02-06-12

SOUVENIRS OF LONDON: ZERO DE CONDUITE

 brianjonessukipoitier.jpg

Brian Jones & Suki Poitier.

Zéro de conduite is een programma op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Heerlijk als je druk bezig bent in de keuken, of bij het aperitief, en later aan tafel! Stem af op 106.7 FM. Je kunt het programma eveneens via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over de radio.

Vorige week was ik na meer dan tien jaar nog eens in Londen. Ik kwam aan in een nieuwe stad, waar de oudere versies van Londen gelukkig nog waren blijven bestaan. Onnodig hier alle monumenten van het British Empire en van de ‘heerlijke’ nieuwe wereld van glas en staal op te sommen. Iedereen kent ze. Ik heb vooral plaatsen bezocht waar ik niet eerder was geweest: een pittoresk gedeelte van Hyde Park aan de Serpentine, waar ik een risotto at terwijl ik uitkeek over de vijver waar, zo las ik in de Rough Guide, de zwangere vrouw van Percy Shelley, zich verdronk; de Saatchi Gallery, waar een indrukkende tentoonstelling liep (“Out Of Focus: Photography”); Chinatown, waar ik wild werd van de kleuren en de opschriften en de passanten; de Millennium Bridge en Tate Modern (bestonden de vorige keer nog niet); de oevers van de Theems; Whitechapel; Gospel Oak; Highgate Cemetery (met graven van o.m. Karl Marx en George Sand); National Portrait Gallery; en – voor mij mooist van al – Primrose Hill, waar William Blake ooit converseerde met de ‘spiritual sun’. Een avond heb ik uitstekend gegeten met mijn vrienden Deborah A. en Neil F., en daarna veel bier gedronken in een geweldig Spaans/Belgisch ‘café’, Bradley’s Spanish Bar, in Hamway Street. Voor ik de Eurostar naar Brussel terug nam, sprong ik even in de platenzaak Sister Ray binnen, die Neil me had aangeraden. Het aanbod was er zo overweldigend dat ik geen keuze kon maken en zonder muziek weer buitenstapte. Een aanrader voor muziekliefhebbers, maar je moet kunnen kiezen.

Tijdens mijn lange wandelingen hoorde ik in mijn hoofd de melodieën en tekstfragmenten van liederen die Londen of een Londense wijk of de sfeer van Londen, het leven in Londen, als onderwerp hebben. Een aantal van die songs breng ik nu onder de aandacht. Veel uitleg hebben ze niet nodig. Nee, eigenlijk spreken ze stuk voor zichzelf, en voor London.

jane-birkin-blowup.jpg

Jane Birkin in Blow-Up - Michelangelo Antonioni 

Eight Miles High – Fifth Dimension – The Byrds
Stroll On –  OST Blow Up – The Yardbirds
13 Chester Street – The Pretty Things – The Pretty Things
Play With Fire – Out Of Our Heads USA – The Rolling Stones
“Your old man took her diamond’s and tiaras by the score
Now she gets her kicks in Stepney
Not in Knightsbridge anymore
So don’t play with me, ’cause you’re playing with fire.”

With The Sun In My Eyes – Horizontal – Bee Gees
Conversation Of Floral Street – Odessey & Oracle – The Zombies
Floral Street is vlakbij Covent Garden.
No. 10 Downing Street – Trogglodynamite – The Troggs
The London Boys – The Deram Anthology 1966-1968 – David Bowie
René – Ogden’s Nutgone Flake – The Small Faces
“There she is parading on the quayside
You can find her every night
Ah, waiting for a stevedore from Tyneside -
Why it's Rene, the docker's delight!”

London Social Degree – Forever’s No Time At All: The Anthology – Billy Nichols
Sunny Goodge Street – Fairytale (1965) – Donovan
“On the firefly platform on sunny Goodge Street
Violent hash-smoker shook a chocolate machine
Bobbed in an eating scene.”
Waterloo Sunset – Something Else – The Kinks
At The Chime Of A City Clock – Bryter Layter – Nick Drake
Primrose Hill – The Road To Ruin – John & Beverly Martin (Beverly)
London Conversation – London Conversation – John Martyn
Soho – Bert and John – Bert Jansch & John Renbourn
Street Fighting Man – Beggars Banquet – The Rolling Stones
Werewolves Of London – Excitable Boy – Warren Zevon
A Souvenir Of London – Grand Hotel – Procol Harum
“Yes, I found a bit of London
I'd like to lose it quick
Got to show it to my doctor
'Cause it isn't going to shrink
Want to keep it confidential
But the truth is leaking out”

Richmond – Long Player – The Faces
(I Don’t Want To Go To) Chelsea – This Year’s Model – Elvis Costello & The Attractions
The Guns Of Brixton – London Calling – The Clash
Down In The Tube Station At Midnight –  All Mod Cons - The Jam
Dirty Water – Dirty Water: The Very Best Of The Inmates – The Inmates
Deze song is oorspronkelijk in Boston gesitueerd, de rivier heet daar de Charles.
The Inmates hebben hem naar Londen aan de Theems verplaatst.

London – The World Won’t Listen – The Smiths
Swinging London – Pretenders (bonus) – The Pretenders
Upfield – William Bloke – Billy Bragg
The Bus Driver’s Prayer – Reasons To Be Cheerful – Ian Dury & The Blockheads
A View From Her Room – La Variété – Weekend
Oxford Street – The Works – Everything But The Girl
Piccadilly Palare – Bona Drag – Morrissey
Brompton Oratory – The Boatman’s Call – Nick Cave & The Bad Seeds
Brompton Oratory is een kerk in Kensington.
Hotel Columbia – The Heat – Jesse Malin
“The sun goes down over Hyde Park
The concierge is tending bar
Meanwhile back across the pond
Now my friends are dads and moms”

Willesden To Cricklewood – The Future Is Unwritten – Joe Strummer & The Mescaleros


Research & Presentatie: Martin Pulaski

P1060116.JPG
Sister Ray - Foto: Martin Pulaski

26-05-12

MAAT VAN ALLE DINGEN

 

duanemichals 2.jpg
Foto: Duane Michals

 

Sommige mensen gaan stuk van sport.
Sommige van gul lachen.
Sommige van zwaarlijvigheid.
Sommige van myasthenia gravis.
Sommige mensen gaan stuk van motoren.
Sommige mensen van eenzaamheid.
Sommige van te lang alleen zijn.
Sommige van geruchten en rumoer.
Sommige van meditatie.
Sommige van de nabijheid van een idyllisch park.
Sommige van opgezette haaien.
Sommige mensen gaan stuk van het zien van een lelie.
Of van een andere bloem.
Sommige van zuchten.
Sommige van twijfel.
Sommige van te lang vliegen.
Sommige mensen gaan stuk van Paul Auster.
Sommige van ijverzucht.
Sommige van Tristan en Isolde.
Sommige mensen gaan stuk van verveling.
Sommige van teveel.
Sommige van te weinig.
Sommige van kogels.
Veel mensen gaan stuk van honger.
Veel meer van dorst.
Sommige mensen gaan stuk van bommen.
Sommige van misprijzen.
Sommige van haat.
Sommige van bezittingen.
Sommige van exotische vlinders.
Sommige mensen gaan stuk van liefde.

07-04-12

EMOTIES IN SOUL / ZERO DE CONDUITE

don covay.jpg

Zéro de conduite is een programma op Radio Centraal in Antwerpen. Elke eerste zaterdag van de maand, van 6 tot 8 ’s avonds. Heerlijk als je druk bezig bent in de keuken, of bij het aperitief, en later aan tafel! Stem af op 106.7 FM. Je kunt het programma eveneens via streaming beluisteren. Hier vind je meer informatie over de radio.

Vandaag geven we aandacht aan emoties, zoals die aan bod komen in soulmuziek. Wat dat betreft lijkt dit genre op country, alleen kun je er prettiger op dansen. Niet alles wat vanavond aan bod komt is ‘pure’ soul: we zijn dan ook nooit puristen geweest. Wat dan wel de revue passeert is de passie die je aantreft in songs van schrijvers als Dan Penn, Spooner Oldham, Bert Berns, Jerry Ragavoy, Eddie Hinton, Swamp Dogg (Jerry Williams Jr.), Allen Toussaint en vele anderen – en de passie in de uitvoering van vooral zwarte zangeressen en zangers uit het Zuiden van de Verenigde Staten. De negativiteit van emoties en gevoelens als verdriet, jaloezie, woede, van allerlei vormen van psychische pijn, wordt opgeheven in de intensiteit van de zang, de funk van het ritme en de subtiliteit van de toetsen. Overigens gaat soul niet altijd over donkere gevoelens en noir-achtige toestanden als overspel, bedrog en verraad: soms is deze muziekvorm pure extase, opwinding, liefde, empathie en mededogen. Alle songs die aan bod komen zijn nooit minder dan geïnspireerd door iets wat op het vuur van de ‘heilige geest’ lijkt. Alleen hebben deze zangers, zangeressen en sessiemuzikanten zich – sinds de soul gospel van Ray Charles ‘I Got A Woman’  (1955) - van het onderdanige geloof in een kerkelijke god afgewend en zijn ze verwikkeld in een brandende, zowel primitieve als complexe liefdesgeschiedenis. Hun aandacht gaat naar wat vergankelijk is, naar de glanzende huid, het kloppende hart en het mysterie van de materiële ziel. Naar de intense gevoelens, emoties en passies van mensen zoals jij en ik.

irma thomas.jpg

 

Twist And Shout  (1962) – The Bert Berns Story Vol 1 – The Isley Brothers
Mojo Hannah (1964) – The Bert Berns Story Vol 1 – Little Esther Phillips
I’m A Man Of Action (Jimmy Hughes, 1967) – Why Not Tonight – Jimmy Hughes. Vooral bekend van de hit Neighbor, Neighbor.
You Better Move On (Arthur Alexander, 1961) – The Fame Studio Story 1961-1973 – Arthur Alexander
Out Of Left Field (Atlantic, 1967) – Sweet Inspiration / The Songs Of Dan Penn & Spooner Oldham – Percy Sledge
Sweet Inspiration (Atlantic, 1968)- Sweet Inspiration / The Songs Of Dan Penn & Spooner Oldham – The Sweet Inspirations
Turn On Your Love Light (Bobby Bland) – The Story Of Them – Them
Mercy Mercy  (Don Covay) – Out Of Our Heads – The Rolling Stones.
Take This Hurt Of Me – Mercy! (Atlantic 1965) – Don Covay
You Left The Water Running (demo)(1967)- The Fame Studio Story 1961-1973- Otis Redding
Look Away (1964) - The Bert Berns Story Vol 1 – Garnet Mimms
When Something Is Wrong With My Baby (Hayes, Porter, 1967)– Take Me To The River / A  Southern Soul Story – Charlie Rich
The Hurt’s All Gone (1965) – The Jerry Ragavoy Story – Time Is On My Side – 1953-2003 – Irma Thomas
I’ll Be A Liar (1963) - The Bert Berns Story Vol 1 – Betty Harris
Get It While You Can (2001-versie met alleen piano) - The Jerry Ragavoy Story – Time Is On My Side – 1953-2003 – Howard Tate
Searching For My Love (Bobby Moore, 1967)- The Fame Studio Story 1961-1973 – Bobby Moore & The Rhytm Aces
She Ain’t Gonna Do Right (Penn, Oldham, 1966)- Take Me To The River / A  Southern Soul Story – James & Bobby Purify
Why Don’t You Try Me (1968)  - The Fame Studio Story 1961-1973 – Maurice & Mac
People Sure Act Funny – Soul Directions (1968) – Arthur Conley
Search Your Heart (George Jackson) - The Fame Studio Story 1961-1973 – George Jackson.
Vooral bekend in de uitvoering van Wilson Pickett met Duane Allman op gitaar. De versie van George Jackson is subtieler.
He Ain’t Gonna Do Right (Atlantic 1968) - Sweet Inspiration / The Song Of Dan Penn & Spooner Oldham – Barbara Lynn
I’ve Gone Too Far (Chess) – Call My Name / Muscle Shoals Sessions – Etta James
Barefootin’ (Hi) – The Hit Sound Of Willie Mitchell – Willie Mitchell. Bekend als producer van Al Green.
Come On (Let The Good Times Roll) (Earl King) – Electric Ladyland (1968) – Jimi Hendrix Experience
Chokin’ To Death (From The Ties That Bind) (1967) – It’s All Good / A Singles Collection – Swamp Dogg
Thread The Needle (demo) (Clarence Carter, 1967) - The Fame Studio Story 1961-1973 – Clarence & Calvin
Fancy (Bobbie Gentry, 1969)- The Fame Studio Story 1961-1973 – Bobbie Gentry
Raining In Memphis – Nobody’s Fool (1973) – Dan Penn
Nobody’s Fool – High Priest - Alex Chilton
Yeah Man – Very Extremely Dangerous (1978) – Eddie Hinton
Watching The Trains Go By - Sweet Inspiration / The Songs Of Dan Penn & Spooner Oldham – Tony Joe White
You Ought To Be With Me – The Hi Singles – Al Green
Soul Sister – Life, Love And Faith (1972) – Allen Toussaint
Keep On Marching – Fire On The Bayou (1976) – The Meters
Get Involved (1973)- The Fame Studio Story 1961-1973 – Georges Soulé. Een blanke zanger propageert Black Power
Love Cry – The Impulse Story – Albert Ayler

the-meters-fire-on-the-bayou-.jpg

Research en presentatie: Martin Pulaski

24-01-12

TOEVALLIGE SCHOONHEID

 

pattismith_samshepard.jpg

Sam Shepard & Patti Smith.

 

“Beauty seemed more and more like that these days. Accidental. Miraculous maybe.” Sam Shepard, 'Normal (Highway 39 South)'.

Het ene verblijf is het andere niet. Ik  loop van La Calera naar Playa in Valle Gran Rey. Ik heb twee uur gewandeld en foto’s van bomen gemaakt. Op dit ogenblik bevindt mijn hoofd zich echter in Normal, Illinois.  Daar werd heel vroeg in de ochtend van 3 januari 2009 Sam Shepard aangehouden wegens dronkenschap achter het stuur en overdreven snelheid (net geen  ‘90 miles an hour down a dead end street’, zoals Hank Snow zingt). In Shepards boek ‘Day out of Days’, dat hier voor me op een blauwe, Marokkaanse tafel ligt, is een verhaal opgenomen met de titel ‘Normal (Highway 39 South)’. Gaat het over dat voorval? In zekere zin wel, maar het gaat in  wellicht iets minder zekere zin ook over schoonheid, het schrift, symbolen, beschaving, geschiedenis, geweld en het manuscript van Jean Genets ‘Onze Lieve Vrouw van de Bloemen’. En dat  allemaal op drie bladzijden.

Gaat deze tekst over La Gomera? Over Sam Shepard? Over mezelf? Helemaal niet. Vertel me waar deze tekst over gaat en ik voorspel je de toekomst. Maar kom niet af met de sterren en de maan.

 

17-01-12

WENNEN AAN EEN EILAND

 

P1040696.JPG

In westelijke richting. Foto:Martin Pulaski.

Je went redelijk snel aan de traagheid van het leven op een klein eiland. Ongeveer alles staat in het teken van de zon en de oceaan. Omstreeks negen uur of wat later verschijnt de zon boven de Tequergenche in het Oosten, om ongeveer half zeven gaat ze weer onder achter de bocht van Punta La Calera en het naaktstrand Playa del Inglés. (Tien jaar geleden of langer ging je daar graag een uur per dag in de zon liggen niksen, lezen in de zon heb je nooit gekund.) De uren daartussen verdwijnen in het oneindige van de Atlantische Oceaan. Je geniet van een eenvoudig ontbijt terwijl de zon je lichaam verwarmt. Je drinkt voldoende koffie omdat het ontwaken ook trager verloopt. Voor de middag zit je wat muziek te beluisteren, waarna je een wandeling maakt naar La Calera, Vueltas, of naar het Westen (maar in die richting raak je niet ver).

 

Al gauw is het weer tijd om te eten. Een salade, lekkere sardines of inktvis, een Dorada Especial (of twee). Daarna lees je wat in een van de vier boeken die je hebt meegebracht;  Mojo en Uncut heb je al uitgelezen. Vandaag ben je aan The New Yorker begonnen. Het nieuws in De Standaard Online geeft je weinig zin om naar België terug te keren. Zoveel drukte om niets.

Terwijl je dit zit te schrijven (en op de promenade een ‘zwerver’ wat willekeurige akkoorden op zijn gitaar zit te spelen) zoek je een paar dingen op over La Gomera. Toevallig ontdek je dat Tim Hart hier in Valle Gran Rey tot aan zijn dood in 2009 woonde. Tim Hart was-  samen met Maddy Prior - oprichter en bezieler van de populaire Britse folkgroep Steeleye Span. Je hebt enkele weken geleden hun hele oeuvre voor een habbekrats aangeschaft. Vreemd dat je de vorige keren dat je hier verbleef nooit iets vernomen hebt over deze vrij beroemde inwoner van dit dorp. De muzikant is op eenenzestigjarige leeftijd gestorven ten gevolge van longkanker. Jij bent nu ook eenenzestig en maakt je zorgen over je eigen mogelijk nakende einde. Hoewel je, voor zover je weet, geen longkanker hebt. Maar die aanhoudende hoest dan?

Je zit dus ook wat te schrijven en op internet te lezen – er is nu al een paar dagen uitstekende verbinding. Na zonsondergang drink je een glas cava en wordt er beslist in welk restaurant er vis met mojo wordt gegeten. Het is geen moeilijke knoop om door te hakken: veel restaurants zijn hier niet, en nergens is het menu uitgebreid. De meeste avonden zitten muzikanten van hier heerlijk te spelen en zingen in Casa Maria, een blauw huis waar je nu op uitkijkt. Hun stijl lijkt op die van Buena Vista Social Club. Als je die stemmen en die snareninstrumenten hoort voel je je gelukkig. Misschien niet de hele tijd, maar toch even. Ten minste een lied lang. Ja, ja, je went hier snel aan de traagheid van het leven. Is dat wat de meeste mensen genieten noemen?

(De straatmuzikanten hebben ‘It’s All Over Now, Baby Blue’ ingezet. Tijd om dit hoofdstuk af te sluiten.)

12-01-12

NIETS TE DOEN

 

woodstock-1969.jpg

Woodstock, 1969.

Sinds ik hier aangekomen ben, ben ik al buiten het bereik van het mobiele netwerk. Geen telefoongesprekken, geen sms’en. De internetverbinding is onbetrouwbaar, soms krachtig, soms zwak, vaak onbestaande. Afgesloten van de mij vertrouwde wereld. Misschien is het een goede zaak dat ik zo op mezelf word teruggeworpen? Maar ik mis het weerbericht en ik kan maar sporadisch op hoochiekoochie. Waarom zou ik schrijven als ik het resultaat niet meteen publiek kan maken? Ik heb tientallen jaren zogezegd alleen voor mezelf geschreven, maar die tijd is lang voorbij. Nu schrijf ik voor de anderen, wie dat ook mag zijn. Ik begrijp natuurlijk wel dat ik zelf ook een andere ben. Dat heeft Rimbaud voldoende duidelijk gemaakt. En Freud.

Het ritme van de oceaan wordt nu door dat van djembés overstemd. Op de kleine promenade hier voor de deur spelen hippies op ontstemde gitaren. Toonloos zingen ze Bob Dylans ‘It’s All Over Now Baby Blue’ of iets uit ‘Blood On The Tracks’.  Zo kan ik het ook. Wat verderop, voor een kapelletje, zitten ze joints te roken of wat te keuvelen. Valle Gran Rey lijkt een bedevaartplaats voor jonge en enkele oude hippies. Veel kleine winkels met organisch en biologisch voedsel, dure nep-juwelen en andere snuisterijen, wierook,  Indische kleren, je kent het handeltje wel. Het lijkt hier in menig opzicht op 1969. Another year with nothing to do, zong Iggy Pop. Wat heel goed past bij dit oord: hier is helemaal niets te doen. Heerlijk toch, dag in dag uit lange wandelingen maken, vis eten en wijn drinken… Verder niets.

Na zonsondergang wordt het stil. Waar trekt iedereen naartoe? Niet naar de cafés, niet naar de restaurants: daar zitten de andere, ‘gewone’ toeristen. Niet dezelfde toeristen als op Tenerife: hier hebben ze geen dikke buiken en het gebeurt maar uitzonderlijk dat je iemand met een short, lange witte sokken en sandalen het straatbeeld ziet ontsieren. Ik denk dat deze ‘gewone’ toeristen net als ik ook weer een beetje hippie willen zijn, of het ooit waren, en nu wat nostalgisch zijn geworden. Ze willen nog wel, maar ze kunnen het niet meer. Het moeilijke en chaotische leven heeft zijn sporen getrokken. We hebben wel wat stijl en kennen meerdere talen, maar we zeulen niet met gitaren rond en beluisteren Bob Dylan en Iggy Pop op onze IPod of notebook. Tot ook dat ons moe maakt en we na het lezen van enkele bladzijden Slavoj Zizek slapen gaan.

 

 

17-11-11

VIA CHICAGO (NAAR NEW YORK)

 neworleans1992.jpg

New Orleans, September 1992. Foto: Laura S.

Ik reis voor de eerste keer in mijn leven naar New York.  De dagen van euforie en rhythm & blues in New Orleans en Memphis zijn achter de rug. Zinderende hitte aan de bruine Mississippi. Cajuns die kippen voeren aan bloeddorstige alligators. Straatmuzikanten die Hoochie Koochie Man spelen in Handy Park. Schwab’s, waar Elvis zijn hemden kocht. Flitsen uit een technicolor-droom.

Nu is de tijd gekomen voor de rauwe, gevaarlijke stad. Daar heeft iedereen me voor gewaarschuwd, dat New York de hel is.

In het vliegtuig van Chicago naar New York kunnen Laura en ik niet naast elkaar zitten. Ik krijg een zit naast een wat oudere, zwaarlijvige kerel met een vliegeniersbril. Een gezellige, wat cynische Vietnam-veteraan. Hij heeft de hele wereld gezien : in Montana gewoond, in Anchorage, in Guam, in Tokio. Zijn vrouw komt uit Texas. Nu wonen ze in New Hampshire. Werkt hij voor de CIA ?  Het zou wel eens kunnen. Zijn precieze beroep is mij alleszins niet duidelijk. In Japan heeft hij het liefst gewoond, zegt hij. Een paradijselijk land, vriendelijke bevolking. New York is vuil en gevaarlijk, zegt hij. Wees maar voorzichtig. Mijn zoon is er al twee keer overvallen, zeg hij. Een keer hebben ze hem toen hij op weg was naar zijn werk zijn walkman afgenomen. De dikke man zegt dat ik spreek als een Cajun. "At first I thought you were a cajun" zegt hij. Maar ik heb natuurlijk mijn t-shirt aan met in twee talen"let the good times roll".  Als ik uit het vliegtuig stap en de daarop volgende uren zie ik moordlust in de ogen van alle passanten. Bestelen zullen me zeker. Of erger. Al die crackverslaafden met hun knipmessen en Smith & Wessons. De dikke man heeft mijn verblijf in New York wel goed verknoeid, denk ik. Maar na twee uur, of eerder al, ontwaak ik uit mijn nachtmerrie. New York is de mooiste, de levendigste, de meest gastvrije stad van de wereld. Ik zal er nog vaak terugkeren.

SCHWABS1992.jpg

Schabs's, Beale Street, Memphis, 1992. Foto: Laura S.

15-11-11

BUSSTATION, NEW ORLEANS

 

jacksonmississippi1992.jpg

Jackson, Mississippi, 1992. Foto: Martin Pulaski.

In het busstation van New Orleans. Arme zwarten wassen zich in de toiletten. Poetsen hun tanden. Hoesten. Een man staat te telefoneren. "Don't worry ma, I'll find a job", hoor ik hem zeggen. Het lijkt een tafereel uit een verhaal van Raymond Carver.

19-12-10

VERTEL ME SPROOKJES


Dit gedicht in prozavorm is grotendeels ontstaan uit de film Les regrets van Cédric Kahn, met Valeria Bruni Tedeschi en Yvan Attal.

1.

Het koude klimaat wordt een situatie waar we moeilijker mee kunnen omgaan dan ooit tevoren. We weten niet waarom we er minder tegen opgewassen zijn dan bijvoorbeeld twee of drie jaar geleden. Ooit is het kouder geweest; ik hoor mijn vader nog vertellen over lange, koude winters, de kanalen waren toegevroren en hij kon niet anders dan zich, als nauwelijks geletterd man, tot de kunst van het houtsnijden wenden. Tijd moest worden gedood als het zo koud was. Nu is het anders: wij snijden geen hout, wij doden geen tijd, en wij kunnen ons alleen aan elkaar verwarmen. Wat missen we in onze levens?

1958.jpg
Vader (rechts), 1958. Fotograaf onbekend.

 Ik kijk je in de ogen. Je huivert even en daarna huil je. Het is geen spelletje, je huichelt niet. Het is koud. Je bloedt in mijn kamer. Je bloedt mijn aders vol en je rood loopt nu door mijn ogen. Wat zullen de mensen straks denken? The walking wounded, opening their veins and bleeding in public. Je bloedt in mijn haren en je bloedt op de stoel. De bloedstoel. Ik sta verstomd, vergeet je bloed te drinken, word zienderogen ouder. Een vermolmde vampier.

catherine_the hunger.jpg

Cathérine Deneuve, The Hunger.

Tranen bestaan niet in een betoverde wereld. Beelden van tranen bestaan en - misschien klinkt dit vreemd – idioten die onze levens aan banden willen leggen. Beelden van beelden van ons gemis en van wat liefde heet en dood. Een wurger in een scène wurgt je niet, en een pyromaan steekt je huis niet in brand. We praten over films. Waarom? Omdat de werkelijkheid zich in die films aan ons voordoet, veel meer dan in onze eigen woorden, schijnen we te denken.

Maar wie neemt je blik weg? Er is geen beeld, geen metafoor voor je ogen, voor je uitzinnige tranen van geluk en verdriet. Voor iets tragisch dat niemand anders kent. Alleen enkele dichters en zangers, misschien. Je zegt geen gebenedijd woord. Ik probeer te raden wat je denkt, maar ik zit er ongetwijfeld naast, zoals ik naast je zit en dan één met je word. Dat is het mooie van waanzin, dat ze geen zin heeft en dat ze chaotisch noch gestructureerd is.

Je zegt dat je structuur nodig hebt en ik beaam. Maar onze zinnen ontregelen we, als ezels die een wedstrijd lopen, vooral die twee ezels met goud en zilver. Ja, zeg je. Ja, zeg ik. We praten door elkaar, omdat we elkaars woorden zijn. Heeft free jazz structuur nodig? Is het niet mooi als een orgasme stelselmatig wordt opgebouwd, als een vergelijking in de analytische meetkunde?  Is het niet subliem hoe je de weg aflegt naar dronkenschap, ook al zwerf je ernaartoe, zonder vooropgezet plan? Waar we zeker van zijn: alles keert terug, plan, structuur, chaos, orgasme, waanzin, zin, verrukking.

2.
Vertel me sprookjes. Vertel me over kinderen – ik weet niet wat kinderen zijn omdat ik als ik bij jou ben zelf een kind ben. Ik word dom en stekelig als je je even van me afwendt om iets in een mobiele telefoon te fluisteren of om wat bloed te gaan uitstorten in een vreemde cel. En dan zit ik me af te vragen wie je werkelijk bent, beantwoord ongestelde vragen, word stil, blijf gespannen zitten wachten tot het gefluister ophoudt en het bloeden is gestelpt.

Vertel me over je kleine dingen. Over het licht dat door je gordijnen dringt om je lichaam te belichten, hoe je met je borstel je haren in de war brengt, over het vuil in je auto dat schittert in de nacht, over de plannen die ik in je ogen zie ontstaan, over wat je me verzwijgt, vertel me de geheimen die je met me wilt delen (maar niet je geheime geheimen). Vertel me je hartgeklop en hoe je de nagels van je vingers en je tenen knipt, en waar. Vertel me je geheime naam. Vertel me waar je in je dromen woont en hoe slangen en schorpioenen je daar bedreigen en roodborstjes en koolmeesjes je met hun kleuren wakker maken en bevrijden van alle beklemming van de nacht.

salmahayek.jpg

Salma Hayek

Vertel me alles wat je me kunt vertellen. In mij verdwijnt niets van jou. Ik draag je hart in mij.

Je bent mijn hart, zoals ik het jouwe ben. In de koudste nachten en de hitte van midzomer. Zeg me hoe het moet met jou en mij en met de harde wereld waarin we leven. Zeg me iets over onze waanzin, over onze schoonheid, over onze tranen, zeg me waarom je zo moet lachen en waarom ik zo moet lachen. Zeg me waarom je je handen vol hebt aan mij en ze toch leeg lijken te blijven en blijven verlangen naar iemand in Mexico of nog verder weg, een ander ik, dat niet kan bestaan, nooit zal bestaan. Zeg me wat de wereld is voor jou en wie ik ben in jouw wereld. Vertel me over je kleur, je bomen, je vogels, je kogels, je liefdevol gewurg, hoe je op je paard reed, op je fiets, wie je vriendjes waren, en waar je van droomde toen je zes was en in bed wachtte op zoete slaap.

3.
Ik draag je hart naar een verre plek waar ogenschijnlijk niets bestaat. Ik breng je naar de rand van de tijd. Naar de rand van de afgrond. Waar liefde heerst als een slaaf. Waar alles in elkaar stort en weer wordt opgericht, als een stad, als een geslacht, als een als. Ik voer je mee in mijn zegewagen naar de rand van alles, waar niets de plak zwaait. Taal valt weg, ook die van jou en mij. Er is geen tussen meer. Geen verschil, geen huid, geen schil. 

22-11-08

BOB DYLAN IN LISSABON EN ANDERE PLAATSEN

 

muziek,metro,lachen,tekst,portugal,slapen,meisjes,bob dylan,ipod,straat,zingen,fnac,pessoa,patroon,lissabon,like a rolling stone,rua garrett

Lissabon, 2007. Foto: Martin Pulaski.

In Lissabon in de Rua Garrett, de straat van het befaamde café A Brasileira, waar Pessoa voor de deur een koffie zit te drinken, vreemd genoeg geen alcohol, kwam ik op een zonnige ochtend uit de metro. Ik wandelde rustig naar de Fnac, want, ja, ook in mooie steden als Lissabon, zuigt deze consumptietempel mij aan. Achter mij op straat hoorde ik de stemmen van twee – ongetwijfeld nog jonge – meisjes. Ze zongen ‘Like A Rolling Stone’, kenden de hele tekst uit het hoofd. Af en toe schoten ze in de lach, als de frasering niet helemaal klopte, of een noot niet helemaal zuiver was. Ik had zin om mee te zingen, want ik herinner mij ook nog hele fragmenten van de song, maar liet het toch maar zo. Ik kan helemaal niet zingen. Ik liep gewoon door, met de meisjes achter me aan, tot ze de straat overstaken en ik vaststelde dat het inderdaad twee jonge, waarschijnlijk Portugese, meisjes waren. Mooi, zo was het patroon niet doorbroken. Want tijdens elke reis die ik maak hoor ik ten minste één lied van Bob Dylan. Dat was tijdens deze reis tot die ochtend in de buurt van het Chiado nog niet gebeurd. Ik had weliswaar mijn iPod bij, maar dat telt niet en ik geloof niet dat ik er iets van Dylan op heb gehoord. Ik heb trouwens alleen maar van de iPod gebruikt gemaakt in het vliegtuig en tijdens mijn slaap. Ik kan heerlijk slapen met de oortjes van de iPod in mijn oren. Wat voor slaapverwekkende muziek moet er niet allemaal op dat schijfje staan.

16-11-08

BEELDEN UIT PORTUGAL MEEGEBRACHT


Clichés zijn soms waar. Bijvoorbeeld dat beelden soms meer zeggen dan woorden. Ik bedoel echte beelden, ontstaan voor de taal tussenbeide komt, gemaakt alsof je van tevoren al weet dat je toch geen woorden zult vinden om te beschrijven wat je ziet, wat je zag. Dat gebrek ervaar ik nu inderdaad. Daarom hieronder enkele beelden die ik meebracht uit Portugal. Ik ben niet zo voor het publiceren van vakantiekiekjes, maar nu kan ik er niet aan weerstaan. Vergeef me!


scarlet head II



chestnut vendor

the yellow house and the sky

reading on a chilly afternoon

endless beach

tavira scene

a great day



remake / remodel

take these shells

02-11-08

HET LEVEN EENVOUDIG

 

reizen,warm,portugal,eenvoudig,afscheid,verhalen,vliegtuigen,ellende,lezers,lissabon,bussen,zuiden,donovan,exotica,taag,tavira,treienen

Een korte nacht slapen of wakker liggen en ik zit weer in een vliegtuig naar Portugal. Alsof een mysterieuze macht me naar dat land lokt. Ik kan nog heel moeilijk ergens anders naartoe, Nashville, Chicago, Londen, Sri Lanka, Kenya, Ierland, Shangai – alles wat nu in de mode is lijkt me zelf ook aantrekkelijk. Als je maar weg bent uit je dagelijks bestaan, die verdomde ellende. Maar die en andere exotische oorden en geliefde steden kunnen mij niet meer bekoren. Het moet Portugal zijn, Porto, Lissabon, de Taag, en dieper naar het Zuiden, waar het warmer is en het leven eenvoudig.

Ik neem gaarne afscheid van mijn lezers omdat ik over veertien dagen een beetje een nieuwe mens zal zijn, met nieuwe verhalen. Dat weet ik, zelfs als ik de verhalen voorlopig misschien niet zal vertellen. Ik heb mijn tijd nodig. Maar altijd is er dat elegische gevoel: de dingen blijven, wij niet. Daarom moet ik mijn tijd ook weer niet te lang rekken. Ik heb wat tijd nodig, maar wachten tot het te laat is, nee! Op dit ogenblik hoor ik na jaren ‘Colours’ van Donovan, hoe mooi dat is, een juist moment om afscheid te nemen. “That’s the time I love the best.”

Tot zestien november.

08-08-08

ICH BIN EIN BERLINER

Naar Berlijn maar weer eens. Mooi vooruitzicht. Ik ben gespannen zoals ik altijd gespannen ben voor een reis, zelfs een korte. Berlijn, een van mijn drie uitverkoren steden. Als ik er een week geweest ben kan ik weer een poos zonder musea. Het is bovendien een rustige stad, met veel vriendelijke mensen en een bijna perfect openbaar vervoer.

Ik kan niet veel zeggen. Alleen dat ik behalve gespannen ook blij ben, vervuld van grote verwachtingen. De overige woorden laat ik rusten tot over een week, als ik terug ben en het vat van mijn verbeelding weer wat gevuld is.

De taxi is in aantocht.

Ik wens iedereen een prettige vakantie. Tot gauw.

11:28 Gepost in Reizen | Permalink | Commentaren (6) | Tags: reizen, berlijn |  Facebook

27-01-08

VERLANGEN NAAR MARRAKECH


marrakech - café de france  2

Een zekere Inspektor G becommentarieerde deze foto vandaag op flickr. Hij herkende deze plek omdat ze voorkomt in een sequens in Nicholas Roegs 'Bad Timing', een van mijn favoriete films. Het is zonder meer een meesterwerk. Door die foto terug te zien heb ik een grote zin gekregen om weer naar Marrakech te gaan, een magische stad, waar ik zeer waarschijnlijk tot mijn laatste snik naar zal terug willen keren.

De schoonheid van deze stad zie je natuurlijk niet op de foto. Dit is gewoon een kiekje van toeristen. Ze is denk ik moeilijk in beelden en zeker niet in woorden te vatten. Het is een geheel van mensen, gezang, gebed, meer aardse stemmen, chaotische drukte, bedwelmende geuren van planten, vruchten en aarde, intense en zoete smaken, bezwerende muziek, ezels en paarden, slangenbezweerders, toeristen, avonturiers, bedelaars, gidsen, terrassen, bier drinken op de zevende verdieping van een hotel, of diep in een kelder, schoenen, tamboerijnen, gewaden, juwelen, hemelsblauw van de hemel, diep rood van de zonsondergang, schoenpoetsers, kelners, bedriegers, mannen met eerlijke, gloeiende ogen, spiegels van de ziel, voor mij onbegrijpelijke straatnamen waardoor je gemakkelijk verdwaalt, ogenschijnlijk ongenummerde huizen, fonteinen, sinaasappelbomen, palmbomen, kleine groene taxi's, aftandse bussen, met bestemmingen als Tilburg of Groene Hoek, en thee, altijd weer thee. Januari is de maand om naar Marrakech te gaan en je winterhuid van je af te schudden. Maar januari is bijna opgebruikt: bad timing!

marokko,marrakech,reizen,cafe de france,bad timing,nicholas roeg,cafe,film

Bad Timing - Art Garfunkel & Theresa Russel.

21-01-08

OP INDIAANSE GROND II

donald rumsfeld,slang,dh lawrence,jack nicholson,new mexico,indianen,hippies,tiwa,santa fe,honden,rilke,patti smith,facebook,youtube,taos,easy rider,vs,greyhound,philoctetes

Taos, New Mexico, september 1993.


Ik luisterde nog een keer naar Patti Smiths ‘Dancing Barefoot’ en ging op zoek naar een stukje film. Ik heb er meerdere gevonden, de technologie staat voor niets stil, niet alleen kun je vrouwen kopen op de markt van Facebook, op YouTube vind je alle bewegende beelden die je maar wilt, en veel meer zelfs.


Ik schreef dat ‘Dancing Barefoot’ me aan dansende Indianen doet denken – en binnen de kortste keren zag ik mij en Laura teruggeflitst worden naar New Mexico in september 1993, tijdens de vooralsnog mooiste reis van ons leven, van het Oosten naar het Westen van de Verenigde Staten. We verbleven enkele dagen in Taos, een bijzonder pittoresk stadje van Indianen, (toen al) oude hippies, en Easy Riders. Taos was een plaatsnaam waar ik me sinds 1969 veel bij had voorgesteld. Lang geleden werd er Tiwa gesproken, een taal waarin Taos ‘rode wilg’ betekent. DH Lawrence woonde er een tijd; hij bezat er een ranch. De film ‘Easy Rider’ van Dennis Hopper werd er gedeeltelijk gefilmd, onder meer de gevangenisscène met Jack Nicholson. Het stadje was al van in het begin van de twintigste eeuw een kunstenaarskolonie. En nu waren wij er, met de Greyhound die uit Santa Fe was vertrokken, ook aangekomen.


Op een dag maakten we een wandeling in de vrije natuur ten Westen van Taos. Omdat veel  gebied er privé-eigendom is, is dat gemakkelijker gezegd dan gedaan. We hadden de adobe huisjes al een heel eind achter ons gelaten toen er een hond op ons afkwam. Omdat ik ooit gebeten ben door zo’n beest ben ik er niet altijd gerust in. Maar aan deze loebas zag je meteen dat hij ongevaarlijk was. Hij kwam meteen op Laura en mij toe lopen als om ons te begroeten. Achteraf, toen ik Rilke herlas, zag ik deze zachtaardige hond als de incarnatie van het goede en trouwe in de dieren.

We wandelden door, en de hond volgde ons als een brave schaduw. Even later kruiste een jongen ons pad. Hij maakte ons op vriendelijke en beleefde wijze duidelijk dat we ons op heilige Indiaanse grond bevonden. Hoewel het geen privé-eigendom was mochten we daar niet zijn.


Nu breng ik de hond, als wakend dier, in verband met Philoctetes. Laura en ik hadden echter heel wat meer geluk dan dat mythologisch personage. Net als wij betrad Philoctetes immers een heilige plek, op het eiland Lemnos. Hij werd echter in zijn voet gebeten door de slang die de plek bewaakte. Ik heb gelezen dat er inmiddels in Taos ook een giftige slang waakt, een ratelslang die de gedaante heeft aangenomen van Donald Rumsfeld. DH Lawrence, Laura en ik zouden er niet langer welkom zijn, zo heb ik vernomen.

OP INDIAANSE GROND 1


taos, new mexico 3

Een hond begroet Laura, nadat hij eerst mij heeft welkom geheten. Ik maakte deze foto in Taos in de staat New Mexico, in september 1993. Het verhaal bij de foto volgt later.

18-09-07

NAAR DE NEFZAOUA III


markt in douz 2


Afbeelding: illustratie bij NAAR DE NEFZAOUA (Martin Pulaski).

NAAR DE NEFZAOUA II


café in Douz 2

Afbeelding: illustratie bij NAAR DE NEFZAOUA (Martin Pulaski).

17-09-07

NAAR DE NEFZAOUA


just married

Een flashback naar februari 1999 - fragment van een huwelijksreis.

De donkere wolken voorspellen regen. De mensen van hier voorspellen ook regen. Nu heb ik wel graag dat het eens een keer regent, maar het mag natuurlijk niet blijven duren. We gaan een hele dag weg, naar de woestijn. Eerst naar Douz, voor de donderdagmarkt. Daarna naar Zaafrane voor een uurtje op de dromedarissen, echt de woestijn in. Tijdens de rit naar Douz (en de hele dag) zitten we achter in de 4x4, heel ongemakkelijk voor de benen. En je ziet de hele tijd je vijf medereizigers (vier toeristen en een chauffeur). Gelukkig zijn het vrij stille mensen. De man voorin is de hele tijd met zijn videocamera in de weer. Zo heeft hij gelukkig geen aandacht voor ons. Onderweg, in de Chott-el-Jerid, een uniek natuurfenomeen, stappen we even uit. De gids vertelt ons over wat we gaan doen en waar we nu zijn en wat dit allemaal is. Dat wil ik hier niet herhalen. Zie de reisgidsen. Het is erbarmelijk koud en ik wil zo vlug mogelijk weer in de 4x4. Ik denk wel: als het weer mooier wordt huren we een fiets en komen we helemaal alleen naar hier. Dit landschap is gewoon te gek. Je moet je er op je eentje of met zijn tweetjes in onderdompelen. Tijdens een huwelijksreis bijvoorbeeld. Niemand moet daar getuige van zijn. Een paar Tunesische herders mogen ons vanuit de verte wel zien aan komen rijden en hun god mag ons zijn zegen geven. Maar meer niet. Geen Fransen met hun hoogdravende commentaren, met hun duizenden woorden om te zeggen dat ze mooi vinden wat ze zien. Je moet niets zeggen. Woorden breken alleen maar af. Zelfs met poëzie moet je voorzichtig zijn, heel voorzichtig of je breekt met je vergezochte beelden stukjes van de wereld af. Het komt erop aan heel kleine stukjes te bevestigen. Te doen bestaan. Iets nieuws is niet nodig. Of een zwart plastiek zakje misschien? Of zo’n zilveren schijfje misschien, omdat ik er toevallig aan verslaafd ben? Dat alle zilveren schijfjes meteen verdwijnen! Daar lig ik niet van wakker. Als er geen schijfjes meer zijn om naar te luisteren is er nog altijd een huilende hond. Natuurlijk zal ik dan nooit meer naar Donna Summer kunnen luisteren, en dat zal ik toch wel erg vinden. Oooooh, love to love you baby (x100)…

In Douz zijn de straten, vandaag niet veel meer dan modderwegen eigenlijk, koud en vuil en krachtig van geur. Bruine kleuren zoals je ze nooit hebt gezien. Talloze bruinen. Beige, zandkleur. Lichtbruin nat zand. Grijsbruine ezelkeutels. Roestbruine stront van kamelen, van dromedarissen. Schapen die in hun omgeving opgaan. Hun wit stelt niets meer voor. Plotseling de verrassing van de beestenmarkt, wat lager gelegen dan de rest van het stadje. Je kunt het geen schok noemen, wat je daar voor je ziet. Je ziet meteen dat dit er altijd al geweest is. Het is een zacht en tegelijk brutaal visioen, maar dan reëel. Mannen in bruine dekens gewikkeld. Je ziet nauwelijks iets anders dan bruin. Het is zo spooky dat je er geen foto van durft maken. Toch lopen er zeker wel twintig toeristen rond op de beestenmarkt en ze maken foto’s. Hun camera’s zijn zo lelijk. Niet bruin, maar zilverkleurig, net hetzelfde gevloek als dat van jouw Minolta.

Koud dat het is. In een groezelig café drinken we heerlijke thee. We kopen een tapijtje, misschien omdat het met zijn rode kleuren veel warmte uitstraalt. De thee is zoet en warm. En zo rechtstaan in dat café met dat warme glas in je hand, dat verwarmt je hart. Alsof je een romantische ziel bent, in de 19de eeuw verdwaald. De man in het café zegt: maak een foto van mij. Ik ben pittoresk. Hij is bruiner dan om het even wat in deze omgeving. Je zou bijna zeggen: een zwarte man.

Daarna op die dromedarissen. Laura is de eerste. Zij zit al op haar dromedaris nog voor ik goed weet waar ik aan begonnen ben. Dan zit ik ook op mijn beest. Een wild gevaarte dat niet echt tevreden is met zijn last. Ik voel dat hij me van zijn rug af wil. De dromedaris maakt een vreemd brulgeluid, een beetje zoals het geloei van een koe, maar dan psychedelisch. De tong ziet er ook uit of je aan het trippen bent. Je weet wel hoe een echte tong eruitziet, dit is slechts een triptong. Straks word je weer normaal en zie je opnieuw de tong zoals ze is. Maar neen hoor, dit is een of ander ding in de mond van de dromedaris. En nu is er geen gids om je te vertellen wat dat eigenlijk is. Zo’n dromedaris zit vol water, je voelt dat volume tussen je benen. Je voelt dat er allerlei dingen gebeuren in dat vaste lijf. Een heel ander gevoel dan op een fiets. Pas na een tijd zie je ook de woestijn. De woestijn is niet bruin maar geel. Een klein beetje bruin is met je meegekomen: de dromedaris.

Maak nu toch eens een foto, zegt Laura. Maar ik houd me stevig vast, met mijn twee handen, aan het houten spul waar je je aan vast kunt houden. Met roestige ijzerdraad vastgemaakt. Opgelet, denk ik, ik ben niet ingeënt tegen tetanus, en als je dat ergens van kunt krijgen, dan is het wel van kamelen (dromedarissen ook natuurlijk). Kijk ik heb al een schram op de muis van mijn hand. En me toch stevig vast houden. Als ik hier afval is mijn rug gebroken. Jongen, kijk, daar is de woestijn, daar, kijk. De vreselijke woestijn. De absurde woestijn. Zou je er niet eens een keer in willen verdwalen? Een beetje maar? Echt niet? Diep in je hart?

Maar je gedachten dwalen weer af, je waarneming wordt ondermijnd door angsten. Door de geur van je kledingstuk (boernoes of djellaba), doordrenkt van het zweet van zoveel voorgangers-dromedarisberijders. Vergeven van de mijten, van de mijten hun uitwerpselen. Je krijgt er ademnood van, hier in deze zuivere lucht.

Ergens een oponthoud. Het is duidelijk: de dromedaris wil je kwellen. Hoe hij gaat zitten, dat is zeker niet met goede bedoelingen. Die dromedaris van Laura deed dat zo elegant en met veel aandacht voor zijn berijdster.

Nog een tochtje met de 4x4’s door de duinen naar een soort van Hollywoodkastelen, midden in de woestijn. Ze worden gebruikt als filmdecor. We mogen er niet binnen. Dat doet me denken aan Cinécitta. Daar mochten we ook niet binnen. Ik ben nochtans filmstudent, zei ik toen. Ik ben een bewonderaar van Fellini. Ik zou eens een kijkje willen nemen in deze gerenommeerde studio, waar de meester al zijn meesterwerken heeft gemaakt. Het mocht niet baten. De poort bleef gesloten.

Een vrij stevige wind steekt op, je ziet niets meer. Die wind heeft iets uitdagends. Je zou er wel willen in opgaan, een worden met het geheel. Dat is weer typisch natuurlijk. Dat verlangen naar een roes, je onderdompelen. Verdwijnen in iets. Een korreltje zand worden. Maar alle korreltjes zand zijn geteld en jij bent toevallig (of niet zo toevallig) die mens, Martin Pulaski.

Foto: Martin Pulaski.

06-09-07

OVER ECHTE EN VERZONNEN PARKEN EN TUINEN


finzi contini 2



Het graf van Giorgio Bassani heb ik niet gevonden, maar op een zinderend hete middag fietste ik door de straten van Ferrara - er was nergens een levende ziel te bespeuren - tot aan het huis waar hij zijn kinderjaren heeft doorgebracht. Er hing geen plakkaat, er hing helemaal niets. Wat een verschil met Triëst waar op bijna elk huis, ik overdrijf maar een beetje, een kleine foto van James Joyce is aangebracht, samen met de vermelding wat hij op die bepaalde plek heeft uitgespookt, bijvoorbeeld waar zijn zoon Giorgio - ook toevallig - is geboren (op 27 juli 1905 in een huis aan de Piazza Ponterosso) of waar hij Engelse les gaf (in de Berlitz school), enzovoort.

Ik vond het niet erg dat de gevel van Bassani's geboortehuis naamloos was. Het is een mooi, goed onderhouden gebouw. Waarschijnlijk wonen er mensen die met rust willen worden gelaten. Ik heb discreet een foto gemaakt van een raam in het huis. Wellicht heeft hij als jongen vaak door dat raam naar de straat gekeken. Dan zag hij daar misschien iets wat later in zijn romans terechtkwam, prachtige boeken waarin weinig verzinsels voorkomen. De tuin van de Finzi-Contini's is echter wel een verzinsel. Ik ben er zelfs niet vruchteloos op zoek naaar moeten gaan: ik was een gewaarschuwd man. Ooit heb ik in Mariánské Lázně wel gezocht naar het verzonnen park uit L'année dernière à Marienbad (Alain Resnais, Alain Robbe-Grillet). In zekere zin heb ik dat toen wel gevonden - want kan ik het mij niet levendig herinneren? Herinner ik me niet dat ik van dat heilzame water dronk? Sliep ik niet in een oud, vervallen herenhuis aan de rand van het park. Ja, en 's avonds dronk ik er hoestsiroop ter bestrijding van een pijnlijke hoest. Maar dat kan ook in Karlovy Vary zijn geweest. Je mag je geheugen nooit volledig vertrouwen. Het kan rare streken met je uithalen.

Afbeelding: uit de film De tuin van de Finzi-Contini's (Vittorio De Sica).