23-01-17

VOOR HET RAAM

Angela-Davis-.jpg

Zondagochtend. Ik luister naar ‘At My Window’ van Townes Van Zandt, een van de allermooiste liedjes die ik ken. De onmiskenbare stem van Townes en de viool van Mark O’Connor vervullen mij met een zeldzame warme melancholie. Ik kijk door het raam naar de koude straat, badend in het zonlicht. Boven de huizen en de bomen aan de overkant lijkt alles stil, zelfs de vogels in hun vertrouwde en toch altijd raadselachtige vlucht. Het is een goede stilte die ik hoor – tussen de noten en de woorden in het lied en daarbuiten boven de daken en de kale bomen. Het is goed als alles samenvalt, als je voelt dat het kleine ook het grote omvat.

Ik verander elke dag wat. Kleine danspassen, onzichtbaar, traag, zoals de bruine vlekjes op mijn vingers. Die veranderen ook, maar je ziet ze niet bewegen. Maar gelukkig niet zo snel als tulpen groeien, hoewel je daar evenmin beweging in ziet.

TownesVanZandt.jpg

De hele dag staat nog in het teken van de Women’s March van gisteren. Ook dat massaal protest, die vredevolle revolutie, maakt me blij – maar in dit geval zonder enige melancholische ondertoon. Een muzikaal voorbeeld van dat gevoel kan ik niet zo meteen vinden. Misschien ‘Ice Cream Man’ van Jonathan Richman? We kijken naar speeches van Ashley Judd, Madonna, Angela Davis en Robert de Niro. In weerwil van hun verscheidenheid – intens, zakelijk, intellectueel, krachtdadig – hoor ik hun stemmen samenvloeien, een koor van solidariteit ontstaan. Wat heb je aan dergelijke betogingen, schrijven sommige kranten, de eisen en verwachtingen lopen zo uiteen. Er is geen eenheid. Maar die eenheid hoor ik wel en die zit net in het verschil, in de meerstemmigheid. Zal de nieuwe president nu slecht slapen? Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk herleidt hij dit wereldkoor tot een detail, tot wat dwaze vrouwenstreken.

ashley judd.jpg

Gerust ben ik er niet in. Trump is extreem narcistisch en narcisten met zoveel macht zijn gevaarlijk. Kijk maar naar Mussolini. Paus Franciscus maakte (tussen de regels) een vergelijking met Hitler. ‘Hitler heeft de macht niet gestolen. Hij werd verkozen door zijn volk en heeft dat volk daarna vernietigd’, benadrukte de paus. De mensen zeggen ‘laat ons een redder zoeken die ons onze identiteit kan teruggeven, en laat ons ons beschermen met een muur, met prikkeldraad, met eender wat, zodat de anderen onze identiteit niet kunnen afnemen. En dat is zeer erg.’
Trump heeft van leugens, bedrog en zelfbewieroking zijn handelsmerk gemaakt. De bespottelijke weelde van zijn toren, van zijn woningen, zijn kamers, zijn kleren, zijn hele hofhoudding. Hol en leeg en zinnenprikkelend zoals de inrichting en verlichting van casino’s. Wansmakelijk zoals reclame voor hamburgers en SUV’s. Zijn speech, “een eigenhandig geschreven filosofisch traktaat”, ontleende hij voor een deel aan de film ‘Avatar’, aan liedjes van Woody Guthrie, Bruce Springsteen, aan speeches van Bernie Sanders… Ik hoorde er zelfs Stalin in. Mocht ik gelovig zijn zou ik zweren: dit is de incarnatie van Satan. Alles aan hem en aan de gevaarlijke bende miljardairs met wie hij zich omringt is verachtelijk. Zullen we met hem moeten leren leven, zoals ik als kind heb leren leven met de atoombom, of zal het volk dat hem democratisch verkozen heeft hem vroegtijdig ten val brengen?
Ik weet dat ik romantisch en naïef ben, maar ik geloof dat de vrouwen ons geleidelijk aan zullen bevrijden, niet alleen van Trump maar van elke vorm van onrechtvaardigheid. Vrouwen en tedere mannen – zoals Townes van Zandt er een was, zoals Woody Guthrie, zoals Allen Ginsberg, zoals Jim Jarmusch. Alle vrouwen en alle mannen die zich geen rad voor de ogen laten draaien, dienstweigeraars, burgerlijk ongehoorzamen, gerevolteerden. Mensen zoals jij die dit leest.

 we the people.jpg

 

19-12-16

THE TIME IS OUT OF JOINT

sly riot.jpg

TIEN DAGEN DIE MIJN WERELD DEDEN WANKELEN (hoofdstuk 11)

Dag 8: 9 november 2016

Met welk persoonlijk voornaamwoord deze dag te lijf gaan? Ik, jij, wij? Aangezien het vandaag 19 december is en de dag in kwestie 9 november zouden wij de eerste persoon meervoud kunnen gebruiken: niet alleen ik of jij weet wat er die dag is gebeurd, iedereen weet het, we weten het met z’n allen. De uitslag ligt onherroepelijk in het verleden. Een voorwerp dat stuk is kan soms nog worden hersteld, een gebeurtenis in het verleden kan niet ongedaan worden gemaakt. Wat was was, wat niet hetzelfde is als wat zal zijn, zal zijn.

Wij werden samen wakker, maar niet allemaal tegelijk. Ik ontwaakte uit een onrustige slaap, moe en futloos. Ik vroeg me af of er nog van die heerlijke winkels voor bureaubenodigdheden zouden bestaan maar kon er mij geen enkele voor de geest halen. Straks eens opzoeken, dacht ik. En dan drong het tot me door. Tot mij ja, want ik was alleen; Laura was op visite bij haar zus. Eigenlijk wilde ik er niet over nadenken, ik wilde het zelfs niet weten. Want ik had een voorgevoel, sterker dan de voorbije dagen. Ik wist bijna zeker wie het geworden was, die verdomde president-elect. Ik wilde niet uit ons bed komen en naar de keuken gaan om op de radio mijn voorgevoel te horen bevestigd worden. Geen radio vandaag, geen televisie! Nee, ik bleef lekker liggen. Lekker? Helemaal niet lekker, wel ongemakkelijk, bitter gestemd, boosheid in mijn ziel. Woede. Razernij. Terwijl ik nog niets wist. Na ongeveer een half uur begon ik toch wat hoop te krijgen. Zo gaat dat altijd bij mij. Eerst de hel, dan het purgatorium, dan (heel af en toe) het paradijs. Hoewel ik geen bewonderaar ben van Hillary Clinton, wel integendeel, hoopte ik toch dat niet hij maar zij de overwinning behaald zou hebben. Better the devil you know than the devil you don’t. Hoewel je natuurlijk nooit iemand echt kent, zeker de duivel niet. Op het nachtkastje ligt bijna altijd mijn smartphone. Die zette ik aan en om niet meteen met meningen en opinies overvallen te worden ging ik eens kijken op Instagram. Daar zie je weinig tekst en hoor je weinig geleuter. Trump. Donald Trump.
Ik blijf de hele dag in bed, dacht ik meteen. Mij krijg je er niet uit. Ik maakte een foto van mijn dekbed en postte die op Instagram, met als onderschrift “Feeling miserable on a miserable day. Better stay in bed. #trump #depression #elections #americanelections #usa

Henry_David_Thoreau_-_Dunshee_ambrotpe_1861.jpg

Een half uur later zat ik aan het ontbijt (ik was nog altijd alleen, maar voelde toch al een heel sterk ‘wij’) en hoorde Van Morrison zingen: “It ain’t why, why, why, it just is”. Die stem, die woorden gaven me wat moed. Ik nam mijn dagboek en schreef dit:
“”It ain’t why, why, why, it just is” hoor ik Van Morrison zingen. Het enige juiste antwoord? “It just is.” Waarom zou je je opwinden over iets dat nu vaststaat, dat onherroepelijk is, iets wat de hele wereld nu weet, een voldongen feit. Daar is toch niets meer op af te dingen? De strijd is gestreden en verloren. Eerst wilde ik de hele tijd in bed blijven liggen, maar dat heb ik nooit gekund, tenzij in geval van ernstige ziekte of zware kater. We moeten ons verzetten, het ‘andere’ Amerika – dat niet alleen geografisch bepaald is – moet zich verzetten. Denk aan Henry David Thoreau: civil disobedience, burgerlijke ongehoorzaamheid. De schunnige varkenskop is geen legitieme president, geen president voor alle Amerikanen, zelfs niet voor de meerderheid. “It just is”, maar dat betekent nog niet dat we ons bij die stand van zaken moeten neerleggen.”

Wat later las ik bij David Van Reybrouck het volgende:
“De wereld is er sinds vannacht een stuk onzekerder op geworden. Dit is niet alleen een electorale aardverschuiving, maar ook een geopolitieke landslide. De verkiezingsuitslag van vannacht zal naschokken door de hele wereld sturen en de kaart van decennia-oude allianties hertekenen. De verhouding tussen Europa en Amerika zal grondig veranderen. Mogelijk betekent het het einde van de Europese Unie: rechts-populisten ruiken hun kans om de Unie verder uit te kleden. De positie van Amerika als dominante speler op het wereldtoneel zal wijzigen. De verhouding Amerika-Rusland zal een nieuwe fase binnengaan. Syrië wordt het strijdperk waar die nieuwe krachtsverhoudingen zullen worden uitgeprobeerd. Het Midden-Oosten zal hertekend worden, met nieuwe machtsevenwichten tussen Turkije, Iran, Saoedi-Arabië en Egypte. “

WHATSGOINGON.jpg

Meer muziek om mij wat op te monteren, om mijn woede te ‘kanaliseren’! Zonder veel vreugde of strijdlust te voelen beluister ik ‘There’s a Riot Going On’ van Sly & the Family Stone, ‘What’s Going On’ van Marvin Gaye, ‘Forces Of Victory’ van Linton Kwesi Johnson, ‘London Calling’ van the Clash. Maar dat “it just is” blijft in mijn hoofd spoken. De muziek die ik hoorde kwam voort uit een geestesgesteldheid die niet veel meer is dan een herinnering. Voltooid verleden tijd. Ze biedt troost omdat ze mooi is en oprecht maar nu hebben we andere liederen, andere kunst, andere vormen van opstandigheid nodig. De eerste bemoedigende signalen vang ik op via het door velen vervloekte facebook. Daar zie ik de eerste dissidente beelden en hoor ik de eerste woorden van protest, van burgerlijke ongehoorzaamheid.

’s Avonds kunnen wij er niet aan weerstaan om naar Terzake te kijken. Daar hebben ze er niet beter op gevonden dan Filip Dewinter en Karel De Gucht als deskundigen inzake Amerikaanse politiek uit te nodigen. Dewinter noemt de verkiezing een “revolutie van de Amerikaanse kiezer”. Gelukkig heb ik bijl noch long rifle. Laura is het zo zwaar te moede dat ze meteen naar bed gaat.

Laten we een oude geest oproepen. Een film uit de gloriedagen van de film. Laten we ons verdoven met een meesterwerk van Orson Welles: ‘Othello’, een aan het waanzinnige grenzende versie, voor een groot deel gefilmd in de Marokkaanse kuststad Essaouira/Mogador. En daarna zien we wel weer. The time is out of joint, maar veel is nog mogelijk. Alles is beslist, maar er is tegelijk nog steeds een zee van mogelijkheden. Want zie je, onder de afvalmaatschappij waar we in leven is de verbeelding nog altijd aan de macht (bij wijze van spreken, want de verbeelding heft de macht op).

othello_2.jpg

...

Afbeeldingen: 'There's a Riot Going On, Sly & the Family Stone; Henry David Thoreau; 'What's Going On', Marvin Gaye; 'Othello', Orson Welles.

15-12-14

STAKEN

the-celebration-georg grosz.jpg

Meestal ben ik aan de stille kant, maar al een aantal weken - of zijn het maanden ? - geleden heb ik die stilte doorbroken. Van mij worden wellicht alleen maar muzikale intermezzo’s en enkele in mooie woorden gegoten mijmeringen verwacht. Nostalgisch en melancholisch gedagdroom en de zucht naar liefde en tederheid. Maar nu moet ik toch over politiek spreken, ook al ben ik politicus noch ideoloog. Aangesloten ben ik bij geen partij, al ben ik altijd progressief en links geweest. Mijn helden, of noem ze antihelden, zijn geen politici, maar kunstenaars, schrijvers, troubadours en wat men gewone mensen noemt.  Neen, zeker geen politici. Maar de situatie is te ernstig om over wat er in dit land op politiek gebied gebeurt nog langer het zwijgen toe te doen.

Gisteren las ik deze uitspraak van de Grote Leider (ik wil zijn naam niet meer noemen):  “Je kan natuurlijk veel doen om de competitiviteit te herstellen en ook moeilijke maatregelen nemen. Als men natuurlijk ondertussen de economie kapotstaakt, dan is het allemaal voor niks.”

N
iets ongewoons voor hem, maar mij kunnen zulke woorden nog altijd razend maken. Op facebook reageerde ik spontaan met dit commentaar: “Er moet helemaal niets worden hersteld, en zeker de competitiviteit niet. Alleen het woord al doet me braken. De bevolkingsgroepen tegen elkaar in het harnas jagen, verdeling en haat zaaien onder de burgers (kijk eens naar zijn blik): dat is zijn idee van competitie. Wat opnieuw moet worden uitgevonden is solidariteit, rechtvaardigheid, mededogen en plezier. Daarvoor je stem verheffen; actie voeren via staking en andere vormen van protest, is een recht en, als je er even over nadenkt, zelfs een morele plicht. En dat heeft niets met "de socialisten" te maken.”

Al is mijn razernij afgenomen, denk ik er nu, maandagvoormiddag, nog net zo over. En ik voeg er het volgende aan toe.

We worden tegen elkaar uitgespeeld. Degenen die staken en degenen die willen werken. Degenen die sympathiseren met de stakers, degenen die ze verwerpelijk vinden.  De leiders van dit land, politiek of economisch, hebben daar alle belang bij en ze doen er alles voor om de haatgevoelens aan te zwengelen.

Daar moeten we ons tegen verzetten. Degenen die willen werken zijn niet de vijanden van degenen die nu staken. Misschien zijn ze verblind, misschien zijn ze bang, misschien kunnen ze niet anders.

Misschien moeten we beter naar ze luisteren. Niet om ons van onze gerechtvaardigde verontwaardiging af te laten leiden, maar om meer duidelijkheid te krijgen in de huidige situatie. Het heeft geen zin de hele bevolking in twee groepen te verdelen, twee groepen die beide uit individuen bestaan die min of meer dezelfde behoeften, noden, wensen en verwachtingen hebben. Twee groepen die dezelfde vijand hebben: de verderfelijke grootkapitalist die nog altijd het laatst lacht. Die vijand moet het lachen vergaan. Hij en zijn marionetten in deze regeringen – democratisch verkozen, dat wel – moeten de rekening betalen. Om voor eens en voor altijd gedaan te maken met zijn spilzucht, zijn minachting, zijn schijnbaar onaantastbare macht en zijn verhevenheid boven de menselijke wet.


...

Tekening: Georg Grosz

03-12-12

ZONDER MEER

zondermeer.jpg
Brussel, 2005.

"Altijd wekte hij de indruk dat hij nergens bijhoorde maar wel ergens bij zou willen horen."

Pascal Mercier, De pianostemmer. 

Deze foto van mezelf op een Brusselse tram, in het najaar van 2005, met een communistische pin op de rever van mijn jas – bovendien had ik een rood hemd aan  - vond ik passen bij het citaat van Pascal Mercier. Die pin ben ik kwijt, het was slecht materiaal, uit de Sovjet-Unie. Gekocht op een rommelmarkt in Berlijn in 1998.

Waarom droeg ik die dag - en ik geloof alleen die dag - die pin? Waarschijnlijk om andere tramgebruikers op stang te jagen. Ik denk namelijk dat veel inwoners van deze en andere Belgische steden zich meer ergeren aan zo'n onbenullig symbool dan aan bijvoorbeeld een gewelddaad in de publieke ruimte of waar dan ook. Ik weet het niet met zekerheid. In juni 1997 hebben crapuleuze types mij op een zonnige avond in elkaar geklopt; ik was bijna dood (heb er foto's van, polaroids die mijn gezellin gemaakt heeft als bewijsmateriaal voor de verzekering - die laat ik niemand zien, voorlopig toch niet, het is werkelijk een horrorshow): auto's reden voorbij, zelfs voetgangers liepen door alsof er niets aan de hand was. Maar ik dwaal af...

Ik ben nooit lid geweest van een communistische partij; heb een ambiguë 'verhouding' met het communisme. Er is zo'n kloof tussen de praktijk (Sovjet-Unie, DDR) en de vaak heel goede ideeën van Marx, Gramsci, Sartre, Zizek en anderen. Tegen wil en dank ben ik een individualist (maar nog steeds op zoek naar een gemeenschap). Zoals Mercier schrijft: ik wek de indruk dat ik nergens bijhoor, maar zou zeker wel ergens bij willen horen. Wat ik heel goed weet is waar ik niet bij wil horen. Ik vermoed dat lezers van hoochiekoochie dat net zo goed weten. Maar wat ik niet weet is waar ik wel bij wil horen. 

~~~

Oorspronkelijk gepubliceerd op 27-11-2012