25-12-16

EEN JAAR IN POPULAIRE MUZIEK

okkervil-river-will-sheff.png

Het voorbije jaar luisterde ik weinig naar nieuwe muziek. Ik heb de indruk dat het elk jaar wat minder wordt. De reden daarvoor is dat het leven kort is. Er zijn nog zoveel boeken die ik niet gelezen heb (of wil herlezen). Er zijn zoveel films die ik nog wil zien, zoveel landen en steden bezoeken, zoveel kunstwerken bewonderen… De twintig elpees/cd’s hieronder drongen wel door tot mijn oren en mijn hart. De volgorde waarin ze terecht gekomen zijn heeft niet echt veel belang. Maar ik geef toe dat Will Sheff (Okkervil River) mij dit jaar het meest heeft ontroerd. 

  1. Okkervil River – Away

    1 okkervil river.jpg


  2. Wilco – Schmilco

    2-wilco-schmilco-1000x1000.jpg

  3. David Bowie – Blackstar

    3 david-bowie-blackstar.jpg

  4. Drive-By Truckers – American Band

    4 DBT_AmericanBand_Cover_500.jpg

  5. Rolling Stones – Blue & Lonesome

    5 rolling stones.jpg

  6. Ryley Walker – Golden Sings That Have Been Sung

    6 ryley.jpg

  7. Hope Sandoval and the Warm Inventions – Until the Hunter

    7 hope sandoval.jpg

  8. Margo Price – Midwest Farmer’s Daughter

    8 margo.jpg

  9. Jesu/Sun Kil Moon – Jesu/Sun Kil Moon

    9 jesu sun kil.jpg

  10. Case/Lang/Veirs – Case/Lang/Veirs

    10 case lang veirs.jpg

  11. Nick Cave & the Bad Seeds – Skeleton Tree

    11 skeleton tree.jpg

  12. Steve Gunn – Eyes On the Lines

    12 steveGunn_EyesOnTheLines-copy.jpg

  13. PJ Harvey – The Hope Six Demolition Project

    13 hope six.jpg

  14. Sturgill Simpson – A Sailor’s Guide To Earth

    14 sturgill-simpson-sailor-guide.png

  15. Brian Eno – The Ship

    15 BrianEno_TheShip_2016.jpg

  16. Cass McCombs – Mangy Love

    16 cass mccombs.jpg

  17. Elysian Fields – Ghosts Of No

    17 Ghosts_of_No.jpg

  18. Leonard Cohen – You Want It Darker

    18 leonard-cohen-you-want-it-darker-5746.jpg

  19. M. Ward – More Rain

    m-ward-more-rain2.jpg

  20. Lucinda Williams – The Ghosts Of Highway

    20 lucinda williams ghosts of highway 20.jpg

11-12-15

DE WEG NAAR BRUCE SPRINGSTEEN

BRUCESPRINGSTEENbest.jpg

Welke (muzikale) weg had ik afgelegd om in 1981 bij een concert van Bruce Springsteen & the E-Street Band aanwezig te zijn? In het milieu waarin ik in die tijd leefde was Springsteen niet geliefd. Het was de periode van new wave en post-punk. In de clubs en cafés waar we kwamen hoorde je Rip Rig & Panic, Simple Minds, the Fall, PiL, the Au-Pairs – veel politiek geëngageerde en minimalistische pop, in bijna alles het tegenovergestelde van de rock & roller uit Asbury Park in New Jersey. Sommige vrienden vonden mijn bewondering voor de man die ‘the Boss’ werd genoemd vreemd, misschien wel een beetje lachwekkend. Uitzonderingen die ik me nu nog kan herinneren waren Guillaume Bijl en Jos Dorissen.

Tot 1975 had ik Bruce Springsteen nooit beluisterd. Natuurlijk had ik wel al over hem gelezen maar ik had hem niet interessant gevonden. Misschien was het zijn macho imago of zijn gedoe met auto’s en highways dat me gestoord had? Of zijn muts en baard?

Ik luisterde nooit naar de radio, bezat geen televisie en las bijna nooit een krant. Toch was ik dank zij Rolling Stone, een tijdschrift dat ik verslond, en Time Magazine, op de hoogte van wat er in de wereld, maar toch voornamelijk in de Verenigde Staten, gebeurde. Naast de boeken die ik las, Westerse filosofie en literatuur, en de films die ik zag, vormden die tijdschriften mijn wereldbeeld. Voor muziek was er daarnaast nog NME en soms Oor, een Nederlands popmagazine dat ik niet echt waardeerde. Ik had een vrij ruime muzikale smaak, die het product was van intuïtie, toeval en vooroordelen. Wat Bruce Springsteen betreft was ik ongetwijfeld bevooroordeeld.

Op een dronken avond in 1975 in de buurt van het Brusselse Madouplein liet Paul D. me ‘Born To Run’ horen. Een wereld ging open. Een revelatie. Die stem, die spectoriaanse sound, die romantische teksten, dat glorieuze escapisme. Paul gaf me de elpee mee, ik liet mijn ‘Basement Tapes’ bij hem achter, evenals een bijzonder mooie editie – op groot formaat, zoals het hoort - van ‘Un coup de dés jamais n’abolira le hasard’ van Mallarmé. Die avond werd ik een bewonderaar van the Boss. Paul zou ik nooit meer terugzien. Hij stapte niet lang na die heuglijke avond uit het leven. Op een dag was hij met mij naar zijn geboortedorp gereden en had me de balk getoond waar zijn vader zich aan opgehangen had. Dezelfde balk zou Paul wat later ook gebruiken. Of misschien ook niet, misschien speelt mijn geheugen me parten. Zeker is dat mijn exemplaar van ‘Born To Run’ dat van Paul is. En dat op ‘The Basement Tapes’ een vloek rust. Vooral op de song ‘Too Much Of Nothing’.
BasementTapes.jpg

De rest van de weg die ik aflegde is niet zo bijzonder. Ik las alles wat er te lezen viel over Springsteen en toen ‘Darkness on the Edge of Town’ uitkwam vond ik dat meteen een meesterwerk. Duizenden keren heb ik er naar geluisterd, heel vaak luid meezingend. Dat deed ik in 1978 maar met twee platen, ‘Darkness on the Edge of Town’ en ‘Some Girls’ van the Rolling Stones. Als er geen platen van Springsteen uitkwamen troostte ik me met die van Southside Johnny & the Asbury Jukes, een fantastische band, die ik op 10 oktober 1979 live in de AB zag, nog voor Bruce Springsteen & the E-Street Band. Van ‘Hearts Of Stone’ kende ik alle teksten uit het hoofd (nu niet meer). Natuurlijk had ik inmiddels de eerste elpees van Bruce Springsteen aangeschaft, ‘Greetings from Asbury Park, N.J’. en ‘The Wild, the Innocent & the E Street Shuffle’, allebei uit 1973. Vooral die tweede vond ik bijzonder mooi en romantisch. Ik herinner me een avond met Jos D. in de Dolfijnstraat, toen we met gesloten ogen als naar een gezongen gebed zaten te luisteren naar ‘4th of July, Asbury Park (Sandy)’ en hoe moeilijk het na dat sacrale moment was om nog een andere plaat op de platenspeler te leggen. Ik vermoed dat het ‘Pet Sounds’ zal geweest zijn.

Sandy the angels have lost their desire for us
I spoke to 'em just last night and they said they won't
set themselves on fire for us anymore
southside johnny.jpg

‘The River’ moest dan nog uitkomen. Ik weet niet meer of ik die fenomenale dubbel-elpee beter vond dan ‘Darkness’. Vermoedelijk niet, want op mijn lijstje van 1980 stond ‘London Calling’ van the Clash op nummer 1. Toch raakte ik meteen verslingerd aan de meeste nummers op ‘The River’ en vond ik de combinatie van uitbundigheid en melancholie erg geslaagd. Het enige probleem was dat er te veel op stond. Het was overdaad. Maar zo is Bruce Springsteen. Zo was hij in die periode live met the E-Street Band.
Je zou je kunnen afvragen waarom ik niet vaker naar optredens van Bruce Springsteen ben gegaan. Mijn antwoord daarop is: ik heb maar één keer in mijn leven een LSD-trip genomen. Na een hoogtepunt moet je ermee ophouden. The Rolling Stones heb ik twee keer gezien, Townes Van Zandt ook. De eerste keer was telkens de beste.


Na ‘Nebraska’, het hoogtepunt in het oeuvre van Bruce Springsteen en een mijlpaal in de twintigste-eeuwse popmuziek tout court, is mijn interesse voor zijn platen gaan tanen. Ik vond ze niet meer zo avontuurlijk. Het vonkje dat er tot ‘Nebraska’ was geweest leek uitgedoofd. Misschien lag het aan mij, ik weet het niet. Maar wat ik wel weet is dat Bruce Springsteen & the E-Street Band in Vorst op 26 april 1981 in mijn top-5 van beste concerten staat genoteerd. Jammer dat Jos er niet meer is om herinneringen op te rakelen.

jos-matti1.jpg

...

Foto's: Bruce Springsteen (boven): Frank Stefanko; Basement Tapes: Reid Miles; Southside Johnny en Steve Van Zandt:(onbekend); Jos & Martin: Agnes A.

 

28-05-14

MANUSCRIPT GEVONDEN IN EEN WANDKAST

mods.jpg

Korte tijd geleden vond ik in een wandkast de chronologie die hieronder staat terug. Het lijkt me interessant om daar de volgende weken wat dieper op in te gaan. Mocht ik er de energie voor vinden, want de voorbije dagen hebben me zo uitgeput, ook al heb ik niets gedaan, werkelijk niets, zo weinig dat ik alleen nog maar zin heb om ergens, om het even waar, te gaan liggen en te slapen. Of eerst verschillende soorten bier, Gordon’s Finest Gold, Krusovice, gele Chimay, Cruzcampo, et cetera,  te drinken en dan te gaan liggen, ook al heb ik nog een dak boven het hoofd en dergelijke. Dus hier thuis kijken wat er nog in de koelkast zit en dat dan uitdrinken tot ik er bij neerval, wat ik in ‘normale omstandigheden’ nooit doe. Ik ga altijd liggen. En als ik niet kan gaan liggen dan speel ik drie akkoorden op m’n gitaar, slik een bromazepam en ga dan liggen. Dat lukt meestal wel. Maar een mens wordt altijd weer wakker. Soms zegt hij dan helaas, soms, hé wat goed, weer een nieuwe dag.

Als ik er iets mee ga doen, met die notities, dan zal het in muzikale zin zijn. Hoe ben ik doorheen de jaren tot de muziek gekomen waar ik nu van houd, of waarvoor ik nog uit mijn zetel kom om een of andere geluidsdrager in gang te zetten, en voldoende luid, zonder enige rekening te houden met de buren, zodat ik er al bij al nog enig plezier aan kan beleven?

Mijn terugblik zal dan, anders dan het teruggevonden overzichtje, naar voor 1965 moeten gaan. Ik geloof dat ik min of meer bewust naar muziek ben gaan luisteren toen ik zes was, in 1956. Niet dat ik zo snel was: mijn broer François is zeven jaar ouder. Door hem ben ik in aanraking gekomen met rock & roll. Daarna zijn we vijanden geworden: hij had een afkeer van the Beatles, the Rolling Stones en vooral van lange haren. Heel belangrijk om wat ik de volgende dagen over mijn ‘muzikale ontwikkeling’ al dan niet ga schrijven te begrijpen. Of niet? Want het was een broederschap, maar tegelijk was het al een generatieclash, veel meer dan met mijn ouders.

De teruggevonden chronologie (dat is toch al een begin):

1965
Zomer: door scholen georganiseerde reis naar Zwitserland (Broc, Vevey, Lausanne). Eenzaam, gepest. Wegens allergie niet mee naar Le dent de Broc. Salut les copains. Bob Dylan, Barry McGuire. The Byrds. Jasjes en hemden.

1966
Parijs (schoolreis). Flipperkasten, the Rolling Stones, Michel Polnareff, Françoise Hardy, the Troggs, Jacques Dutronc. Gestreepte broeken.

1967
Londen (schoolreis). Sgt. Pepper’s in de etalages. Dronken van bier en gin. Jan De Pooter. Jimi Hendrix Experience. The Outsiders. Fluwelen jas, sjaaltjes, zonnebrillen, Roger McGuinn. John Lennon.

1968
Jazz Bilzen, Barbarella, Pink Floyd in het Pannenhuis, liefde. Garelli brommer. Gitaren. Antwerpen.

1969
Films, Henry Miller, Easy Rider, nieuwe vrienden, Brussel, Pink Floyd, Yes, Buck Owens, blote voeten. Incredible String Band, Fred Neil, John Hartford, Tim Hardin.

1970
Aken (popfestival). De politie tegen mijn meisje V. in microjurk, “haben sie eine Hose?” In slaap gevallen bij Pink Floyd. Een halve kilo shit onder onze slaapzak gevonden. Amsterdam. Neil Young. Gram Parsons.

1971 en 1972 ontbreken (huiselijk geluk).

1973
Geelzucht in augustus. ‘A la recherche’ gelezen.  Geen muziek, behalve Steely Dan’s ‘Countdown to Ecstasy’.
September: Hele maand in Villa den Uil in Oostduinkerke, met mijn vrouw, mijn zoon Jesse, Flor, Leo en Vera. We luisteren alleen maar naar ‘Pat Garrett & Billy the Kid’ en roken joints. Gesprekken over astrologie en politiek. Het verlangen naar een commune en seks met iedereen die ons bevalt.

 

rollingstones1.jpg

20-02-13

FROM A WHISPER TO A SCREAM

IMG_2342.JPG

IMG_2357.JPG

IMG_2372.JPG

IMG_2397.JPG

Enkele uitverkoren langspeelplaten 'in scène gezet' op 20 november 2005.

03-12-12

ROCK AND ROLL IN 2012: TWINTIG VOORBEELDIGE PLATEN

VOORBEELDIGE PLATEN.jpg

Ry Cooder, Boomer's Story

Ben ik ooit avontuurlijk geweest? Dat valt te betwijfelen. Als nieuwsgierigheid een vorm van avontuurlijkheid is, dan wel. In bepaalde opzichten ben ik wellicht nog altijd nieuwsgierig. Mensen veranderen niet fundamenteel. Een leven is een herhaling van patronen. We zijn verslaafd aan onze gewoontes, die we soms onze voorkeuren durven noemen. Als ik op reis ga, ga ik naar Cadiz, Porto, Barcelona of New York. Oorden die ik ken, waar ik mijn weg vind, en die me desondanks blijven verrassen. Het onbekende schrikt me niet af, het laat me onverschillig. Ik ben niet conservatief maar wens dat België blijft bestaan. Waarom zou iets moeten veranderen als het enigszins voldoet? Ondanks de lamlendigheid en banaliteit die mijn land zo vaak tentoonspreidt heeft het mij nooit echt teleurgesteld. Ik lees liever ‘Le Rouge et le noir’ nog een keer dan ‘Vijftig tinten grijs’, en zeker niet alleen vanwege de kleuren. Wat als nieuw wordt bestempeld – zeker in de media – is vaak niets anders dan aantrekkelijk verpakte onzin. Alleen enkele vrienden vertrouw ik in hun advies. Als zij me zeggen, je zou dit boek eens moeten lezen, dan geloof ik hen. Zelden ben ik dan teleurgesteld. Ook in mijn muzikale smaak ben ik niet avontuurlijk. Ik ga niet op zoek naar het nieuwe omdat het nieuw is. Wat ik kies en waarom ik dat doe is het resultaat van een lang proces; noem het leven, of ervaring. Omdat ik weet dat er weinig nieuws is onder de zon, omhels ik meestal wat mij bekend is. ‘Cool’ zijn, ‘modieus’, ‘smaakvol’, dat laat ik aan anderen over, aan de vele mensen met meningen, overtuigingen, inzichten, fijne manieren. Ik ben heel tevreden met wat gewoon is en alledaags. Ik ben een heel gewone mens.

Dit zijn de langspeelplaten – sommige duren echt veel te lang – die ik dit jaar graag heb gehoord. Ik vermoed dat deze lijst er over twee maanden nog ongeveer hetzelfde uit zal zien. Maar misschien ook niet. Je weet maar nooit.
 

1.  Ry Cooder – Election Special

2.  Richard Hawley – Standing At The Sky’s Edge

3.  Patti Smith – Banga

4.  First Aid Kit -The Lion's Roar

5.  Tindersticks – The Something Rain

6.  Cat Power – Sun

7.  Great Lake Swimmers – New Wild Everywhere

8.  Alabama Shakes – Boys & Girls

9.  Calexico – Algiers

10. Bob Dylan - Tempest

11. Neneh Cherry & the Thing - The Cherry Thing

12. Dr. John – Locked Down

13. Sun Kil Moon – Among The Leaves

14. Simone Felice – Simone Felice

15. Neil Young & Crazy Horse - Americana

16. Chuck Prophet – Temple Beautiful

17. Father John Misty - Fear Fun

18. Perfume Genius - Put your back N 2 It

19. Beach House – Bloom

20. Lambchop – Mr. M

    

leven, avontuur, nieuwsgierigheid, voorkeuren, keuzes, smaak, rock and roll, top-20, cd's, elpees, 2012

Kurt Wagner, Lambchop.


~~~~

Oorspronkelijk gepubliceerd op 20-10-2012. 

29-12-08

IN MEMORIAM DELANEY BRAMLETT


delaney-and-bonnie


Ik lees net het bericht dat een van mijn jeugdhelden, Delaney Bramlett, vorige zaterdag is overleden. Hij was negenenzestig jaar. Ik volgde eerlijk gezegd niet meer wat de muzikant tegenwoordig deed, maar heel regelmatig beluisterde ik nog met veel plezier platen van hem en zijn ex-echtgenote Bonnie Bramlett. Eind jaren zestig, begin jaren zeventig maakten zij samen bijzonder aanstekelijke blanke soulmuziek. Het vakmanschap van Delaney & Bonnie en hun muzikale vrienden werd in die periode terecht geprezen. Meerdere 'Friends' van Delaney & Bonnie zouden bekend worden als leden van Eric Clapton's enige echt goede band, Derek & the Dominos.

Zelf heb ik dankzij Delaney & Bonnie veel andere uitstekende muziek ondekt, van onder meer Don Nix, Leon Russell, Rita Coolidge, Bobby Whitlock, Bobby Keys en Jim Price. Hun elpees 'Accept No Substitute' , in 1969 uitgebracht op Elektra, en 'Home' in hetzelfde jaar op Stax verschenen, zouden in geen enkele behoorlijke platenverzameling mogen ontbreken. Ik heb een voorliefde voor hun laatste werk, 'D & B Together' in 1972 door Columbia uitgebracht. Er staan parels op als 'Only You Know And I Know', 'Comin' Home', 'Move 'Em Out' en 'Groupie (Superstar)', dat vooral bekend is in de kitsch-versie van the Carpenters. Een naam die je vaak terugvindt op de platen van Delanie & Bonnie Bramlett is die van Duane Allman, een van de beste gitaristen in het blues/rhythm & blues/soul-genre. Dat Delaney & Bonnie zulke uitstekende muzikanten rond zich konden verzamelen, wijst op hun bezielend kracht en hun gastvrijheid. Zelfs George Harrison was een groot bewonderaar van het duo. Delaney Bramlett is er altijd bescheiden bij gebleven.

Moge hij in vrede rusten.

"Things get better baby / when I'm with you."

delaney_bonnie-home

Website van Delaney Bramlett.
Een interessante discografie vind je 
hier.

01-10-08

IT'S ALL IN THE MIND, MAN

pop,vriendschap,droom,licht,autobiografie,cannabis,revolver,gitaar,elpees,rolling stones,wapen,the band,the beatles,nostalgia,led zeppelin,treinreis,1970,mondharmonica,1969,shangri-las,yellow submarine,der amerikanische freund,wim wenders,peter handke,voetnoot,middellandse zee,falsche bewegung,crosby stills nash   young

Blue Meanies.

Vorige nacht, ergens in een kleine stad aan de Middellandse Zee, zag ik E. terug, een oude vriend uit de tijd toen de Karmelietenstraat in Brussel nog niet was afgebroken. Hij deelde gedurende enkele maanden mijn kamer daar. We luisterden elke dag naar The Band, A Whole Lotte Love, Dèja Vu en Let It Bleed. We spraken niet veel, maar schreven gedichten. Als we toch iets zegden was het: It’s all in the mind, man. Dat kwam uit Yellow Submarine. In 1970 werd E. vanwege het schrijven over cannabis in de gevangenis gestopt. Toen hij weer vrij was, was hij zijn verstand kwijt. Kort nadien werd hij  in een instelling geplaatst. Terug in de ‘normale’ wereld heeft hij ons in 1977 van Brussel naar Antwerpen helpen verhuizen. Daarna heb ik hem nooit meer gezien. Tot vorige nacht.

Ik herkende E. meteen. Hij was nog helemaal dezelfde: jong, speels, een beetje onbezonnen, onberekenbaar. Hij leefde in een krotwoning en stal zijn eten op de markt. Van een louche handelaar kocht ik twee revolvers, een alarmpistool en een Lüger. E. wilde die wapens graag een tijdje houden. Dan kreeg ik zijn gitaar.  Maar ik kon niet meteen afstand doen van die aantrekkelijke gebruiksvoorwerpen, die ik nog maar pas had aangeschaft.

We brachten enkele dagen samen door. Dagen van onbezorgdheid, honger en dorst. Voor we afscheid namen wisselden we adressen uit. Ik maakte me er zorgen over dat ik het zijne zou verliezen. Ik wilde mijn oude vriend niet nog eens kwijtraken.

Terug naar ‘huis’ stapte ik op de eerste trein die het station binnenreed Het kon me tegelijk niet en wel schelen of hij in de goede richting reed. Ik verlangde naar mijn gitaar en mijn mondharmonica thuis. Het was overvloedig licht in de trein. De reis mocht dagen, weken duren.

Daarna werd alles weer alledaags en onwerkelijk.

27-09-08

DYLAN EN ANDERE D'S


bob dylan vinyl

Oudere artefacten, een verzameling, het gevolg van een passie, of is het toch een obsessie of een verslaving? Op flickr kun je de foto in groot formaat zien, zodat je de titels van de elpees kunt lezen, mocht je daar zin in hebben.

Beschouw dit als een prelude op mijn verhaal over de dood en de vele wedergeboortes van rock & roll.

12-12-07

ORANGE SKIES

love,da capo,popcultuur,schippers,schipperskinderen,drugs,alcohol,elpees,favoriete songs,daantje,ouders,kinderen,flower power,1967,elektra,doors,jazz,anderlecht,antwerpen,ekeren,limburg,an,dialect,eisden,macao,films,psychedelica,pat,schippersbeurs,shangri la,radio centraal,arthur lee,bryan mclean,lone justice,halfbroer,sixties,maria mckee,jim morrison,donovan,hemel,vrienden,namibie,westen,pop,martin pulaski,foto,charleroi

‘Orange Skies’, dat delicate liedje van Love uit ‘Da Capo’, hun tweede elpee, schreef Bryan MacLean, in tegenstelling tot de meeste andere Love-songs - die uit het muzikale hoofd van de betreurde misfit Arthur Lee kwamen. Beiden zijn jong gestorven, Bryan MacLean enkele jaren voor Arthur Lee. In de jaren tachtig werd MacLeans naam soms nog wel eens genoemd omdat hij de halfbroer was van Maria McKee, bekend van Lone Justice en van haar eerste soloplaten. Nu is ze in de koopjesbakken van de Fnac terug te vinden.

Mijn zoon was gek op haar, voor Maria McKee had hij een moord kunnen plegen, en mijn vriend Pat, met wie ik in die dagen een radioprogramma maakte – dat Shangri La heette -  net hetzelfde. Ik vond Maria McKee wel goed, maar een beetje te theatraal, een soort verlangen naar divaschap lag er nogal dik op. En ze zwetste bovendien teveel over religie. Haar halfbroer hoorde bij een of andere sekte. Ik zocht het nooit op of vergat het omdat die biografische details mij eigenlijk niet echt interesseren.

Maar Love verdient wel aandacht. De band was een van de belangrijkste van de jaren zestig, hij had alleszins de meest originele sound van alle rockgroepen uit Los Angeles. En Love was bij de eersten die een contract kregen bij Elektra, nog voor the Doors.


Als ik ‘Orange Skies’ hoor denk ik altijd terug aan de tijd dat ik nog ‘onschuldig’ was, ik had zo goed als nooit alcohol gedronken, geen drugs genomen, niets. De echte trip was het luisteren naar het lied: die delicate gitaar, bijna jazz; de tekst heeft iets van een bossa nova van Antonio Carlos Jobim. “Yeah, you make me happy”, klinkt zo eerlijk ook, alsof die magische woorden voor de eerste keer worden uitgesproken. Dan komt de fluitsolo, die meteen beelden oproept van love-ins in 1967 en de summer of love aan de West-Coast. Een afkooksel van die muziek komt voor in veel films uit die tijd, waarvan de meeste nu vergeten zijn. “And I love you too, you know I do…”


Als ik aan ‘Orange Skies’ denk, denk ik aan Daantje, een schipperszoontje waar ik bevriend mee was en – waarschijnlijk omdat hij drie jaar jonger was dan ik – die alles bewonderde wat ik bewonderde. Hij was het zoontje van Stef en Mariette, een bevriend echtpaar van mijn ouders. Stef was zeer mager en in zichzelf gekeerd, maar tevens sterk, met veel wilskracht, terwijl Mariette meer aan de ‘forse’ kant was en altijd het woord voerde. Het was duidelijk dat zij de broek droeg in dat huishouden. Beiden spraken met een Kempens accent, dat is me altijd bijgebleven, misschien door die oranje hemel, die je in de Kempen soms wel eens ziet. Mijn vader was een Limburger, uit de Maasvallei afkomstig, maar had het Boomse dialect van mijn moeder overgenomen. Het was geen verfijnde taal; voor ik naar school ging was er echter niets anders. Eens op school leerde ik Algemeen Nederlands spreken. Jongens toch, veertig jaar later hoort iedereen nog altijd dat ik uit Limburg kom, terwijl ik in Ekeren (Antwerpen) ben geboren, en mij in die stad het meest thuis voel. Ook boven de Schelde zie je soms dat oranje licht, dat je verlangen naar ik weet niet waar kan aanwakkeren. Dat licht geeft je zin om te vertrekken naar een exotische plaats, Macao denk ik nu, omdat dat de titel is van een film die ooit veel indruk op me maakte. Maar het kan net zo goed Japan zijn, of Namibië, waar twee van mijn beste vrienden lang hebben gewoond. Als er maar mooie, wulpse vrouwen heupwiegen, en je er whisky kunt drinken en sigaren roken…


Als schipperskinderen waren wij hoe dan ook al veel onderweg, maar we reisden nooit echt ver. De jongeren aan de wal leken ons avontuurlijk leven echter te benijden. Daardoor vond ik hier en daar wel een vriend, maar altijd maar slechts voor enkele dagen. Daarna waren we weer weg. Ongeveer een jaar lang was Daantje er altijd bij, omdat zijn ouders en mijn ouders dezelfde vrachten vervoerden naar dezelfde plaatsen en vervolgens met hun lege schepen terugkeerden naar Eisden, waar de schippersbeurs van Limburg gevestigd was. Soms stoorde mij Daantje’s aanwezigheid, omdat hij nog zo jong was, en misschien ook vanwege dat vreemde dialect. Ik sprak toen immers een vorm van Algemeen Nederlands! Daantje was een goede jongen, en stond open voor de nieuwe wereld van de psychedelica. Als we drugs hadden gehad, zou hij er zeker mee hebben gebruikt. We zouden op een kanaaloever hebben gezeten tussen de struiken, hier en daar een muskusrat, en de ene joint na de andere hebben gerookt. Maar het enige wat we deden, soms, was een klein glaasje Gordon’s gin drinken. Dat gaf een ontzaglijke kick, je zag er sterren van. En dan legde ik ‘Da Capo’ op, met al die onvergetelijke melodieën. We kickten het hevigst op het 18 minuten durende ‘Revelation’; dat was typisch voor die tijd, freak outs, noemden we dat, het waren jams, improvisaties, gebaseerd op de blues, maar met Oosterse invloeden, raga’s. Als we dan gingen slapen bleef ‘Orange Skies’ in mijn hoofd nazinderen, die ongewone melodie en die mooie beelden.


Ik had een vriendin – Helena - in Istanbul, waar ik later meer over zal vertellen (en in het verleden misschien al heb gedaan), waar ik elke zondag een brief van tien bladzijden naar schreef. Vaak voegde ik daar poëzie van mezelf aan toe, schamele imitaties van Marsman en Gorter, en heel vaak geïnspireerd door Jim Morrison, Donovan, en door ‘Orange Skies’ van Love.

En als ik nu hier in Anderlecht in de lente of de zomer ’s avonds naar de hemel kijk zie ik soms nog die oranje lucht in het Westen, als de zon ondergaat, en denk ik, wat is er met mijn leven gebeurd?

mon patrie 2

Op de foto: Daantje links, MP rechts. Let op mijn Pink Floyd jas.

01-11-06

WACHTEN OP ALLEN TOUSSAINT

allen toussaint,soul,namen,new orleans,rhythm and blues,pop,foto,martin pulaski,elpees

Gespannen zit ik af te wachten. Koortsachtig bijna. Het is een aangename spanning, een positieve koortsachtigheid. Vanavond zie ik een van de grootmeesters van de soul en rhythm and blues aan het werk, een van mijn helden, een van de beste songschrijvers van zijn generatie: Allen Toussaint, uit New Orleans. Op de dag van alle heiligen, dat kan alleen maar een groot feest voor de ziel worden. Maar versta me niet verkeerd, ik heb me niet bekeerd. Het is een goddeloze ziel waar ik het nu – en eigenlijk altijd – over heb.


Met deze temperatuur wordt het zeker geen southern night, maar dat geeft niet. En wat geeft het dat ik nu geen namen noem van de tientallen zangers en zangeressen voor wie Allen Toussaint songs heeft gecomponeerd? Misschien doe ik dat later toch nog, na middernacht, of morgen, als ik nog volop zal nagelieten. Ook al wordt dat namen noemen mij niet door iedereen in dank afgenomen, alsof elke naam die ik noem niet uit mijn hart komt, alsof ik jullie wil overbluffen met mijn zogenaamde eruditie. Ik kan alleen maar zeggen dat het louter en alleen om bewondering gaat. Ik heb altijd al mijn bewondering met zoveel mogelijk mensen willen delen. Tot mijn laatste snik zal ik dat blijven doen. En – figuurlijke – boomschorsbootjes snijden met mijn pennenmesje.

25-08-06

JOE BOYD: POP IN DE SIXTIES

popmuziek,elpees,popcultuur,sixties,joe boyd,pop,nick drake,ufo,favoriete platen,lijst,verleden,voorbij

Ik lees white bicycles, een schitterend boek van Joe Boyd over muziekmaken in de sixties, Joe Boyd heeft een boeiend leven gehad, en hij is nog lang niet dood. We kennen hem vooral als producer van Fairport Convention en Nick Drake en van zijn Hannibal platenlabel. Maar hij heeft een massa andere, zeer uiteenlopende dingen gedaan. Op zijn eenentwintigste bracht hij Muddy Waters naar Europa. Hij organiseerde Europese toernees voor Roland Kirk en Coleman Hawkins, hij stond aan de wieg van de UFO in Londen (de plek waar de underground ontstond en ten onder ging.) Enzovoort. Het is een geweldig boek, inderdaad, maar het maakt me ook wel een beetje jaloers en afgunstig. Waarom heb ik niet meer met mijn leven gedaan? In zekere zin lag een dergelijk bestaan binnen mijn bereik. Alleen was ik te jong. Ik ben te laat geboren. Het voordeel daarvan is dat ik nu nog relatief jong ben, ha ha. Naar aanleiding van dat boek bedenk ik dat bijna al mijn favoriete elpees in die periode zijn opgenomen. Er is nog wel goede hedendaagse muziek, bijvoorbeeld van Cat Power of the Walkabouts, maar een volledige cd – van om het even wie - heeft niet meer de emotionele impact, de pertinentie en de melodieuze rijkdom van wat toen verscheen. Ik denk nu spontaan aan deze meesterwerken: 


Butterfield Blues Band – East West
Pink Floyd – The Piper At the Gates Of Dawn
Pretty Things – S.F. Sorrow
Fairport Convention – Unhalfbricking
Bob Dylan – Blonde On Blonde
Bob Dylan – John Wesley Harding
Byrds – The Notorious Byrd Brothers
Beatles – Revolver
Beach Boys – Pet Sounds
Beach Boys – Smiley Smile
The Fantastic Expedition Of Dillard & Clark
Flying Burrito Brothers – The Gilded Palace Of Sin
Aretha Franklin – I Never Loved A Man
Beatles – Revolver
The Band – Music From Big Pink
Pearls Before Swine - One Nation Underground
Bee Gees - Bee Gees 1st
Cream – Disraeli Gears
Jimi Hendrix Experience – Are You Experienced?
Nick Drake - Five Leaves Left
Kinks - Face To Face
Syd Barrett – The Madcap Laughs
Tim Buckley – Blue Afternoon
Rolling Stones – Beggar’s Banquet
Incredible String Band - The Hangman's Beautiful Daughter
Doors – Waiting For The Sun
Velvet Underground & Nico
Nico – Chelsea Girl
Who – The Who Sell Out
Love – Da Capo
Jefferson Airplane – Surrealistic Pillow
Steve Miller Band – Children Of the Future
Moby Grape – Moby Grape ‘69
Alexander Spence – Oar
Captain Beefheart & the Magic Band – Safe As Milk
Mothers Of Invention - Absolutely Free

En zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Maar de lezer kan zelf wel aanvullen. Overigens laat ik de singles (Atlantic, Stax, Philles, Fire, Fury, Motown, enzovoort) dan nog buiten beschouwing. In die groeven bevond zich de perfecte dansmuziek, die ik nog steeds opzoek als ik wat beweging in mijn leven wil brengen.