12-05-07

VERGETEN VROUWEN III

gillian welch,alt country,stemmen,zangeressen,vrouwen,pop,country,sofie,vriendschap,oostende,david rawlings

Gillian Welch, de charmante dame op de foto, maakte samen met haar compañero David Rawlings 4 uitstekende cd's: Revival, Hell Among The Yearlings, Time (The Revelator) en Soul Journey. Die laatste plaat kwam uit op 3 juni 2003, vier jaar geleden, wat meteen de reden is waarom zij uit mijn geheugen was verdwenen. Flauw excuus! Aan Gillian Welch heb ik het te danken dat ik bevriend ben geraakt met de zeer charmante Sofie uit Oostende, een grote fan van miss Welch. Hello cowgirl in the sand!

10-05-07

VERGETEN VROUWEN

vrouwen,zangeressen,stemmen,pop,popcultuur,blues,soul,jazz,rock,gospel

Die top-50 van uitverkoren vrouwenstemmen was bij nader inzien geen goed idee. Kan schrijven uit ergernis ooit wel een goed idee zijn? Zo is die lijst er inderdaad gekomen: als een spontane uiting van ergernis na het (gedeeltelijk) beluisteren van een radioprogramma op radio 1, “vrouwen die er toe doen”, en meer nog na het lezen van de volledige lijst op de website van diezelfde radio. Ik heb dan in zeven haasten mijn eigen lijst gemaakt, rechtstreeks uit het geheugen puttend. Nu is het geheugen niet helemaal betrouwbaar, zeker dat van mij niet en het is dat nog minder na een nacht slecht slapen. Een nacht goed slapen is een mooie droom die ik al heel lang koester. Waarom heb ik ervoor gekozen om alleen maar pop-, country-, blues- en soulzangeressen in de lijst te zetten? Omdat radio 1 dat ook had gedaan? Er is zoveel meer muziek, er zijn zoveel meer stemmen. Waarom die afwijzing van klassiek geschoolde stemmen? Waarom zoveel Engelstalige zangeressen? Allemaal vragen waarop ik geen bevredigend antwoord kan geven. Bovendien vergat ik een aantal van mijn favoriete Engelstalige vrouwenstemmen, met name Nico, met de meesterwerken Chelsea Girl, Desertshore en The Marble Index op haar palmares, en Neko Case, van onder meer Fox Confessor Brings the Flood. Maar op de lijst ontbreken even goed Vashti Bunyan, Marianne Faithfull, Kim Gordon, Julee Cruise (verbluffend in Twin Peaks), Kristin Hersh, Merry Clayton, Aimée Mann, Marissa Nadler, Eleni Mandel, Elis Regina, Misia, Mariza, Cesaria Evora, Elizabeth Schwarzkopf, Christa Ludwig, Maria Callas, Catherine Bott, Solveig Kringelborn, Dawn Upshaw, Ute Lemper, Lotte Lenya, Lydia Mendoza, Amalia Rodriguez (hoe kon ik haar vergeten!), Dagmar Krause, Marta Sebestyén, أم كلثوم of Oum Kalsoum, Cheika Remitti, Janet Baker, Andrea Kast, Kiri Te Kanawa, Montserrat Caballé, Barbara Hendricks, Cecilia Bartoli, Beverly Sills, Katia Ricciarelli, Joan Rodgers, Peggy Lee, Darlene Love en duizend en een andere zangeressen, sterren, diva’s, nachtegalen (en onterecht onbekenden).

vrouwen,zangeressen,stemmen,pop,popcultuur,blues,soul,jazz,rock,gospel

Oum Kalsoum, 1926.

08-05-07

ZANGERESSEN DIE MIJN ZIEL BEROEREN

zangeressen,top-50,fab-50,muziek,radio 1,vrouwen die er toe doen,vrouwen,pop,popcultuur,lijst

Sandy Denny

Op 1 mei zond Radio 1 een zangeressen top-50 uit onder de titel ‘vrouwen die er toe doen’. Een vreselijk kitscherige en banale lijst was dat. In de top-50 kwam bijvoorbeeld wel een spook als Céline Dion voor, maar geen Patti Smith en een Joan Armatrading maar geen Etta James. Om maar enkele voorbeelden te geven. Omdat ik verslingerd ben aan lijstjes heb ik maar eens mijn eigen top-50 gemaakt. Ik wijs er meteen op dat het mijn lijst van vandaag is. Morgen kan hij er anders uitzien, afhankelijk van mijn stemming en mijn geheugen en nog een aantal factoren, zoals het weer, welk boek ik heb gelezen en wat ik heb gedronken (of niet gedronken). De volgorde van lijst is niet echt belangrijk, maar Sandy Denny staat wel op nummer één.

1. Sandy Denny
2. Hope Sandoval
3. Aretha Franklin
4. Dusty Springfield
5. Patti Smith
6. Billie Holiday
7. Bessie Smith
8. Karen Dalton
9. Joni Mitchell
10. Cat Power
11. Françoise Hardy
12. Emmylou Harris
13. Martha Reeves
14. Nina Simone
15. Etta James
16. Ann Peebles
17. Mary Weiss (Shangri-Las)
18. Wanda Jackson
19. Candi Staton
20. Loretta Lynn
21. Nancy Sinatra
22. Patsy Cline
23. Memphis Minnie
24. Betty Lavette
25. Irma Thomas
26. Grace Slick
27. Ronnie Spector
28. Georgia Hubley
29. Carla Torgerson
30. Maria McKee
31. Bobbie Gentry
32. Victoria Williams
33. PJ Harvey
34. Florence Ballard
35. Teresa Salgueiro
36. Doris Duke
37. Mary Wells
38. Connie Francis
39. Brenda Lee
40. Alison Statton
41. Carole King
42. Lydia Lunch
43. Patti Palladin
44. Judee Sill
45. Lucinda Williams
46. Nanci Griffith
47. Tina Turner (tot 1970)
48. Diana Ross
49. Astrud Gilberto
50. Emiliana Torini

 

zangeressen,top-50,fab-50,muziek,radio 1,vrouwen die er toe doen,vrouwen,pop,popcultuur,lijst

Karen Dalton

07-05-07

JESSE SYKES: THE AIR IS THIN


jesse sykes 3



























Gisteren zag ik in een zaaltje van de Kruidtuin Jesse Sykes & the Sweet Hereafter, maar ik kan er haast niets over schrijven. Ik ben te moe. Voor de langharige zangeres met de toch wel bizarre stem aan haar optreden kon beginnen moesten we eerst een lange rij Franse, zeer vervelende en eentonige folkies ondergaan. Was het dan nog the Incredible String Band geweest, met een uitvoering van The Hangman’s Beautiful Daughter of Françoise Hardy met haar hele oeuvre… Maar neen, het waren Franse folkies op akoestische gitaren, fluitjes en kora’s met 28 snaren. Please come back, Toumani Diabate! Het was bijna middernacht eer aanving waar we voor gekomen waren. Ik zat niet bepaald naar mijn donsdeken te verlangen, maar kon me toch ook niet echt goed meer concentreren. Jesse Sykes is een vrouw met een jongensstem, ze heeft mooie lange haren; ik heb een sterk vermoeden dat ze Amerikaans-Indiaanse voorouders heeft, haar uitspraak van het Engels is niet helemaal Amerikaans of Canadees. Dat is een pluspunt. Haar liederen klinken melancholisch, ze zijn geschreven vanuit een diep verdriet, maar ook een groot verlangen naar ik weet niet wat. Het zoete hiernamaals, misschien, hoewel ik betwijfel of ze in die onzin gelooft. Jesse Sykes raadde ons aan om Neil Youngs Tonight’s the Night aan te schaffen, als we die cd nog niet in ons bezit hadden. Het is een van haar favoriete langspeelplaten. De dag tevoren had ik de titelsong gedraaid in mijn ‘nachtprogramma’: een verwantschap. Haar relatie met haar gitarist is even vreemd als haar verschijning en haar stem. Haten ze elkaar of hebben ze elkaar lief? The air is thin, zingt de zangeres, met een stem vol bittere weemoed, of is het toch lustgefluister? De band lijkt wat op Crazy Horse, maar dan meer ingetogen. Wat moeten we van dit alles denken? Wordt ze even beroemd als Christina Aguilera, als Paris Hilton, als Geronimo, als Billy Green Bush (die nog in Five Easy Pieces van Bob Rafelson meespeelde)? Alles is mogelijk. Maar het is vooral vermoeiend om over zulke dingen na te denken. Zeker als je al moe bent. 

Ja, het leven is vermoeiend en de kranten schrijven niets dan onzin. Wat ik over Cat Power heb gelezen in De Standaard en in De Morgen grenst aan verbale misdadigheid tegen de menselijkheid. Maar – ogenschijnlijk – hebben deze kenners het laatste woord. Het zijn snobs die denken dat ze het allemaal beter weten omdat ze artiesten al tien jaar geleden zagen optreden in een klein zaaltje in Denderleeuw in het voorprogramma van De Mens of Het Dier. Wat is het allemaal vermoeiend en wat zet het aan tot buitensporig drankgebruik, waar je dan wel nog meer moe van wordt. Genoeg! De volgende keer zal ik het nog eens over mijn interessante zelf hebben.

03-05-07

CAT POWER IN HET KONINKLIJK CIRCUS

 rock,bob dylan,cat power,soul,eigenzinnig,brussel,koninklijk circus,recensie

Gisteren beleefde ik het genoegen Cat Power aan het werk te zien in mijn favoriete Brusselse concertzaal, het Koninklijk Circus. De voorbije dagen heb ik het al meermaals over koningen gehad, reden waarom ik dat nu nalaat. Ik voel me bovendien allesbehalve koninklijk en Cat Power is evenmin een koningin. Al dat gedoe met die titels kan me gestolen worden. Vandaag nog meer dan anders. Mijn huidige toestand – waterzuchtig - is van katachtige oorsprong. Cat Power, die volgens de roddelrubrieken de drank heeft afgezworen, is dan weer een doodgewoon soulmeisje, dat zich heerlijk eigenzinnig op een podium beweegt, niet bepaald katachtig, meer menselijk al te menselijk. Sommige soortgenoten schijnen daar problemen mee te hebben, las ik de voorbije weken en maanden in sommige teksten en blogs. Dat begrijp ik helemaal niet. Als het over – om maar eens een voorbeeld te noemen - Ryan Adams gaat heeft niemand daar problemen mee, ook niet als hij stomdronken over het podium strompelt en glazen stukslaat. Als Cat Power haar armen in de lucht steekt, voor zichzelf applaudisseert – terecht – of wat aan haar hemdje friemelt, fulmineert de ‘schrijvende’ goegemeente. Uitermate dom, vind ik dat, en echt iets voor ‘mannen’.

Ik houd van stemmen. Voor de stem van Cat Power ben ik naar het Koninklijk Circus gegaan – en ze heeft me niet teleurgesteld. Voor mij is ze, zeker qua frasering, voortaan de jongere zus van Bob Dylan. Haar begeleidingsband, de Dirty Delta Blues, met Judah Bauer op gitaar, Jim White aan de drums, Gregg Forman aan de toetsen en Erik Paparozzi op basgitaar, deed me meermaals denken aan de band die Bob Dylan begeleidde op Bringing It All Back Home en Highway 61 Revisited (uit 1965!). Helemaal die sound, dat scherpe kwikzilveren geluid, met toch een stevige basis in de ritmesectie. Soms gingen mijn gedachten ook wel naar the Small Faces (de latere Faces) en veranderde Cat Power in een vrouwelijke versie van Steve Marriott, ook een unieke en onvoorspelbare blanke soulzanger, een van de beste. Judah Bauer had bovendien heel wat geleerd van de rifpiraat bij uitstek, Keith Richards.

Laat ik dit zeggen: een zangeres die een concert inzet met Naked If I Want To, een song van de tweede beste Amerikaanse band uit de sixities, ik heb het over Moby Grapy, de beste was the Byrds, heeft niet alleen veel lef maar tevens een uitmuntende smaak. En dat eerste nummer zette de toon: gedurende het hele optreden waren de eigenzinnigheid en de pure emotie aan de macht. Aanstekelige grooves en een goed gevoel. Veel bekend werk uit The Greatest, oudere nummers, schitterende covers van ( I Can’t Get No) Satisfaction en These Arms Of Mine, een mix van soul en blues en luisterlied zoals alleen Cat Power die kan brengen. En daar bovenop die warme uitstraling en die heerlijke, eerlijke lichaamstaal van deze Southern Lady. Meer heb ik niet nodig om tot de zevende hemel te geraken. Koninklijker dan ik al was ben ik er echter niet door geworden. Aan degenen die zich storen aan het dansen van Cat Power raad ik een dansje aan in de stijl van Ian Curtis, dance dance dance to the radio!

Voetnoot (toegevoegd op 4 mei). Door een rare kronkel in mijn hersens (of ten gevolge van teveel pils) vergat ik in mijn korte lofzang van het Cat Power-concert het hoogtepunt te vermelden. Dat was zo goed als zeker haar doorleefde versie van Dark End Of the Street, een song van Dan Penn en Chips Moman. Haar versie was bijna even mooi als die van James Carr en overtrof die van the Flying Burrito Brothers, en dat wil veel zeggen.

20-04-07

GIMME SHELTER

“Bagdad ligt maar één centimeter ver”, schreef Evy in een reactie hieronder. Ik dacht meteen aan Gimme Shelter van the Rolling Stones. In dat lied, waarin nog sporen aanwezig zijn van de summer of love, wordt de keuze gelaten tussen oorlog, “just a shot away”, en liefde, “just a kiss away”.


Oh, a storm is threatning
My very life today
If I dont get some shelter
Oh yeah, Im gonna fade away

War, children, its just a shot away
Its just a shot away
War, children, its just a shot away
Its just a shot away

Ooh, see the fire is sweepin
Our very street today
Burns like a red coal carpet
Mad bull lost its way

War, children, its just a shot away
Its just a shot away
War, children, its just a shot away
Its just a shot away

Rape, murder!
Its just a shot away
Its just a shot away

Rape, murder!
Its just a shot away
Its just a shot away

Rape, murder!
Its just a shot away
Its just a shot away

The floods is threatning
My very life today
Gimme, gimme shelter
Or Im gonna fade away

War, children, its just a shot away
Its just a shot away
Its just a shot away
Its just a shot away
Its just a shot away

I tell you love, sister, its just a kiss away
Its just a kiss away
Its just a kiss away
Its just a kiss away
Its just a kiss away
Kiss away, kiss away.

Gimme Shelter is naar mijn mening een van de beste songs van the Rolling Stones en is terug te vinden op hun beste elpee, Let It Bleed. Nu is er ook een uitstekende versie van het lied op de nieuwe cd van Patti Smith, met Tom Verlaine die de slidegitaarpartij van Mick Taylor voor zijn rekening neemt. Meesterlijke uitvoering, maar even goed als het origineel?

11-04-07

DE LAATSTEN ZULLEN DE EERSTEN ZIJN


Ik wil er niet teveel woorden aan wijden, omdat ik daar te moe voor ben: het concert van Danny & Dusty was delicieus. Hoe daar op dat podium van de AB de rock & roll opnieuw werd uitgevonden, dat was mooi om te zien en vooral om te horen. Dan Stuarts stem is er op de twintig jaar tijd die er verlopen is sinds The Lost Weekend werd opgenomen werkelijk op vooruit gegaan; ze klinkt voller, volumineuzer en expressiever. Hij is zelf ook nogal volumineus, maar dat neemt niet weg dat hij tevens charmant is, ontwapenend zelfs, zij het altijd met een dreigend kantje. Het dreigende dat mensen soms hebben die op het randje van de waanzin leven. Ik weet niet of dat voor Dan Stuart zo is, maar het lijkt er wel op. Steve Wynn is minder exuberant, maar zelfs nog charmanter, met zijn lieve glimlach en zijn beheerst voorkomen. Het is duidelijk dat hij de zaken goed in de gaten houdt, zodat de waanzin niet uit de hand loopt. Enigszins beheerste gekte werkt beter.
Bij het begin van het concert is de elektrische machine nog niet helemaal goed gesmeerd, maar na een tweetal songs loopt het allemaal lekker: de keyboards van Chris Cacavas, de bas van Bob Rupe, de steelgitaar en de elektrische gitaar van Stephen McCarthy, de drums van Johnny Hott, de elektrische en akoestische gitaren van Steve Wynn en Dan Stuart. Vertederend is het dat beide heren op elkaars instrumenten spelen. Sommige muzikanten hebben wel twintig gitaren op het podium staan, Danny & Dusty samen twee. Hoogtepunten waren er niet echt, omdat het hele optreden één lang hoogtepunt was. Maar ik ben misschien het meest opgewonden geraakt bij King Of the Losers en Down To the Bone. Dat laatste werd met een extreme intensiteit gespeeld, zonder dat de muzikanten in de clichés van de hardrock vervielen. Deze band zou Bob Dylan moeten begeleiden, dat zou pas vuurwerk geven. De stemmen, de akkoorden, de woorden zinderen nog na in mij – en dat mag nog een tijdje blijven duren.

De eerstvolgende dagen schrijf ik geen woord meer over muziek. Ik ben geen muziekrecensent, hoewel muziek mijn halve leven is – of meer. Het echt diepzinnige werk van popjournalist laat ik aan geniale wijsneuzen als Serge Simonart. Ik ben maar een loser, nee, erger nog, ik ben maar een blogger. Mamma mia! Ik beloof meteen ook dat ik de naam van de wijsneus nooit meer zal neerschrijven, want negatieve reclame is net zo goed reclame.

10-04-07

WACHTEN OP DANNY AND DUSTY

dan stuart,steve wynn,ab,danny and dusty,pop,rock,popcultuur,brussel

Het belooft een uitbundige avond te worden, vanavond in de AB. Een alternatieve ‘supergroep’ van uitgelezen outsiders uit de jaren tachtig treedt straks voor het voetlicht:

Steve Wynn van the Dream Syndicate (zang en gitaar)
Dan Stuart van Green On Red (zang en gitaar)
Stephen McCarthy van the Long Ryders (gitaar en zang)
Chris Cacavas van Green On Red (keyboards en zang)
Bob Rupe van onder meer the Silos (basgitaar)
Johnny Hott (drums).

Ik heb nog niets van Cast Iron Soul, de nieuwe cd van Danny en Dusty gehoord, maar ik twijfel niet aan de kwaliteit ervan. En natuurlijk hoop ik van harte dat ze zullen teruggrijpen naar songs uit The Lost Weekend, zoals Song For The Dreamers of Knockin’ On Heaven’s Door (een onovertroffen versie is dat). Misschien verkopen de heren de cd in de zaal. Dan ben ik weer even een gelukkig man. Als ik nu nog even van die indigestie afraak…

SOMETHING IS HAPPENING HERE BUT YOU DON'T KNOW WHAT IT IS

bob dylan,1966,kopenhagen,live,muziek,pop,popcultuur,clip

Dit is Bob Dylan in zijn meest glansrijke periode, de lente van 1966, op toernee met the Hawks. In sommige clips op YouTube - die er nooit lang op staan - voel je bijna de omineuze elektriciteit die via de zinderende lichamen van Dylan, Robbie Robertson, Rick Danko, Richard Manuel en drummer Mickey Jones (die Levon Helm verving) het publiek geschokt achterlaat. Het leek wel of deze muzikanten één waren geworden met hun instrumenten, alsof een soort van abstracte muziek geïncarneerd was in die dansende soortgenoten. 

07-04-07

BOB DYLAN'S NEVER-ENDING-TOUR : BRUSSEL 2007


Wat we gisteravond te horen kregen:

1. Tweedle Dee & Tweedle Dum
2. It Ain't Me, Babe
3. Just Like Tom Thumb's Blues
4. It's Alright, Ma (I'm Only Bleeding)
5. When The Deal Goes Down
6. Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again
7. This Wheel's On Fire
8. Rollin' And Tumblin'
9. Boots Of Spanish Leather
10. Highway 61 Revisited
11. Spirit On The Water
12. Desolation Row
13. Nettie Moore
14. Summer Days
15. Like A Rolling Stone
16. Thunder On The Mountain
17. All Along The Watchtower

Helaas geen Blind Willie McTell en geen Positively 4th Street, maar wel een prachtig Just Like Tom Thumb’s Blues. Ik vond zowat alles uitstekend, behalve de uitvoering van afsluiter All Along The Watchtower. Daar was iets mis mee, al weet ik niet goed wat. Bob Dylan was goed bij stem en zong vooral de nieuwe nummers met veel kracht en overtuiging. This Wheel’s On Fire was niet slecht, maar het klonk een beetje bizar. Ik heb in jaren niet meer zo gedanst als gisteravond op de rockabilly van Summer Days. De enige wat zwakke schakel in deze band is gitarist Denny Freeman, die zonder enige verbeelding lijkt te spelen. Vooral bij Desolation Row en All Along the Watchtower viel dat op en stoorde het me. Maar het was een heuglijke avond. Bob Dylan had een mooie witte hoed op. De rode hoed van Tony Garnier viel net zo goed in de smaak. Alleen Donnie Herron was blootshoofds. Ik begrijp niet dat Dylan zulke afwijking toestaat. Bij mij zou het niet waar zijn, zeker niet op goede vrijdag! How does it feel to be out on your own?

Die onuitstaanbare ijdeltuit Serge Simonart beweert in Humo dat bloggers mislukte popjournalisten zijn. Hij zegt ook dat Lou Reed met ideeën van hem gaat lopen. De man is niet goed wijs. Destijds had hij het over Ornette Coleman, een van de grootste jazzmuzikanten. Simonart ging er echter van uit dat Coleman een vrouw was. Op dat ogenblik wist ik genoeg over dat heerschap, ook al is hij ‘een goede vriend van David’. Bah!

04-04-07

BOB DYLAN'S NEVER-ENDING-TOUR : KOPENHAGEN 2007


Vorige maandag, 2 april, trad Bob Dylan in Kopenhagen op. Zijn band is nu samengesteld uit oudgediende Tony Garnier op bass, George Recile op drums, Stu Kimball op ritmegitaar, Denny Freeman op leadgitaar en Donnie Herron op elektrische mandoline, viool, pedal steel en lap steel. Dylan speelt zelf elektrische gitaar, orgel en piano en naar oude gewoonte mondharmonica. Deze songs bracht de meester ten gehore in Kopenhagen:

1. Tweedle Dee & Tweedle Dum
2. Man In The Long Black Coat
3. Watching The River Flow
4. It's Alright, Ma (I'm Only Bleeding)
5. When The Deal Goes Down
6. Highway 61 Revisited
7. Visions Of Johanna
8. Rollin' And Tumblin'
9. Desolation Row
10. Spirit On The Water
11. Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again
12. Nettie Moore
13. Summer Days
14. Like A Rolling Stone
15. Thunder On The Mountain
16. All Along The Watchtower

Vandaag treedt Dylan op in Hamburg, morgen in Münster en vrijdag in Brussel. Zal hij niet te moe zijn of met een licht Duits accent zingen? Waarschijnlijk niet. De man lijkt onvermoeibaar en forever young. Met Modern Times heeft hij voor de zoveelste keer zijn jeugdige bron aangeboord.
Letterlijk koortsig – en met schorre stem – tel ik de uren af tot volgende vrijdagavond. Ik twijfel er niet aan dat het een feest wordt. Nog nooit heb ik een slecht concert van Dylan meegemaakt. Er zijn er wel geweest, maar daar was ik gelukkig niet bij. Vreemd genoeg zijn een aantal van die ‘slechte’ concerten op cd uitgebracht. Ach, Dylan heeft nooit gedaan wat van hem verwacht werd. Op die manier beantwoordt hij aan ieders verwachting(en) en zijn we met zijn allen, bewonderaars van de meester, zeer tevreden.

BOB DYLAN: NOG TWEE NACHTEN SLAPELOOSHEID

bob dylan,gitaar,1965,pop,muziek

Bob Dylan in 1965.

31-03-07

DEATH LETTER BLUES - SON HOUSE

Een opname van Son House, een bijzonder intense bluesmuzikant, met een zeer expressieve stem. Hij was tevens een begenadigd bottleneckgitaarspeler. Hier voert hij Death Letter Blues uit, een van zijn bekendste opnames. De track is terug te vinden op de cd Son House: The Original Delta Blues. Er staan ook schitterende, geremasterde Son House klassiekers op als John The Revelator, Empire State Express, Preachin' Blues en Grinning In Your Face. Veel kijk- en luisterplezier, ook al is het onderwerp droevig. Met dank aan Lonesome Zorro die me op het idee bracht om deze beelden op hoochiekoochie te zetten. Het werd trouwens de hoogste tijd: ik heb de titel van mijn blog aan een blues van Muddy Waters ontleend, nog zo'n icoon uit de Mississippi delta.

06-03-07

HUMBLE PIE IN BILZEN (1969)

Aansluitend op mijn radioprogramma van vorige zaterdag toon ik hier wat blanke blues van de toenmalige supergroep Humble Pie. Dit is een fragment van een concert opgenomen tijdens Jazz Bilzen, op 29 augustus 1969. Het was een koude, regenachtige dag. We hadden allemaal teveel gin en hoestsiroop gedronken. 

Humble Pie bestond uit Stever Marriott, Peter Frampton, Greg Ridley en Jerry Shirley. Zanger Steve Marriott was een van mijn grote voorbeelden inzake haarsnit en klederdracht. In 1969 zat hij volop in een overgangsperiode van mod naar acid freak. Humble Pie speelt hier naast eigen werk covers van Doctor John The Night Tripper (Gris Gris Gumbo Ya Ya en Walk On Gilded Splinters). De band was nog maar net opgericht.

21-02-07

PINK FLOYD, BRUSSEL 1968

1968,pink floyd,brussel,atomium,rick wright,syd barrett,psychedelica,pop,popcultuur

Februari 1968. Syd Barrett heeft net de groep verlaten. David Gilmour (op de achtergrond) heeft zijn plaats ingenomen. Pink Floyd treedt op 23 februari 1968 op in het Pannenhuis in Antwerpen en op 24 februari 1968 in de Cheetah Club in Brussel.

13-01-07

NEKO CASE, THANK YOU VERY MUCH




Neko Case live in Austin, Texas.

12-01-07

ONONDERBROKEN ELEGIE

elegie,schrijven,elvis costello,bob dylan,pop,bedenkingen,popcultuur,imperial bedroom,man out of time

Ik beluister na jaren nog een keer Elvis Costello’s Imperial Bedroom. Ik was vergeten hoe mooi die cd is, en hoe welsprekend Costello’s teksten. De song Man Out Of Time is even goed als het beste van Dylan. Op de oorspronkelijke elpee staan 15 tracks. Ik kocht vandaag in een bak met afgeprijsde cd’s een versie van Imperial Bedroom met een bonus-cd waar nog eens 23 songs opstaan. Niet alleen kwaliteit maar ook kwantiteit…


Ik moet mijn hoofd met iets vullen omdat ik de leegte die ik tijdens deze donkere, vochtige dagen ervaar niet kan verdragen. Afwezigheid, gemis, eenzaamheid, allemaal negatieve gevoelens en emoties. Ik heb er geen idee van waar die vandaan komen. Waarom voel ik me zo? Toch niet alleen maar als gevolg van die donkere dagen?

Een andere vraag die ik me stel is waarom ik zo vaak in memoriams schrijf. Ben ik een soort van vampier? Schep ik er eigenlijk een heimelijk genoegen in dat er weer iemand dood is? Nee, dat kan ik maar moeilijk geloven. Maar het blijft een vreemde zaak. Ik denk dat ik de doden een tijdje met rust ga laten en me wat weer ga bezighouden met de levenden. De hongerigen spijzen en de naakten kleden, bijvoorbeeld. Of is dat in memoriams schrijven eveneens een dwanghandeling, en zal ik zodra er weer iemand sterft meteen opnieuw een treurig bericht de wereld insturen?
Ik denk dat ongeveer alles wat ik schrijf een lange, doorlopende elegie is. Schrijven over de dood van een geliefd persoon is daar een logisch onderdeel van. Er valt niet aan te ontsnappen, evenmin als aan de eigen dood. Ik zal nog maar wat Elvis Costello beluisteren.

10-01-07

IN MEMORIAM SNEAKY PETE KLEINOW



05-01-07

BURNING LOVE: R.I.P. DENNIS LINDE

nashville,origineel,songteksten,popcultuur,dood,pop,country,singer-songwriter

R.I.P Dennis Linde, weinig bekende songschrijver, "Nashville's best-kept songwriting secret". Hij maakte één mooie elpee in 1970, Linde Manor. Voor Arthur Alexander schreef hij Burning Love; wat later werd het een grote hit voor Elvis Presley.


Dennis Linde bleef in de schaduw van Music Row in Nashville gestadig songs schrijven voor andere min of meer beroemde zangers en zangeressen. Wat maakte Dennis Linde bijzonder? In Nashville was en is het niet de gewoonte om in songteksten te refereren aan schrijvers als Mark Twain, John Steinbeck, William Faulkner en J.D. Salinger. Dat deed de belezen Dennis Linde wel. In dat opzicht behoorde hij tot dezelfde ‘school’ als Guy Clark, Bobbie Gentry, en Mickey Newbury.


Foto Dennis Linde: Bart Harris.

26-12-06

IN MEMORIAM JAMES BROWN


in memory of james brown


Het was zo al een somber jaar voor de populaire muziek. Anti-helden Syd Barrett en Arthur Lee en de legendarische stichter van het Atlantic label, Ahmet Ertegun, waren eerder al van ons weggerukt. Nu net voor de finale van dit ellendige jaar – ook op persoonlijk vlak – komt pietje de dood James Brown nog gauw aan ons ontfutselen.

Wat kan ik zeggen? Waar zijn die verdomde woorden nu? Het is de dag na kerstmis en ik draai al sinds vanochtend James Brown blues en rhythm & blues en funk en al de rest: muziek zoals niemand anders er heeft gemaakt. Een ononderbroken funky groove, soms traag en zwoel, soms gereduceerd tot een vlijmscherp naakt ritme, altijd onweerstaanbaar, gaande van Bewildered en I Don’t Mind in de jaren vijftig via Prisoner Of Love, (Do The) Mashed Potatoes, It’s A Man’s World, Papa’s Got A Brand New Bag, Cold Sweat en I Can’t Stand Myself (When You Touch Me) in de jaren zestig tot Get Up (I Feel Like Being A) Sex Machine PTS. 1 & 2, King Heroin, Get On The Good Foot en It’s Too Funky In Here in de jaren zeventig. Wat ben ik ook verslingerd aan zijn songtitels, en vooral aan die met een paar woorden tussen haakjes.

Zijn recentere opnames heb ik niet meer zo gevolgd. Zijn geestelijke erfgenamen Bruce Springsteen, Michael Jackson, Prince en Beck hebben de aandacht van de godfather wat afgeleid. Er waren tevens een aantal duistere zaken, wilde autoachtervolgingen in de stijl van The French Connection PT. 1, gevangenisstraffen, schandalen. Dingen waar ik niet nader op inga. Ik deed dat vroeger niet, nu zeker niet. Ik verwijs er hier alleen maar terloops naar om mijn afzwakkende interesse enigszins te verklaren. Dat de nadruk bij popmuziek zo sterk op het schandaal wordt gelegd, vind ik uiterst vermoeiend en vooral onterecht.
Ondanks die schandaalsfeer had Brown alleszins een sterke educatieve en morele ingesteldheid, denk maar aan zijn songs Don’t Be A Dropout, waarin hij de jongeren aanspoort om een diploma te halen, en Say It Loud-I’m Black And I’m Proud, een trots en welluidend manifest van en voor de Afro-Amerikaan.

James Brown was voor ons allen geïncarneerd ritme, ook in voor Brown – of voor onszelf - slechte tijden. En dat zal hij blijven, tot de laatste dag. James Browns grooves zijn de heerlijkste die ik ken. Al zijn nummers zetten mij tot dansen aan, zelfs nu nog, op toch al wat gevorderde leeftijd. In de Antwerpse Cinderella’s Ballroom behoorde hij tot de grote favorieten van de dansvloer. Cold Sweat, baby!

James Brown was niet de grondlegger van de soul en van de country soul; dat was Ray Charles, maar zijn funk zorgde net zo goed voor een revolutie in de populaire muziek. Moge de Funky President in vrede rusten.

Foto: James Brown In Memoriam.