik voel me al enkele weken, maanden zelfs, slap en uitgeput maar vind geen duidelijke oorzaak. Te weinig energie om een literaire tekst te schrijven, om woorden met het oog op concrete schoonheid met elkaar een verband te laten aangaan. Om er zinnen van te maken en paragrafen die tot de verbeelding spreken. Mijn eigen verbeelding is alleen ’s nachts aan het werk, als ik het geluk heb te dromen. Misschien maakt die nachtelijke activiteit me zo moe? Tot nog niet zo lang geleden noteerde ik mijn dromen en gebruikte die (soms) als grondstof voor schetsen en verhalen. Nu kan ik de stap van de chaotische droom naar de heldere verwoording niet meer zetten. Voorlopig toch niet. Bovendien is al meerdere jaren binnen in mij een gevecht aan de gang tussen het dromerige, wat ik de mijmering noem, en de nuchtere beschouwing. Ik dacht de twee vormen te kunnen combineren, maar ik blijf afwachten. Te lang misschien? Want het gezond verstand zegt dat je moet doen, handelen, en niet stil blijven zitten en altijd maar aarzelen en twijfelen.

Het verbaast me ook niet meer dat bij ING meer dan drieduizend mensen worden ontslagen. Ook zulke gebeurtenissen dragen bij tot de misselijkheid die ik voel, maar verbazing? Nee, geen verbazing. De multinationals en de banken staan boven elke wet en ze hebben ons en ‘onze’ politici in hun wurgende greep. Ik schaar me achter vakbondsacties, stakingen en betogingen, maar weet dat alleen een revolutie op zeer grote schaal deze ellendige stand van zaken kan veranderen. In het verleden is het echter na een revolutie zelden beter geworden. Lees er – onder meer – Peter Sloterdijks ‘De verschrikkelijke kinderen van de nieuwe tijd’ maar op na. (Overigens geloof ik dat na bestudering van dat diep pessimistische boek mijn mijmerend schrijven is stilgevallen.) Is er dan helemaal geen uitweg? Weinigen schijnen nog een antwoord te hebben, het begin van een oplossing voor te stellen.

The HarderTheyCome.JPG


Ik beluisterde ‘American Band’ van Drive-By Truckers en kreeg weer hoop. Dit is Amerikaanse rock & roll die uit de ziel en het hart komt, opstandig en sterk en trots maar zonder zekerheid hoe het nu allemaal moet. Wat zeker is, is dat muziek en kunst in het algemeen bij om het even welke maatschappelijke verandering een doorslaggevende rol zullen spelen. Patterson Hood en Mike Cooley, de liedjesschrijvers van de Truckers, maken protestsongs van deze tijd. Ze gaan over de Verenigde Staten, het Zuiden, racisme, geweld, maar ze zijn tegelijk universeel. We kunnen ons herkennen in de problemen die ze beschrijven, in de immense crisis die in de Verenigde Staten gaande is maar die ook ons Europeanen dreigt te verlammen. De teksten van de Truckers drukken wanhoop uit maar de muziek zit vol hoop en energie en leven. Deze muzikanten doen het niet alleen maar voor het geld, voor de drugs en de groupies, zeker niet. Je hoort dat ze naar een waarheid zoeken, naar iets wat in het verleden waardevol was en dat in de toekomst nog zal zijn.

Wat me opvalt is dat wat de voorbije dagen tot me doordrong veel samenhang vertoont: de ‘objectieve’ werkelijkheid, hoe die in de media aan ons wordt getoond, de apocalyptische serie ‘The Leftovers’ – met daarin het prachtig lied ‘Let the Mystery Be’ van Iris DeMent - , ‘The Harder They Come’ – vertaald als ‘Wie storm zaait’ - van T.C. Boyle en ‘American Band’ van Drive-By Truckers. Dat kan geen toeval zijn. Het is, denk ik, de hoogste tijd om de energie die ons nog rest op een positieve manier aan te wenden. Niet alleen door elkaar alleen maar te verdragen of naar elkaar te luisteren maar door elkaar lief te hebben. Ik weet dat het utopisch klinkt maar we zijn allemaal van dezelfde familie.

Leftovers_PillarMan.jpg

 

05-06-16

MONEY IS KING: UITGETELD

only in it for the money.jpg


Dit is de playlist van Zéro de conduite van gisteravond, 4 juni 2016.


Money (That's What I Want) – Barrett Strong
Single, 1959
Van Berry Gordy & Janie Bradford. Eerste hit voor Gordy’s Tamla Motown-label. Het nummer werd vaak gecoverd, onder meer door the Sonics, the Rolling Stones, the Beatles en the Flying Lizards.

For The Love Of Money - Defunkt
Thermonuclear Sweat – Hannibal Records, 1982
De originele versie is van the O’Jays. Een compositie van Kenneth Gamble, Leon Huff en Anthony Jackson.

Money Won't Change You - James Brown
Single, King, 1966.

Shake Your Moneymaker - Elmore James
Fire Records, 1962
Ik leerde dit in de sixties kennen via Britse bluesbands als Fleetwood Mac en Chicken Shack.

Elmore-james-01.jpg

Tax Paying Blues - J.B. Lenoir
Opgenomen begin jaren vijftig. Min of meer hetzelfde nummer als Lenoir’s ‘Eisenhower Blues’, maar alle referenties naar de president werden hier verwijderd. De omstandigheden die Lenoir beschrijft zijn in beide versies even hard.

Love Money Can't Buy - John Lee Hooker
Opgenomen in de periode 1948-1952 voor Bernie Besman in de United Sound studios in Detroit.

Stuff They Call Money – Dave & Phil Alvin
Common Ground: Dave Alvin & Phil Alvin Play and Sing the Songs of Big Bill Broonzy, Yep Roc records, 2014. Met Gene Taylor op piano.

No Money Down – Chuck Berry
After School Session – Chess, 1957
Chuck Berry’s eerste langspeelplaat. ‘No Money Down’ is een song voor kieskeurige autofreaks. Een illustratie van het kapitalisme in precies drie minuten.
chuckberry2.jpg

Money Honey - Clyde McPhatter & The Drifters
Single, Atlantic, 1956
Ook op:  Atlantic Rhythm & Blues Vol. 2 (1947-1974)
Van Jesse Stone

No Money - Johnny Ace [aka John Marshall Alexander Jr.]
Memorial Album, Duke Records, 1956 (bonus track op latere edities)
‘Memorial Album’ verscheen kort na de tragische dood van Johnny Ace. Zelfmoord in de vorm van Russische roulette, wat niet zal verbazen na het beluisteren van dit aangrijpende, wanhopige lied.

Ain't Got The Money To Pay For This Drink - George Zimmerman and the Thrills with the Bubber Cyphers Band
JAB Records, 1956
Van Frank Armstrong
Bob Dylan draaide dit in zijn Theme Time Radio Hour met als thema ‘Drink’.

Money - Mel Blanc
Capitol, 1954
Mel Blanc was de stem van heel wat cartoonhelden, onder meer van Bugs Bunny en Barney Rubble. En van Speedy Gonzales in de gelijknamige hit van Pat Boone.
Song van Stan Freeberg en Ruby Raskin.

Money Is King - Van Dyke Parks
Song Cycled, Bella Union, 2013
Van Neville Marcano, alias the Growling Tiger, een calypsozanger uit Trinidad.

If a man have money and things going nice
Any woman will call him honey and spice
But if he can't buy a dress or a new pair of shoes
She will say she's got no uses for you
If you try to caress her, she will tell you "stop!"
"I can't carry love in the grocery shop"
So most of you will agree it's true
If you haven't money, dog is better than you

Into_the_Purple_Valley_Ry_Cooder.jpg

Taxes On The Farmer Feeds Us All - Ry Cooder
Into The Purple Valley - Reprise, 1972
Traditional, arrangement Ry Cooder.

Payday - Jesse Winchester
Jesse Winchester, Ampex Records, 1970
Met Robbie Robertson als producer en gitarist.

And some fools will try to tell you
It's a sin to feel this way
Yeah, it feels so funny
Having all this money today
I think I feel like dancing the night away


Dollar Bill Blues - Townes Van Zandt
Flyin' Shoes, Tomato, 1978
1978 was het gezegende jaar waarin ik Townes Van Zandt’s muziek ontdekte, en wel met deze elpee, een hoogtepunt in zijn oeuvre (dat voornamelijk uit hoogtepunten bestaat).
townes - flyin shoes.jpg

One More Dollar - Gillian Welch
Revival, Almo, 1996
Producer: T-Bone Burnett
Met James Burton en Greg Leisz.
Ook deze LP, de eerste van Gillian Welch, was voor mij een revelatie. Nu twintig jaar geleden alweer.

Got No Bread, No Milk, No Money, but We Sure Got a Lot of Love - James Talley
Got No Bread, No Milk, No Money, etc - Capitol, 1975
James Talley ontdekte ik in het boek ‘Lost Highway’ van Peter Guralnick.

My Baby's Just Like Money - Merle Haggard
Roots, Vol. 1, Anti-Records, 2001
Samen met George Jones en Buck Owens legde Merle Haggard de basis voor de moderne country.

Lefty_Frizzell_signed.jpg

If You've Got the Money, I've Got The Time - Lefty Frizzell
Columbia, 1950
Ook op: Columbia Country Classics - Volume 2: Honky Tonk Heroes.

Man With the  Money –The Everly Brothers
Beat and Soul, Warner Brothers, 1965
Gecoverd door the Who, als bonustrack op ‘A Quick One’.

Money - Lovin' Spoonful
Everything Playing, Kama Sutra, 1968
Zo’n typisch speelse song vol levenswijsheid van John Sebastian.
Producer: Joe Wissert.

The Moneygoround - The Kinks
Lola Versus Powerman And The Moneygoround, Part One, Pye, 1970

Robert owes half to Grenville
Who in turn gave half to Larry
Who adored my instrumentals
And so he gave half to a foreign publisher
She took half the money that was earned in some far distant land
Gave back half to Larry and I end up with half of goodness knows what
Oh can somebody explain why things go on this way
I thought they were my friends I can't believe it's me, I can't believe that I'm so green
Eyes down round and round let's all sit and watch the moneygoround
Everyone take a little bit here and a little bit there
Do they all deserve money from a song that they've never heard
They don't know the tune and they don't know the words
But they don't give a damn
There's no end to it I'm in a pit and I'm stuck in it
The money goes round and around and around
And it comes out here when they've all taken their share
I went to see a solicitor and my story was heard and the writs were served
On the verge of a nervous breakdown I decided to fight right to the end
But if I ever get my money I'll be too old and grey to spend it
Oh, but life goes on and on and no one ever wins
And time goes quickly by just like the moneygoround
I only hope that I'll survive


Until the Poorest Of People Have Money To Spend - West Coast Pop Art Experimental Band
A Child's Guide To Good And Evil, Reprise, 1968.

Let's go away
and not come back again
until the poorest of people
have money to spend


You Never Give Me Your Money - The Beatles
Abbey Road, Apple, 1969
Deze collage-song was wellicht het laatste woord over de carrière van the Beatles. Van de hand van Paul McCartney with a little help from George Martin.

Money - Badfinger
Straight Up, Apple, 1971
Producer: Todd Rundgren en George Harrison.
Van Tom Evans.
De songs van Badfinger waren blauwdrukken voor die van Big Star (Alex Chilton en Chris Bell).

Blue Money - Van Morrison
His Band And The Street Choir, Warner Brothers, 1970
Perfectie bestaat niet, maar toch is deze hele plaat perfect.

miller-steve-band-2.jpg

Take The Money And Run - The Steve Miller Band
Fly Like An Eagle, Capitol, 1976
Het verhaal van Billy Joe en Bobby Sue. Een van de uitbundigste en vrolijkste rocksongs die ik ken.
Met deze geweldige versregels:

Billy Mack is a detective down in Texas
You know he knows just exactly what the facts is
He ain't gonna let those two escape justice
He makes his livin' off of the people's taxes

Lawyers, Guns And Money - Warren Zevon
Excitable Boy, Asylum, 1978
Producers: Jackson Browne, Waddy Wachtel.

Now I'm hiding in Honduras
I'm a desperate man
Send lawyers, guns and money
The shit has hit the fan

warren-zevon-excitable-boy.jpg

Free Money - Patti Smith
Horses, Arista, 1975
Producer: John Cale
Van Lenny Kaye en Patti Smith
‘Horses’ is een hoogtepunt in de onze cultuur. Telkens als je de plaat beluistert houdt de tijd op. Het is nog steeds de tijd van ‘Horses’. Er is niets veranderd. Het leven is een droom. Ik geloof niet dat Patti Smith ooit iets deed voor het geld.

Money (That's What I Want) [single edit] - The Flying Lizards
Lange versie op: The Flying Lizards, Virgin, 1979
Producer: David Cunningham
Een Britse post-punkversie van de classic van Berry Gordy.

Can I Have My Money Back? - Gerry Rafferty
Can I Have My Money Back?, Transatlantic, 1971

A Nickel For The Fiddler - Guy Clark
Old No. 1, RCA, 1975
Johnny Gimble op fiddle
Producer: Neil Witburn.
Opgedragen aan alle overleden muzikanten. Het moet nu maar eens ophouden met al dat sterven.

Bonus tracks

Million Dollar Bash - Bob Dylan & The Band - The Basement Tapes

Top Dollar - Whiskeytown - Faithless Street

If Money Talks - Jason & The Scorchers - Are You Ready For The Country

I Will Turn Your Money Green - Alex Chilton - Alex Chilton

Clean Money - Elvis Costello & The Attractions - Armed Forces

Money - The Sonics - Here Are the Sonics

Easy Money - Rickie Lee Jones - Duchess Of Coolsville: An Anthology

'Til The Money Runs Out - Tom Waits - Heartattack And Vine

If You've Got Money (Live) - Bridget St John - Thank You For…

Had More Money - Dave Van Ronk - Down In Washington Square: The Smithsonian Folkways Collection

Money - Pink Floyd - The Dark Side Of The Moon

We’re Only In It For The Money – The Mothers Of Invention (hele elpee)

dave-vanronk.jpg

Tot volgende maand!

04-06-16

ZERO DE CONDUITE: MONEY IS KING

money.jpg

Zéro de conduite is een POPprogramma op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Een muzikaal evenement voor allen en voor niemand. Uniek in het universum. Stem af op 106.7 FM.
Je kunt Zéro via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over de radio.

radio,zéro de conduite,radio centraal,antwerpen,juni 2016,muziekgeschiedenis,money,geld,money is king,kapitalisme,country,soul,rock,blues,punk,pop,popcultuur,verhalen,bouwwerk,perfectie,perfectionisme,obsessie


If a man have money and things going nice
Any woman will call him honey and spice
But if he can't buy a dress or a new pair of shoes
She will say she's got no uses for you
If you try to caress her, she will tell you "stop!"
"I can't carry love in the grocery shop"
So most of you will agree it's true
If you haven't money, dog is better than you

Money Is King - Neville Marcano (The Growling Tiger)

radio,zéro de conduite,radio centraal,antwerpen,juni 2016,muziekgeschiedenis,money,geld,money is king,kapitalisme,country,soul,rock,blues,punk,pop,popcultuur,verhalen,bouwwerk,perfectie,perfectionisme,obsessie

Begon het met de uitvinding van het geld de verkeerde kant op te gaan met de mens? Geld betekent voornamelijk ellende en toch draait heel ons leven er rond. Hoewel geld al lang geen feitelijke waarde meer heeft hebben we het met zijn allen nodig. Geld is abstract, zoals god: als je er niet in gelooft bestaat het niet meer. Maar zonder de nietigheid van het geld zijn we zelf niets en betekenen we niets.

Altijd al vermijd ik het gebruik van het woord muziekindustrie, maar daarom verdwijnt ze nog niet. De muziekindustrie is een feit. Wat sommigen de muziek van de duivel noemen is in werkelijkheid de muziek van het geld. Niet kunst, schoonheid of zelfs muziek is de essentie van de muziekindustrie, maar geld. Sommige vormen van volksmuziek onttrekken zich daar enigszins aan, bijvoorbeeld gospel, folk en authentieke punk. Tamla-Motown is een prototype van de muziekindustrie. De eerste hit die in de Hitsville U.S.A.-fabriek werd geproduceerd heette ‘Money (That’s What I Want)’. Berry Gordy, de oprichter van het label, schreef deze beginselverklaring samen met Janie Bradford. Het nummer werd in 1959 een hit voor Barrett Strong, die later samen met Norman Whitfield op zijn beurt hits zou schrijven voor onder meer the Temptations. ‘Money (That’s What I Want)’ is het begin van een helse, meeslepende sound, zelfs op straat kun je niet anders dan erop dansen. Als je een Motown-single op de radio hoort is het gedaan met ‘noli me tangere’. Je haast je meteen naar de dansvloer of, voor Berry Gordy nog beter, naar de platenwinkel. Het zal wel geen toeval zijn dat ‘Money (That’s What I Want)’ door zowel the Rolling Stones als the Beatles werd gecoverd. En door heel wat mindere goden, zoals the Sonics en the Flying Lizards. Evenmin is het een toeval dat we vandaag in Zéro de conduite kiezen voor ‘geld’. Twee uur lang verkopen we onze ziel aan de duivel. Of was die al van in het begin bezit van Satan?

De playlist is zoals altijd helemaal af. Maar voor een keer wil ik verrassend uit de hoek komen en houd hem daarom nog tot morgen of overmorgen achter de hand. Dat het startschot Barrett Strong’s ‘Money (That’s What I Want)' is kan ik wel al verklappen.

muhammad ali.jpg



In memoriam Merle Haggard, Guy Clark, Lonnie Mack en Mohammed Ali.

Veel luisterplezier.
Gillian Welch-Dave-Rawlings-Machine.jpeg

Research, presentatie en techniek: Martin Pulaski

[Nu met correcties]

14-01-14

RETORICA EN UTOPIE

Hitler-Youth-Nuremberg-Rally-1935.jpg

“Neem het me niet kwalijk dat ik dat zo zeg, maar jullie declamatoren zijn de hoofdschuldigen die de welsprekendheid bedorven hebben. Door met jullie zweverige klankorgieën allerlei drogbeelden voor te toveren, hebben jullie gemaakt dat het levende organisme van de taal ontkracht werd en afstierf.”*

Petronius, Satyricon.
 

Deze gezwollen stijl vind ik in onze tijd terug in de Vlaamse letteren (er zijn uitzonderingen, zoals dat altijd het geval is) en veel meer nog in de politieke retorica, vooral in die van de Vlaamse en andere nationalisten. Kenmerken voor nationalistische utopieën is dat ze tegelijk simplistisch en hoogdravend zijn. Een ander belangrijk element, even hoogdravend en zweverig, want nergens op gegrond, is de negativiteit. Alles wat niet tot de enge wereld van de nationalisten behoort, wat niet in hun wereldvreemde schema’s past, is problematisch, storend, is ronduit slecht.

Paul De Grauwe, toch een gerenommeerde econoom, en niet bepaald links, toont in een onderzoek aan dat Vlaanderen er ondanks zes staatshervormingen en massa’s meer ‘bevoegdheden’ economisch en bijgevolg ook sociaal op achteruit gaat. In zekere zin rechtevenredig met die ingewikkelde hervormingen, zo ingewikkeld dat geen mens er nog zijn weg in vindt, zeker niet een buitenlander die gewoon was met België handel te drijven. Iemand die ervan overtuigd was dat bijvoorbeeld bier een uitstekend Belgisch product was en nu moet proberen te begrijpen dat er helemaal geen Belgisch product bestaat, dat het om Vlaams bier gaat. Hij moet ook begrijpen dat de Belgische luchthaven Brussel-Nationaal heet en niet anders. Zodra hij per trein Brussel verlaat, op weg naar Antwerpen of Gent, moet hij Vlaams verstaan (Nederlands wordt hier al lang niet meer gesproken); met Engels, Frans of Spaans komt hij nergens. Deze twee eenvoudige voorbeelden maken meteen duidelijk waarom het niet goed gaat met de Vlaamse economie, of niet soms?

Het antwoord van de Vlaamse nationalisten op de vragen die het onderzoek van Paul De Grauwe stelt is zoals te voorzien en te verwachten was: de zes vorige staatshervormingen waren niets waard, ze gingen niet ver genoeg. De volgende staatshervorming, die fundamenteel moet zijn (hoewel ze dat woord uiteraard vermijden), zal de oplossing brengen. De nationalisten zullen daar voor zorgen. Eens die definitieve, radicale, revolutionaire en fundamentele oplossing er is gaat alles goed in Vlaanderen. Alle bedrijven zullen floreren, aan de werkloosheid komt een einde, elke Vlaming kan naar hartenlust beleggen via betrouwbare, transparante banken, de cultuur bloeit als nooit tevoren omdat vanaf nu de volkseigen traditie niet langer wordt verloochend en door het volk aanbeden iconen aan jongeren het voorbeeld geven, iedereen zal zes dagen per week een tiental uur werken en tevreden zijn met zijn salaris, voldoende om datgene te consumeren wat de florerende bedrijven hem tegen een spotprijs aanbieden. Wie toch eens over de schreef gaat en bijvoorbeeld een kersenpit op straat uitspuwt of een broodje aan een bedelaar geeft (hoewel die er niet meer zullen zijn) betaalt met een glimlach zijn GAS-boete.

Ik was bij geen van beide spektakels, maar wat ik las over het nieuwjaarsfeest van de Vlaams-nationalisten in Flanders Expo doet me enigszins denken aan beelden die ik zag van een congres van de nazipartij in Neurenberg in 1934. De bejubelde en verguisde regisseur Leni Riefenstahl maakte er het angstaanjagende meesterwerk, ‘Triumph des Willens’ van. Naar mijn weten heeft de NVA voorlopig nog niet zo’n getalenteerde regisseur in dienst, maar de partij heeft alvast veel steun in de Vlaamse media, vooral bij mediafiguren die bang zijn hun baantje te verliezen of hopen na de verkiezingen van dit jaar eindelijk tot de top door te dringen. Net zoals de nationaal-socialisten destijds in Duitsland worden de rechtsliberale nationalisten in ons land volop gesteund door grote bedrijven. Dit mag echter niet geschreven worden, er mogen geen vergelijkingen gemaakt worden met de jaren twintig en dertig, met de opkomst van het nazisme, dat wordt reductio ad hitlerum genoemd, een drogreden zegt men, dat mag niet. Waarom zou het niet mogen? Het is immers geen drogreden, de overeenkomsten zijn overduidelijk.
IMG_3965.JPG

Noem hen ‘Empire’ – in navolging van J.M.  Coetzee, Antonio Negri en Michael Hardt - of de één procent, noem hen de grote globale bedrijven, de bankiers, et cetera…, zij zijn het die ons, arbeiders, burgers, werkers, werklozen, zieken, gepensioneerden, studenten, jongeren, uitzuigen, die ons uitpersen, die onze arbeid stelen (of hem tot slaven- en kinderarbeid herleiden), die ons onze rechten afnemen, onze al zo onaanzienlijke macht, die profiteren van onze kracht tot er niets meer van overblijft. Voor de macht, voor de winst, voor de absurde triomf van het geld, die eigenlijk de triomf van de dood is.
Niet meer dan logisch dat ze dat willen blijven doen en dat ze daarom een partij steunen die zelf niets wil dan macht en een tamme, lamme, blind berustende massa. Wat echter onbegrijpelijk is, en almaar onbegrijpelijker wordt is dat wij, als massa, als enkelingen, nog niet helemaal lam en blind en machteloos, dat goedkeuren, dat velen onder ons binnenkort zelfs hun stem gaan uitbrengen voor een partij die ons alles af wil nemen. Hebben wij dan zoveel te verliezen? Zijn we dan zo bang? Staat er voor ons zoveel op het spel? Is onze verbeelding zo erg aan banden gelegd dat we niet meer in staat zijn om een reële utopie te ontwerpen, een utopie die niet alleen maar in dromen mogelijk is, maar in het dagelijks leven kan gedijen. Ik denk dat het mogelijk is. Het moet mogelijk zijn.

 

*Petronius, of liever het personage Encolpius, stelt die gezwollen stijl aan de kaak in precies dezeflde gezwollen stijl van zo’n declamatie.

waiting-for-the-barbarians-by-j-m-coetzee 0.jpg

...

Foto's: Triumph des Willens, Leni Riefenstahl, Arbeiders, Martin Pulaski (2013), Waiting For The Barbarians, J.M. Coetzee. 

31-01-13

EEN WERELD ZONDER DICHTERS?

2012_11_PORTO_VOLLEDIG 195.JPG

Regen. Martin Pulaski, november 2012.

 

'Schaf het stadsdichterschap af en engageer deze schrijvers om nieuw inzicht te geven in de geschiedenis van de Vlaamse literatuur, in wat zij nu schrijven.’ Dat zijn de woorden van een NVA-politicus in Antwerpen. Stonden gisteren in de Vlaamse ‘kwaliteitskranten’. Het ging over de stadsdichter, een nutteloze functie. Tom Naegels, een schrijver, was van mening dat dichters en hun verwanten teveel ophef maakten over wat onschuldig gewauwel. Kranten publiceren zulk gekwetter om aandacht te trekken, beweerde hij. Verontwaardiging was nergens voor nodig. Tom Naegels zal wel weten waarom kranten gekwetter publiceren: ga maar na. Maar hij vergist zich: verontwaardiging is altijd nodig. En indien niet altijd, nu zeker. De domme uitspraken van de Vlaams-nationalistische politicus lijken een bagatel, en zijn dat misschien ook. Maar soms – er zijn helaas voorbeelden - leidt een bagatel tot een catastrofe.

Alles in dienst van het nut is het uitgangspunt van bepaalde politici, dienaren van bankiers, traders en casinobezitters. Maar we weten dat alles van waarde kwetsbaar is en nooit is het nuttig. Poëzie is niet nuttig, dichters zijn evenmin nuttig. Wat dichters zeker niet zijn: historici van de Vlaamse literatuur. Dichters schrijven en lezen gedichten en zijn kwetsbaar en van geen enkel nut, maar openen werelden. Zij laten zien dat de Vlaamse literatuur Nederlandstalig is, en dat de Nederlandstalige literatuur niet aan een streek is gebonden, maar tot de wereld behoort. Poëzie, in welke taal ook, is een wereldtaal. Ik ben een kosmos, zei Walt Whitman. Hoe zielsveel dichters ook houden van wat hen nabij is (hun geliefde, hun dorp, een stukje touw), het zal nooit hun opdracht kunnen zijn om dat nabije in een vacuüm te plaatsen, om dat nabije als behorend tot een stam, een volk voor te stellen. Wat zij echter in zo’n geval kunnen doen is het nabije met hun woorden openen en het op die manier onderbrengen in het grote geheel. Nuttig is dat niet, maar het heeft ongetwijfeld zin. Het vaderland van de dichter is niet de bodem, maar is het water, de rivier naar de oceaan en in de hoge lucht staat hij met zijn voeten stevig op de grond.

Een wereld zonder gedichten is een ongrond, een afgrond; een wereld zonder dichters is een catastrofale wereld.

11-05-10

ZANGZAAD IN UTOPIA


utopia

Zoals sommige van je vrienden en helden van vroeger, die symbolisch verdronken zijn, zoals de vlinder van Boudewijn De Groot, heb je nu ook wel eens zin om je aan de goede ouderwetse morfine over te geven en in een roes – die je nooit hebt gekend – op een wolk van vergetelheid ver van hier weg te zweven. Naar een land waar zelfs geen goede prinsen heersen, een land waar goden gedichten schrijven zonder er ook maar een ogenblik trots op te zijn. Een groen land, een ijsland. Maar je hebt geen morfine bij de hand en gaat er ook niet naar op zoek. Zo’n land bestaat trouwens niet. Je leeft hier en nu, met in je achterhoofd het verleden en in je voorhoofd de mogelijkheden van de toekomst. Je hebt altijd affiniteit gehad met het begrip ‘het mogelijke’, dat je wellicht voor het eerst bij Ernst Bloch hebt aangetroffen.

Het is waar dat je je dagenlang, soms weken, onttrekt aan de ‘realiteit’ en soelaas zoekt in wijn en muziek – wat natuurlijk ook een realiteit is. Maar nu moet de gemeenschap voorrang krijgen op de eenzaamheid van het individu. De machtigen, de superrijken, tussen de twee en de vijf procent van de mensheid, geloof ik, die denken eeuwig te zullen leven, hebben het in hun hoofd gehaald ons nog veel meer uit te buiten dan ze ooit hebben gedaan. Hun families hebben hele continenten onvruchtbaar en ziek gemaakt, alsof ze de aliens waren van Stephen Hawking. In die uitgeputte streken valt echter niet zoveel meer te rapen. Nu is het ‘oude Europa’ en het ‘Rijk van het Kwaad’ aan de beurt. Portugal, Griekenland, Spanje, Ierland, België, Oost-Europa… Niemand weet waar het ophoudt, en niemand weet heel precies welke wapens de uitbuiters hanteren. Ze hebben de beurzen, de media, het goud. En als het erop aankomt hebben ze ook de wapens en de huurlingen.

Een van hun – met ‘hun’ verwijs ik naar die kleine groep parasieten - wapens is zeker het virus van de verlamming. Ons zover brengen dat we denken dat niets kan worden veranderd, dat er geen mogelijkheden zijn. Dat we hard moeten werken, onze belastingen betalen en naar spektakelfilms uit Hollywood kijken (waarin op cynische wijze onze levens worden nagebootst)… en kort daarna het ziekenhuis, de ziekenhuisbacteriën en het vuur van het crematorium. Niet in de grond: we hebben teveel van hun antidepressiva en antibiotica geslikt en van hun giftig voedsel gegeten, waardoor we de weinige vruchtbare grond die er nog is wel eens zouden kunnen vervuilen met ons dood vlees.

Ik klink somber, maar ik ben niet somber. Omdat ik in het mogelijke geloof. Ik weet dat het een abstract, vaag begrip is. Maar als je erover nadenkt, als je er met je kameraden over praat wordt dat begrip al heel wat begrijpelijker en concreter. Ik bedoel dat we het gesprek en de dialoog nodig hebben om deze georkestreerde, spectaculaire ‘crisis’ te kunnen en durven ontmaskeren… en dat we op die manier met veel inzet en inspanning en verbeelding van de wereld een vruchtbare tuin kunnen maken, waar we met z’n allen onszelf kunnen verwezenlijken. (Ik geloof echter niet in een utopie, in een wereld zonder haat, jaloezie, conflicten, etcetera. Maar gelijkertijd geloof ik wel in een wereld van broeder- en zusterschap, een muzikale wereld.) Een tuin leggen we aan, waar mogelijk mooie vogels zullen zingen. Hun gezang, en dat van onszelf, zal papavervelden en kalasjnikovs overbodig maken. Er zal zangzaad worden geoogst. En we zullen samenwerken en samen plezier maken en het leven leven dat ons toebehoort.

17-05-09

STEALING TOMORROW FROM TODAY


Great-Lake-Swimmers


Voor Bernard Dewulf

Hoe vind je de weg terug naar de woorden? Hoe vind ik de weg terug naar jou? Vertel ik je gewoonweg de waarheid over mijn dagen, over mijn tijd, over mijn leven? Dat was toch van in het begin al de bedoeling? Hoe komt het dan dat ik stil ben gevallen? Dat deze droogte blijft voortduren? Een dagboek dan maar? Alles opnieuw leren, duidelijke taal spreken, nuances, subtekst, stijl, ritme – het vermijden van fait divers en banaliteiten. Van overbodige banaliteiten, want het banale kan soms interessant zijn. Je zou bijvoorbeeld kunnen beweren dat er niets opmerkelijks is aan het ontslag van enkele medewerkers van een krant. Er worden alle dagen mensen ontslagen. Inderdaad een banaliteit, maar in dit geval een waar dieper op in moet worden gegaan. En dat gebeurt. Op Facebook is al een groep opgericht om te protesteren tegen het ontslag van Bernard Dewulf en de andere medewerkers van De Morgen. Net zoals de financiële en de economische crisis wijzen deze ontslagen op een kapitalisme dat niet blind is, zoals soms wordt beweerd, maar doelgericht bepaalde mensen – en instellingen – vernietigt, of dat alleszins probeert. Een zeer doelgerichte machine, in handen van enkele machtige en wrede geldwolven. Of is dit weer zo’n paranoïde samenzweringstheorie?

Er is op Facebook een groep opgericht… Maar wanneer kranten het zwijgen wordt opgelegd is de tijd rijp voor verstrekkendere,meer  ingrijpende acties. Je denkt dan al gauw aan opstand, staking, sabotage, revolutie. Maar dat is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. Voor mij zeker, omdat ik zwak ben en ten prooi aan – opnieuw – een zware aanval van donkere melancholie. Het is alsof mijn hoofd vol modder zit, mijn hele lichaam zit in de modder, ik kan amper ademhalen, amper bewegen. Elke poging tot een gedachte doet pijn. Ik wil echter niet klagen. Ik probeer te ontsnappen aan deze toestand door bijvoorbeeld naar een concert te gaan, zoals gisteren naar de sublieme Great Lake Swimmers in de Botanique. Maar hoe mooi het concert ook was, de pijn ging niet weg. Ja, even, toen ik aan de bar stond om een pils te bestellen en in gesprek raakte met enkele jonge mannen. Ze hadden mijn communistisch insigne gezien, in mijn knoopsgat – een kleinood dat ik ooit in Berlijn op een rommelmarkt heb gekocht. Is dat nu ernstig of is het ironie, vroegen ze (in het Frans). Ik zei dat het zowel het ene als het andere was. We lachten. Niemand van deze mensen gelooft nog in de traditionele partijen, zelfs Ecolo en Groen! gaan niet ver genoeg.  En toch lachten we. We bleven wat staan praten. We waren echte Belgen; een jongen kwam uit Antwerpen, maar sprak Frans, een andere uit Brussel, nog iemand uit Eupen en was drietalig. Niemand van ons wilde dat aan België werd geraakt: ik niet, Laura niet, en die jonge mensen nog veel minder. Maar welke doordeweekse politicus springt in de bres voor België?

Later, toen de taxi voor onze deur stopte vroeg ik aan de taxichauffeur hoeveel het was. Negentien euro, zei hij. Ik vond het nogal veel, maar was blij dat ik thuis was en gaf hem een briefje van twintig. De man reed al tweeëntwintig jaar met een taxi, ongeveer zo lang als ik voor de overheid werk. Nu het licht was in de taxi zag hij mijn communistisch insigne. Dat is wel iets bijzonders, wat jij daar je in je knoopsgat hebt zitten, zei hij. Ik wist niet goed hoe ik moest reageren… Een communist die twintig euro betaalt voor een taxirit? Hij gaf me vijf euro terug. Twintig is veel te veel, zei hij. Waarna hij uitstapte en naar zijn koffer ging. Kom, zei hij, ik heb iets voor je. Het was een pamflet van de Pvda+: “Stop het politieke circus” las ik.

En zo ben ik weer in gang geschoten. Zo kom ik weer dichter bij jou. Schrijven is geen tijdverdrijf voor gecultiveerde mensen. Schrijven is een zaak van leven en dood. Schrijven is een vorm van haat en een vorm van liefde.

De titel verwijst naar de song 'Stealing Tomorrow' van Great Lake Swimmers.

communist shoes

 

20-02-09

ELEMENTAIRE TEGENSTELLINGEN IN DE POPULAIRE CULTUUR


peace


“Ze wilde jong blijven en niet door haar kinderen aan haar leeftijd worden herinnerd”.
De zoon over de hippiemoeder, in ‘Elementärteilchen’ (2006), een Duitse film van Oskar Roehler gebaseerd op de roman 'Les particules élémentaires' (1998) van de omstreden auteur Michel Houellebecq.

Deze tijd is een tijd van onduidelijkheid, onzekerheid, morsige passies, warrige verlangens en onbestemde angsten. Een poos geleden stond ik in de Bozar, het vroegere Paleis voor Schone Kunsten, Corona’s te drinken tijdens de finissage van de  tentoonstelling ‘Boeddha’s Glimach’, over 1600 jaar boeddhistische kunst in Korea. Na het ledigen van enkele flessen – zoals altijd vrezend voor bacteriën of giftige stoffen op de schil van de citroenpartjes - begaf ik mij onwillekeurig naar de dansvloer. Vrouwelijke deejays draaiden elektro en techno, wat voor mij geen muziek is, maar wel een hoogtechnologische opeenvolging van ritmes waar je – desondanks - op kunt dansen. Niet lang echter, want het gaat gauw vervelen, zoals seks zonder liefde of geweldfilms zonder inhoud of plot. Het is zielloos machinegeluid. Ik wil hiermee niet zeggen dat in een oubollige kunstentempel geen hedendaagse geluiden mogen worden geproduceerd. Het is alleen maar verwarrend, waarschijnlijk omdat het zo kunstmatig is, zo vals. Het is duidelijk een valstrik voor jonge mensen “die niet in kunst geïnteresseerd zijn” (volgens de statistieken, die niet één kunstenaar au sérieux neemt). Wat lager in de stad, je rug naar het afschuwelijke Fortisgebouw gekeerd, ligt een andere tempel: de  AB (Ancienne Belgique voor de Vlamingen). Het bier is er onbetaalbaar, de wijn van onduidelijke herkomst (en nog veel duurder). In die exclusieve concertzaal, de inkomhal is een technologisch ‘hoogstandje’,  treden groepen op als Fleet Foxes, van wie de muziek qua stijl nauwelijks verschilt van wat in het begin van de jaren zeventig the Band, the Beach Boys, en Crosby, Stills & Nash brachten. Langharige reactionaire hippies in de AB, een coole concertzaal, die met haar programmatie al decennia lang inspeelt op nieuwe trends? Dat klopt natuurlijk niet:  Fleet Foxes is geen stel reactionaire hippies: zij spelen muziek van deze tijd, die weliswaar verankerd is in het recente verleden. Maat het contrast met wat in de Bozar gebeurt is groot. Het credo van de AB lijkt: voor elk wat wils.

De traditonalist en vermoedelijke communist Ry Cooder treedt binnenkort op in de Elizabethzaal in Antwerpen. Hoezeer ik ook van zijn werk houd (zijn eerste elpee heb ik gekocht van geld dat ik verdiend had met op straat te tekenen), ik ga er niet naartoe: de kaartjes kosten ongeveer honderd euro. Ik kan dat voorlopig nog wel betalen, maar ik weiger het. Als zelfs Dylan voor vijftig euro kan optreden, dan moet Ry Cooder dat ook kunnen. Toch heb ik mij een hele tijd afgevraagd: should I stay or should I go. Heel wat vrienden en kennissen van me gaan, en ik zal thuis zitten kniezen.

Vreemd is ook aan de ene kant de afkeer van een populaire en voortreffelijke (zij het moreel betwistbare) schrijver als de hierboven al genoemde Michel Houellebecq voor de ‘hippiecultuur’ en alles wat daar mee samenhangt en aan de andere kant de bijna gelijktijdige terugkeer van een hippie-achtig verschijnsel, dat neo-folk, weird folk, enz. wordt genoemd, maar gebaseerd is op ongeveer dezelfde principes als die van de hippies in de jaren zestig en zeventig.

Een van die principes was de terugkeer naar de natuur, wat toen ook al niet nieuw was: filosofen als Rousseau en Thoreau hadden er al tenminste een eeuw eerder voor gepleit. Een van de iconen van de rock ‘n’ roll, die dat principe trouw is gebleven is Neil Young. Hij woont op zijn ranch in Californië, met zijn paarden, ezels, geiten, kippen en cowboys. Hij is net zoals Bruce Springsteen en veel andere populaire muzikanten een peacenik, wat alleen maar toegejuicht kan worden. Maar ook bij hem zie je het winstbejag. Het principe van de vrije markt, het extreme kapitalisme, wat blijk uit onder meer de dure toegangskaarten, cd’s en dvd’s (en allerlei andere parafernalia). Tegelijkertijd wordt hij bewonderd door mensen, zoals ikzelf, die de vrije markt bestrijden, die de hoge prijzen van geluidsdragers, van concerten, van festivals niet langer aanvaarden. Neil Young zien zij als een godfather van alles wat tegendraads is, roestige snaren en ontstemde gitaren inbegrepen.

Ik kan zo nog een tijdje doorgaan. Er zijn bijzonder veel voorbeelden te vinden in de wereld rondom ons van dergelijk tegenstellingen en moeilijk te vatten culturele en economische verschijnselen. Wijst dit erop dat er iets nieuws, iets beters aan het ontstaan is, of zijn het stuiptrekkingen van een soort die zich blindelings in de afgrond stort?  Ecce homo!

Foto: Martin Pulaski for peace, François Brouns, 1969.

13-12-08

FORTIS EN DE VERDERFELIJKE MACHT VAN 2.000 MISNOEGDE AANDEELHOUDERS

werken,politiek,poezie,democratie,geld,recht,macht,regering,bank,staat,kapitalisme,sparen,revolutie,fortis,misnoegdheid,geldzucht,kleine spaarder

William Blake, Satan In Glory.

Het hof van beroep heeft met zijn uitspraak inzake Fortis nog maar eens bewezen dat een klein groepje kapitalisten sterker is dan de staat en de democratisch verkozen regering. Het “groepje van 2.000 misnoegde Fortis-aandeelhouders” heeft gisteravond laat in de salons de champagne rijkelijk laten vloeien. Ik heb me wat moed ingedronken met een glaasje goedkope Cava, er bijna van overtuigd dat dit het eindspel is. Ik dacht nog wat te gaan lezen in een stuk van Beckett, ‘Krapps laatste band’ bijvoorbeeld, maar ik had al naar Bergmans ‘Passie’ gekeken, en het was welletjes geweest. Ik was uitgeput van zoveel schoonheid.

Ik ben geen politiek analyst. Ik reageer emotioneel op toestanden als deze. Ik vind de uitspraak ‘kleine spaarder’ walgelijk, maar uiteindelijk ben ik een van die miljoenen kleine spaarders. Veel geld heb ik niet, zoals de meerderheid van de bevolking, anders zou ik gisteravond ook champagne hebben gedronken. Het is nu zaterdagochtend, halfelf, en ik ben nog altijd woedend. Tweeduizend misnoegde Fortis-aandeelhouders halen het van miljoenen ‘kleine spaarders’, die voor dat beetje geld meestal hard gewerkt hebben, en er op die manier toe hebben bijgedragen dat die misnoegde vetzakken hun verdomde aandelen hebben kunnen kopen. Nee, ik ben geen man van scheldpartijen. Daarom zwijg ik beter en wacht af, zoals ik altijd al gedaan heb, niet sterk genoeg voor revolutie, niet eens sterk genoeg voor democratische politiek. Wel sterk genoeg voor het slagveld van de poëzie, de liefde, de verontwaardiging. Laat me die waarden niet uit het oog verliezen in dit moment van woede en verwarring. Hoewel een gedicht waardeloos is. Poëzie en liefde kun je niet kopen.

21-10-08

FACEBOOK: MODEL VAN EXTREEM KAPITALISME OF KINDERSPEL?


gelaarsde kat

A. zegt dat ze Facebook hoe langer hoe vervelender begint te vinden. Het is dom en je verliest er veel tijd mee. Ze vergeet misschien dat heel wat van de onnozele spelletjes die Facebook ‘rijk’ is mij via haar bereiken. Uit beleefdheid installeer ik die dan en doe er even aan mee. Zo heb ik me al laten kidnappen en heb ik zelfs anderen gekidnapt. Ze heeft een vampier van me gemaakt, en weet ik veel wat nog allemaal. Het lijkt kinderlijk, maar is dat niet echt. Overal op je scherm word je gelokt om te consumeren, te kopen, geld uit te geven aan nutteloze dingen. Maar in tegenstelling tot A. vind ik Facebook niet vervelend. Het is een weergaloze weergave van deze extreem-kapitalistische maatschappij die onze levens beheerst. Je kunt er bijzonder veel uit leren. Dat is niet echt moeilijk, omdat de gehanteerde symbolen, metaforen en metonymia voor de hand liggen. Je moet niet diep graven om te achterhalen wat wordt beoogd, wat de drijfveren zijn.

Tevens is Facebook een aangenaam tijdverdrijf voor depressieve mensen. Het gratis kleinood valt te verkiezen boven kwisprogramma’s op televisie, kruiswoordraadsels, roddelblaadjes en zelfs patience. Facebook is ook efficiënter dan Lexotan, Librium, Valium, Temesta, Seresta en alle andere farmaceutica waar je je geheugen van verliest. Op Facebook kun je lekker creatief bezig zijn met kurk, karma of bloemstukken. Ik ben nu maar gedeeltelijk ironisch, gedeeltelijk meen ik dit echt.

Ik zeg tegen A, via Facebook zelf nota bene, dat ik het een goed communicatiemiddel vind. En zeker omdat het een ‘wezen’ is dat in zijn eigen staart bijt. Het extreem-kapitalistisch ingestelde netwerk geeft de mogelijkheid om het extreem kapitalisme te ontwrichten. Binnenin ontstaan allerlei zeer kritische netwerken. Ik word geïnformeerd over subversieve activiteiten in mijn eigen stad en elders, waar ik anders nooit iets over zou horen. Ik raak bevriend met boeiende kunstenaars, dichters, acteurs, etc., die vaak ondergronds actief zijn. Natuurlijk niet allemaal, maar zelfs degenen die met ‘het systeem’ meedraaien doen dat ongetwijfeld met de nodige scepsis.

Ik zeg tegen A. dat ik me nu minder geïsoleerd voel, minder alleen in de stad waar ik woon. Ze gelooft me niet. Ze denkt dat ik alle dagen naar openingen van tentoonstellingen ga en de hele tijd interessante mensen ontmoet. Terwijl ik meestal binnen zit en zeer weinig beleef. Ik, ik ben echt geïsoleerd, zegt ze, ik verblijf in Denemarken, mijn familie en veel van mijn vrienden wonen hier meer dan duizend kilometer vandaan, in Polen. Ik moet voortdurend een taal spreken die de mijne niet is. Ja, natuurlijk, zeg ik, dat begrijp ik. Maar voor een keer wilde ik zelf begrepen worden. Dat je in een middelgrote stad als Brussel woont betekent niet noodzakelijk dat je er veel vrienden hebt en dat je alle dagen iets onvergetelijks meemaakt. Ik heb nauwelijks vrienden in Brussel. Ik voel me hier een balling. Mijn echte stad is Antwerpen. Maar nu ben ik daar al zeventien jaar weg. Als ik in Antwerpen kom voel ik mij er als een toerist. Ach, zeg ik, ik kan je dit op deze manier, in korte zinnetjes, en in een taal die de mijne niet is, niet uitleggen. Ik zal het op een andere dag proberen, we kunnen misschien eens skypen. Goed, zegt ze. Bye, have a nice day.

Na dat korte gesprek dacht ik nog even na over Facebook. En over hoe de wereld op korte tijd veranderd is. Hoe ik nu bijvoorbeeld zo goed als vreemde mensen zomaar aanspreek, hen vraag of ze mijn vriend of vriendin willen zijn. Stel je voor dat ik op straat op een mooie vrouw zou toestappen en haar vragen zou of ze van Paul Auster en Nicholas Roeg houdt… Maar dat is toch mooi, dat dat nu kan. Wat ik heel graag doe op Facebook is mensen, vooral vrouwen, kopen en verkopen. Ik bezit er op dit ogenblik al meer dan tien. Wat zegt dat over mij? Maar veel liever nog krijg ik van iemand een bericht en stuur ik een bericht terug. Zodat het lijkt alsof we echte vrienden zijn. Omdat ik zonder echte vrienden niet leven kan.

13-12-06

IDENTITEITSCRISIS


Ik ben Base.
Ik ben Belgacom.
Ik ben Sibelga.
Ik ben Coditel.
Ik ben MIVB.
Ik ben Ethias.
Ik ben Fortis.
Ik ben Banksys.
Ik ben WWF.
Ik ben Kaaitheater.
Ik ben De Morgen.
Ik ben Mojo.
Ik ben Uncut.
Ik ben i-D.
Ik ben Vanity Fair.
Ik ben Purple.
Ik ben Humo.
Ik ben Fnac.
Ik ben Happy Days.
Ik ben Plus.
Ik ben Hoofdstedelijke Openbare Bibliotheek.
Ik ben Vlaamse Overheid.
Ik ben Vlimpers.
Ik ben Mediargus.
Ik ben Academisch Ziekenhuis VUB.
Ik ben Avanti.
Ik ben Microsoft.
Ik ben Opera.
Ik ben Skynetblogs.
Ik ben Flickr.
Ik ben MySpace.
Ik ben LastFM.
Ik ben MSN.
Ik ben een netwerk.
Ik ben niet ik.
Ik ben niet jij.
Ik ben een andere.

15-11-06

SATAN 'SCHRIJFT' SPAM


satan


Beerputbewoners hebben mijn blog bevuild met hun laatkapitalistische stinkende boodschappen, beter bekend als spam. Denken zij dat wij hun vuiligheid zoals Viagra, Dolzan of Xanax zullen aanschaffen of dat wij nu meteen naar Bangkok zullen vertrekken om daar kinderen te gaan verkrachten? Ze zijn letterlijk aan het verkeerde adres. Als ik medicijnen nodig heb ga ik naar de arts. Kinderen zijn de toekomst. Niemand weet of zij geen andere Gandhi of Shakespeare zullen worden. Overigens is er met een gewone postbode ook niets mis. Wie kinderen schendt verdient levend gevild te worden. Ik twijfel er geen ogenblik aan of deze beerputbewoners stinken vreselijk uit hun bek. Zelfs uit hun codes stijgt de zwavellucht op.

Ik begrijp dat ik niet het enige slachtoffer ben van deze praktijken, maar dat is een magere troost. Het blijft een verschrikking om datgene wat je met liefde en veel inzet aan de wereld heb geschonken bezoedeld aan te treffen na een aangenaam verblijf bij vrienden in het buitenland. Het is een nog grotere verschrikking als je vaststelt dat ze een deel van hun smerigheid plaatsen bij een foto van een dierbare overleden vriend. Ik twijfel er geen ogenblik aan dat ze dat weten, cynisch en destructief als ze zijn. Ik heb al een stukje moeten wissen omdat het onbegonnen werk was de honderden woorduitwerpselen te verwijderen. Nu ga ik zo lang als ik er geduld voor heb verder wieden in dit elektronisch dagboek. Wat maakt dit alles mij moedeloos. Enkele van de teksten die ik destijds heb gepost zal ik opnieuw publiek maken, als ze tenminste niet al te tijdsgebonden zijn. De fijne stukjes commentaar zullen er helaas niet meer bij staan.

22-06-06

VALT IJSLAND NOG TE REDDEN?


deborah in ijsland


Zaterdag 24 juni ga ik wellicht nog een keer naar mijn geboortestad. In Antwerpen, in de omgeving van het Eilandje, vindt er die dag een muzikale benefiet met bands uit IJsland plaats. De opbrengsten van het evenement gaan naar de oganisatie Saving Iceland, die zich verzet tegen de zware industrialisering van het eiland, dat nu nog tamelijk ongeschonden is. Ik ben er nooit geweest, maar foto’s die ik er van heb gezien en wat er mij over verteld is hebben mij veel zin gegeven om er - nog voor de verwoesting die de multinationals er misschien zullen aanrichten - naartoe te trekken. Of kunnen ze toch nog worden tegengehouden? Valt IJsland nog te redden?
Het evenement begint om 19 uur, met een documentaire. Om 20.30 uur volgen de concerten.

Foto: Deborah Anné in Ijsland. De fotograaf ken ik niet. Ik zou het eens aan Deborah moeten vragen.