20-02-16

ORDE VAN DE DAG*

hail 1.jpg

Nu weer de oude vertrouwde onrustige slaap, met om het half uur wakker worden om te kijken of het nog geen half acht is. Het is nog maar drie uur, half vier, et cetera. Over dat patroon maak ik me minder zorgen dat over een lange, diepe slaap waaruit ik me maar met moeite los kan rukken. Mensen zijn vreemde wezens, niets menselijks is ons vreemd.

Een vriend liet me een onbekend lied van the Byrds horen. Het stond op een tape die uit een grote witte magical mystery box kwam. Daar zat nog ander materiaal in, onder meer palimpsesten, teksten die van achteren naar voor waren geschreven, mystieke traktaten, kosmische muziek. De song zelf was mooier dan om het even wat the Byrds ooit op plaat hebben gezet, mooier dan ‘Draft Morning’ en ‘Hickory Wind’. Hij klonk ook als een palimpsest, meerlagig, met zang en instrumenten die in sommige gedeeltes achterstevoren waren gemixt. Toch was het geluid helder, transparant (niet als glas maar als vleugels van grote witte vlinders in de zon). Het was de ‘typische’ sound van the Byrds, maar nog meer pastoraal, met nog meer hunker, met een duidelijk uitgesproken verlangen naar eenwording met de natuur, met het Al – en daar tegenover de melancholie die het gevolg is van de onmogelijkheid van zo’n eenwording. De verscheurdheid van de mens die alleen staat in de natuur, zoals een personage op een doek van Caspar David Friedrich. Een verscheurdheid die met veel schoonheid - tedere en etherische geluiden, harmonieuze zangpartijen – wordt uitgedrukt, niet met brutaliteit, niet met geluidsterreur. Het lukte me om hier en daar een woord van de achterstevoren geschreven tekst te ontcijferen. Ik besefte dat ik hier de sleutel kon vinden voor de deur naar een andere vorm van waarnemen en ervaren. Maar dan had ik geduld nodig en tijd.

0notorious.jpg

Het is erg mistig maar je voelt dat de zon er al door wil dringen. Nog even wachten voor ik de ramen open. Frisse lucht in deze kamers.

Het is niet goed als de patronen die je dagen bepalen een routine worden. De herhaling - van altijd dezelfde handelingen op dezelfde uren van de dag - is een kwelling, een koud vuur dat je opbrandt zonder dat je er erg in hebt. Herhaling en routine maken je oud en moe. Maar anderzijds heb je discipline nodig om te kunnen werken, om ‘geestelijk’** te kunnen leven. Chaos maakt je net zo goed kapot als orde. Is het mogelijk de ene dag chaotisch te leven en de andere gedisciplineerd, de ene dag als een anarchist de andere als een emotionele fascist (om eens een uitdrukking van Elvis Costello te gebruiken)?
0frances-mcdormand-as-c-c-calhoun.jpg

Na lang geaarzel en nietszeggende argumenten pro en contra dan toch naar de cinema. ‘Hail, Caesar!’ van de gebroeders Coen. Ik heb van al hun films genoten, van hun stijl, hun humor, hun dialogen, van alles. Het meest van al van ‘Fargo’, in mijn ogen een meesterwerk van zwarte humor. Soms doet het werk van de broers me wat aan dat van Mel Brooks denken. Maar heb ik destijds niet veel van Mel Brooks gehouden? De Coens doen het echter allemaal nog beter. Niet alleen de humor, de satire en pastiche maar ook en vooral het verbeelden (in beeld brengen) van de tijd, van specifieke tijdsperiodes. Van ruimte in de tijd, van locaties en personages. En er is bij hen niet alleen maar humor en satire maar ook drama, passie en zelfs tragedie. In ‘Hail, Caesar!’ sprak de eigenlijke intrige, het Christus-verhaal zal ik het maar noemen, mij meer aan dan de ‘fragmenten’ – elk in een specifiek genre, melodrama, musical, western, zwemfilm – die er zijn in ingebed. Het maakt mij niet uit of dat verhaal ernstig mag genomen worden of niet, voor mij is het een mooi voorbeeld van een kleine heroïsche strijd tegen corruptie, verleiding, bedrog, zelfverlies. Het is niet nodig om in Jezus, de duivel of god te geloven om geraakt te worden door een passiespel. De fragmenten, pastiches van Hollywoodgenres zoals die in het begin van de jaren vijftig werden gedraaid, vond ik bijwijlen minder geslaagd. Zeker de musical ‘No Dames!’ had beter gekund. Waarschijnlijk was het budget van de regisseur van de matrozenfilm wat te klein om zo’n dansnummer tot in de kleinste details te verzorgen. Het is zelfs mogelijk dat de gebroeders Coen het zo bedoeld hebben. Het meeste pret heb ik beleefd aan de vergadering met de geestelijken waarin over de aard van god en Jezus wordt geredetwist, aan de bijeenkomst van de communistische scenaristen en aan de stukjes met Scarlett Johansson (voor mij voor altijd het meisje uit ‘Lost In Translation’, nu wel erg grofgebekt), Tilda Swinton (voor altijd de echtgenote van David Bowie) en Frances McDormand (voor altijd een zwangere politieagente).
Ik ging ervan uit dat ‘Hail, Caesar!’ een film voor het zogeheten ‘grote publiek’ was. Maar gelukkig is dat niet het geval. Alleszins heb ik geen geur van popcorn opgesnoven.
0tilda-david3.jpg

Op televisie ging het over de uitverkoop van de Europese Unie, het bedriegen en uitpersen van de Belgische bevolking, vooral van degenen die het financieel of op ander gebied moeilijk hebben, de grote meerderheid dus, en over de gunsten, geschenken en privileges van ‘onze’ regering voor de superrijken. Walgelijk spektakel. Escapisme is een tijdelijke oplossing, maar wat meer en meer noodzakelijk wordt is actie. Dat we eindelijk op straat komen en onze woede uiten, dat we eindelijk deze verdomde regeringen naar huis sturen en mensen verkiezen die ons werkelijk en rechtstreeks vertegenwoordigen.

...


*Stemmingswisselingen iii
**’Geestelijk leven’, is er iemand die die uitdrukking nog gebruikt?
Afbeeldingen: Scarlett Johansson; The Notorious Byrd Brothers; Frances McDormand; Tilda Swinton & David Bowie.

 

16-06-13

BOB DYLAN'S RENALDO & CLARA

masterpiece snip.PNG

De meeste stervelingen die ik ontmoet, in de wereld of op papier, en zeker popmuziekrecensenten, houden niet van ‘Renaldo & Clara’. Of ze hebben er ronduit een afkeer van. Ze hebben er nooit van gehouden en ze zullen er nooit van houden. Ze geven er niet om. Ze vinden het een onding. Ze zeggen dat het een volstrekte mislukking is, een egotrip, alles behalve een behoorlijke film (een film zoals het hoort). Dat getuigt van verregaande luiheid, gebrek aan interesse en openheid; het getuigt vooral van domheid.

Iemand die bevooroordeeld is kan deze ongewone film niet begrijpen. Zo iemand zal zo vlug mogelijk een oordeel vellen, zal de film 'slecht' vinden, of 'goed', zelfs (wat op hetzelfde neerkomt). Zo iemand zal hem niet kunnen categoriseren, hij heeft er geen genre voor binnen handbereik, geen herkenbare stijl, er zijn geen referenties naar grote voorbeelden uit de filmgeschiedenis of populaire kunsten mogelijk (toch wel hoor, die voorbeelden zijn er wel).

Maar iemand die aandachtig is en nieuwsgierig, die ogen en oren open houdt, die nadenkt, zal iets dergelijks zeker niet doen: 'Renaldo & Clara' is geen willekeurige, overbodige of pretentieuze aaneenschakeling van beelden. Het is een kunstwerk dat tegen de tijd inging en er nog altijd tegen ingaat en tegelijkertijd een getuigenis is van de tijd waarin het is gemaakt. Onderdompeling en transcendentie.

Bob Dylan is - zoals Buñuel - gefascineerd door het mysterie, het geheim, dat centraal staat in de poëtische ervaring en in de religieuze belevenis. In alles wat helder lijkt is er iets duisters aanwezig. Iets duisters dat zich aan het oog onttrekt door de diepte en de uitgestrektheid van alles wat licht is (door de zon belicht, enz.). Wat heeft deze duisternis te betekenen? ‘Cet obscur objet du désir’, zoals Buñuel het noemt, is een object/subject dat, als Proteus, om te ontsnappen aan de jager (een metafoor voor het bewustzijn), voortdurend van gedaante verandert. Een object dat nabij is èn onbereikbaar, zoals de sterren en de bliksem. De personages van Dylan zijn niet alleen loyaal aan hun geliefden maar zeker ook aan de sterren daar hoog boven hen. De sterren die van hen houden, hoe kan het anders, zoals in de film 'Somebody Up There Likes Me' van Robert Wise en het gelijknamige lied van David Bowie. De sterren die zich sneller dan het licht van hen verwijderen. En de geliefden die niet omkijken omdat ze artiesten zijn en hun liefde in waanzin is verdronken.

Dylan stelt het probleem van de roem (Robert betekent 'schitterend door roem'), de beroemde kunstenaar, het idool. Hoe kan iemand die door massamedia en publiek tot idool of ster is uitverkoren integer blijven? Het publiek eist hem op, zijn leven wordt in beslag genomen door de openbaarbeid, door het publiek, door het spektakel. Het 'ware ik' verdwijnt, wordt een troebel symbool, onzichtbaar of opaak, verstart in een ‘public image’, of – wat het allerergste is in deze tijd, nu - in een ‘icoon’:

“You're invisible now,
You’ve got no secrets to conceal.”

De transparantie van het masker, in het begin van de film. Onder het masker een ander masker, dat van de performer Bob Dylan, de clown met wit gelaat, die de dromen, fantasieën en verlangens van Renaldo 'exposeert' op het podium.  Exposeert, ontwikkelt : zoals je een film ontwikkelt, een rode loper uitrolt, een landkaart openvouwt, zoals een bloem ontluikt dankzij het licht van de zon. Exposeert eveneens in de betekenis van 'verwoorden' (denk aan exposé, maar ook aan het klassieke 'expositio').

Wie is Renaldo? Renaldo is de goede heerser zegt ons het woordenboek van voornamen. En wie is Bob Dylan? Een mythe? Een zoon van de golven, duistere zoon van de zee? Ongetwijfeld.

De film weerspiegelt een realiteit; maar de montage en zeker ook de ‘cadrage’, het ritme, de banaliteit van de ‘fait divers’, en uiteraard de muziek, maken het mogelijk door die realiteit heen te kijken, helder te zien, als een clairvoyant, zodat de ware toe-schouwer een diepere werkelijkheid te zien krijgt.  Een diepere werkelijkheid die tegelijkertijd oppervlakte is, want er is geen diepe diepte, zoals er geen oppervlakkige oppervlakte bestaat. Bob Dylan is hier – misschien tegen wil en dank, want hij is een dwarsligger - in geslaagd (net zoals Andy Warhol/Paul Morrisey in ‘Trash’, ‘Flesh’ en ‘Heat’).  De film is integer als getuigenis, als onderzoek, als protest, als visueel gedicht. Een voorbeeld van integriteit: de vrouwen worden niet uitgebuit, verschijnen niet als louter lustobjecten. Zelfs in de bordeelscènes, als hoeren, zijn ze bovenal vrouwen van vlees en bloed en geest. ‘Renaldo & Clara’ is onder meer een loflied aan de vrouwen. Ze zijn allen even mooi, allen heten ze Clara - radiant beauty, schitterende, stralend-witte godinnen zoals in het baanbrekend werk van Robert Graves,'The White Goddess'.

Het wordt de hoogste tijd om ‘Renaldo & Clara’ opnieuw in roulatie te brengen en vervolgens op dvd/BluRay en alle andere mogelijke beeld- en geluidsdragers aan film- en muziekliefhebbers ter beschikking te stellen. Hetzelfde mag overigens ook gebeuren met de films van Jacques Rivette en Jean Eustache. Misschien kunnen we dan vaststellen dat de jongere generaties minder bevooroordeeld en minder dom zijn dan de oudere?

Trash.jpg