17-11-07

GENE CLARK EN THE BYRDS

 

 

The Byrds" "Being Here" is een van de meest heuglijke songs van the Byrds, maar ze hadden er veel. Schrijver en zanger van het lied was Gene Clark. Hij stierf op 24 mei 1991. Die dag voelde ik mij alsof ik een broer verloor. Als hij nog in leven was zou het vandaag zijn verjaardag zijn. Vandaar deze kleine ode. Goed nieuws is dat Robert Plant en Alison Krauss op hun duet cd 'Raising Sand' twee nummers van Gene Clark coveren, en niet de minste: Polly (zijn meesterwerk), en Through The Morning Through The Night, beide oorspronkelijk terug te vinden op de tweede elpee van Dillard & Clark. Mooi zo.

16-11-07

SECRETLY CANADIAN

Zoals de naam van het hippe platenlabel ben ik ‘secretly canadian’, denk ik soms. Ik zal het niet gauw toegeven, omdat het land niet echt cool is, figuurlijk gesproken, maar nu kan ik er niet meer onderuit. Ik had het er eergisteren nog over dat ik een nichtje heb die er woont; sinds haar emigratie, nu meer dan veertig jaar geleden, droom ik er al van naar Canada te reizen – en soms vraag ik me zelfs af waarom ik er destijds niet ben gaan wonen, in zo’n houten huisje, niet te ver weg van Toronto. Ik denk dat er weinig landen bestaan die zoveel natuurschoon te bieden hebben, om eens een eigenaardig woord te gebruiken. Natuurschoon, eigenaardig toch! Mijn Canadees familielid heet Josephine, een naam die hip was in de jaren vijftig van de vorige eeuw, waarschijnlijk door de hit van Fats Domino, ‘Hello Josephine’. Ze is de dochter van mijn moeders enige broer, een reder, die jong gestorven is; hart en bloedvaten waren zijn zwakke plekken. Mijn moeder is heel oud geworden, maar met haar twee zussen is het tragisch afgelopen: de ene heeft zelfmoord gepleegd en de andere is door de shock van die vreselijke gebeurtenis ‘gek’ geworden. Zij – mijn meter, die buitengewoon gierig was - is in een rusthuis gestorven. Ik zal er later wel eens wat meer over vertellen, of misschien heb ik het hier al gedaan, mijn geheugen is niet meer wat het geweest is en ik heb geen register van alle onderwerpen die ik al heb behandeld. Met de broers van Josephine – die in België zijn gebleven - is het evenmin goed afgelopen: ze zijn allebei verdronken, de ene in de Schelde, de andere in een Antwerps dok.


Ik wilde het echter niet over mijn ongelukkige familie hebben maar over mijn liefde voor Canada. Veel meer dan met Josephine houdt die verband met muziek. Menige van mijn muzikale ‘helden’ zijn Canadezen. Eerst en vooral is er natuurlijk Neil Young, zowat een van de meest eigenzinnige zangers/gitaristen die de sixties hebben voortgebracht. Al bij Buffalo Springfield deed hij zijn zin, en nu is het niet anders. Om maar een voorbeeld te geven: op zijn laatste cd, ‘Chrome Dreams II’, staat een song die 18 minuten duurt en de luisteraar desondanks blijft boeien (‘Ordinary People’). Het feit dat zijn beste elpee, ‘Everybody Knows This Is Nowhere’, al van 1969 dateert wil niet zeggen dat hij later niets avontuurlijks meer heeft gedaan. De gitaarrock van Green On Red en Dream Syndicate heeft hem in de jaren ’80 opnieuw zin gegeven om zich te ‘verjongen’ en hetzelfde is gebeurd in de jaren ’90 dankzij Pearl Jam en Nirvana. (En ik mag Sonic Youth niet vergeten). Neil Young heeft heel wat kippenvelnummers geschreven over zijn land van herkomst. Het bekendste is waarschijnlijk ‘Helpless’, vaak gecoverd, onder meer door de Canadese zangeres k.d. lang, op haar ‘Hymns of the 49th Parallel’. Ik zou hier nog heel veel over Neil Young kunnen schrijven, maar dat is niet mijn bedoeling.


Een andere Canadese singer-songwriter die met kop en schouders boven de middelmaat uitsteekt is Joni Mitchell. Haar ‘Blue’ staat nog steeds in mijn top-20 allertijden. Onder andere in ‘A Case Of You’ zingt ze over haar geboorteland. (Overigens, waarom verlaten zoveel Canadese muzikanten hun vaderland?) Ze heeft een nieuwe cd, ‘Shine’, maar die moet ik nog beluisteren.

Heeft er in de populaire muziek met uitzondering van Bob Dylan iemand betere teksten geschreven dan Leonard Cohen? Denk alleen nog maar aan ‘The Tower of Song’. Een heel wat jongere Canadese songsmid heet Ron Sexsmith. Hij componeert heerlijke melodieën en zijn teksten zijn al even fraai - waarom is hij dan zo msikend? Komt dat door die bizarre familienaam?

Iedereen houdt natuurlijk van the Cowboy Junkies, met de sensueel fluisterende Margo Timmins. Er is net een nieuwe cd/dvd verschenen van 'The Trinity Sessions'. Als voorlaatste wil ik Jane Siberry noemen, al even eigenzinnig als Neil Young, zij het minder rich and famous.


dirt farmer

Wellicht houd ik nog het meest van al van the Band, afkomstig uit Toronto, met uitzondering van Levon Helm, een Amerikaan uit Arkansas. ‘Music From Big Pink’ en de tweede, bruine elpee staan eveneens in mijn top-20. Toen ik in 1968 voor het eerst ‘The Weight’ hoorde stond ik gelukkig rechtop, anders was ik van mijn stoel gevallen. The Band heeft tientallen andere bands, waaronder the Beatles, de weg gewezen naar een eenvoudiger, aardser geluid dan in die jaren trendy was (“heavy, man!”), heeft hen gewezen op de roots van rock & roll – en heeft nu ook nog grote invloed, onder meer op My Morning Jacket, Drive-By-Truckers en Mercury Rev. Ja, the Band heeft me veel zin gegeven om naar Canada te trekken. Helaas zijn twee van de meest innemende groepsleden al een tijd niet meer onder ons. Richard Manuel heeft zelfmoord gepleegd, en ik denk dat Rick Danko zich dood heeft gedronken. Voor hen was een bestaan zonder the Band niet leefbaar. Organist Garth Hudson wordt nog vaak gevraagd om mee te spelen bij jonge en minder jonge groepjes, onder meer bij de al genoemde Mercury Rev. Over ‘leider’ Robbie Robertson wil ik niets zeggen. Ik heb de indruk dat hij zijn vroegere vrienden verraden heeft. Levon Helm, de Amerikaan, heeft een zwaar gevecht tegen keelkanker gewonnen en heeft nu een nieuwe soloplaat, ‘Dirt Farmer’, zijn eerste sinds 1982. Ik wil ze zo snel mogelijk horen, maar ik heb toch ook geduld. Voor alles is er een seizoen. Zo ook om een keer naar de 'blue Canadian Rockies' te reizen.

04-11-07

VRIJHEID IN 31 SONGS

radio centraal,zero de conduite,vrijheid,freedom,pop,rock

Albert Ayler

Playlist van Zéro de conduite op Radio Centraal, uitgezonden op zaterdag 3 november. Het thema van het programma was ‘vrijheid’ in alle mogelijke betekenissen van het woord. Het mooiste nummer van de avond vond ik zelf ‘At Last I Am Free’ van Robert Wyatt (oorspronkelijk van Chic), het tweede mooiste ‘Free Money’ van Patti Smith.


I'm Free - The Rolling Stones - Singles Collection: The London Years

I Feel Free – Cream -  Fresh Cream

Set Me Free - The Kinks - Kinda Kinks

Set You Free This Time - The Byrds - Turn! Turn! Turn!

Chimes Of Freedom - Bob Dylan - Another Side Of Bob Dylan

I'm Free At Last - Hank Williams - Lost Highway: December 1948 - March 1949    

Freedom For The Stallion - Elvis Costello & Allen Toussaint - The River In Reverse

Find The Cost Of Freedom - Crosby, Stills, Nash & Young - 4 Way Street

Alabama '69 - Humble Pie - Natural Born Bugie: The Immediate Anthology

I'm Free - The Who – Tommy

Freedom Rider – Traffic - John Barleycorn must Die

Free At Last - Albert Ayler - The Impulse Story

Freedom - Jimi Hendrix - Voodoo Soup

Freedom Train - James Carr - The Complete Goldwax Singles

I Wish I Knew (How It Would Feel To Be Free) - Solomon Burke - King Solomon / I Wish I Knew

Freedom Is Beyond The Door - Candi Staton - Candi Staton

Free At Last - Al Green - The Legendary Hi Records Albums Vol 2

Free The People - Delaney & Bonnie - The Best Of Delaney And Bonnie

Free Again - Alex Chilton - Alex Chilton

Free Man In Paris - Joni Mitchell – Hits

At Last I am Free - Robert Wyatt - Nothing Can Stop Us

Bring on the Lucie (Freda People) - John Lennon - Mind Games

Absolutely Free - Frank Zappa & The Mothers Of Invention - We're Only In It For The Money       

Free Money - Patti Smith – Horses

I'm Set Free (Closet Mix) - The Velvet Underground -Slowly And See

Radio Free Europe - R.E.M – Murmur

Free - Mazzy Star - She Hangs Brightly

Free Until They Cut Me Down - Iron & Wine - Our Endless Numbered Days

We Ain’t Free - Green On Red - The Killer Inside Me

Free Radicals (A Hallucination Of The Christmas Skeleton Pleading With A Suicide Bomber) - The Flaming Lips - At War With The Mystics

Redemption Song - Bob Marley & The Wailers - Uprising

25-10-07

DE TECHNIEK VAN GUY CLARK

guy clark,townes van zandt,steve earle,techne,emmylou harris,muziek,country,instrumenten,tehcniek,pop,folk,texas,verhalen,kunst

Gisteravond zat ik nog een keer te luisteren naar ‘Better Days’ van Guy Clark, de singer-songwriter uit Texas die over enkele dagen 66 wordt en in ons land nog steeds even weinig bekend is als bij het verschijnen van ‘Old No. 1’, zijn verrassend debuut uit 1975.  Maar liefhebbers van americana noemen hem meestal in één adem met Townes Van Zandt en Steve Earle. Townes is inmiddels dood en een legende en Steve Earle berucht en (bijna) beroemd. Waarom vallen de liedjes van Guy Clark dan zo weinig in de smaak? In België houden maar weinig melomanen van countrymuziek; soms wordt over het genre zelfs met afgrijzen gesproken en geschreven. Waarschijnlijk te wijten aan de nasale stemmen, de realistische teksten - en in sommige gevallen aan de sentimentaliteit en de kitscherige kostuums.

Maar Guy Clark een typische countryzanger noemen zou verkeerd zijn. Zijn stijl leunt meer aan bij folk; zijn songs zijn verhalen, soms gedichten. Sentimentaliteit is hem vreemd. Hij heeft het over zeilboten, tomaten, de mandoline van Picasso, spullen die werken (“stuff you don’t hang on the wall”), gitaarsnaren, de Texaanse keuken, whisky, de laatste revolverhelden, instantkoffie, daklozen, hotelkamers, timmerlieden, enz. Je hoort op zijn platen veel plezier en bezieling, zowel in zijn warme stem als in het verfijnde spel van de muzikanten die hem begeleiden. Voor hen is het een eer erbij te mogen zijn. Je voelt aan dat ze houden van zijn levensechte songs, van zijn warme persoonlijkheid. Jammer toch dat niet wat meer muziekliefhebbers Guy Clark’s parels uit het duister tevoorschijn halen. Bij ons wordt het zelfs moeilijk om nog platen van de man te vinden. Maar de liedjesschrijver uit Texas volhardt. Zijn liefde voor het vak is groot. Ja, net als een timmerman of een meubelmaker is hij een vakman, wat hetzelfde is als een kunstenaar, zeker als je kunst als τέχνη (techné) beschouwt, wat de oude Grieken deden. Toch wordt techniek vaak als het tegenovergestelde van kunst beschouwd. Kunstenaars mogen in dat geval geen vuile handen hebben, zangers geen rauwe stem, gitaristen geen bloedende vingers. Op de hoezen van Guy Clark’s platen zie je wel eens mooie afbeeldingen van instrumenten, zelfs van schaafsel. Dat is geen toeval: de liedjesschrijver is ook ‘luthier’, hij herstelt en maakt gitaren. Is dat de reden waarom in de opnamestudio zoveel zorg wordt besteed aan de klank van gitaren, violen, mandolines, en andere snaarinstrumenten? Voor de ‘crafstman’ naar de studio trekt schaaft hij lang aan zijn teksten, dat hoor je al bij een eerste beluistering. Toch is het eindresultaat niet klinisch, niet ‘perfect'. De songs zijn ruwe diamanten, om de titel van een elpee van John Prine aan te halen.

Ja, en gisteravond kreeg ik nog een keer tranen in de ogen bij ‘Randall Knife’, het lied dat Guy Clark schreef naar aanleiding van de dood van zijn vader. Zonder sentimenteel te zijn weet de zanger met die song toch keer op keer het hart te raken. ‘Better Days’ is waarschijnlijk zijn beste langspeelplaat, maar heel zijn oeuvre verdient bestaansrecht. Schitterend is ook ‘I Don’t Love You Much Do I’, terug te vinden op ‘Boats To Build’ en op de pas verschenen ‘Songbird’-box van Emmylou Harris. En er is nog veel meer moois. Zal ik nog eens een lijstje maken?

BLACK DIAMOND STRINGS / GUY CLARK

 

 
Guy Clark en Emmylou Harris vertolken Clarks 'Black Diamond Strings'.

RANDALL KNIFE - GUY CLARK

 

My father had a Randall knife
My mother gave it to him
When he went off to WWII
To save us all from ruin
If you've ever held a Randall knife
Then you know my father well
If a better blade was ever made
It was probably forged in hell

My father was a good man
A lawyer by his trade
And only once did I ever see
Him misuse the blade
It almost cut his thumb off
When he took it for a tool
The knife was made for darker things
And you could not bend the rules

He let me take it camping once
On a Boy Scout jamboree
And I broke a half an inch off
Trying to stick it in a tree
I hid it from him for a while
But the knife and he were one
He put it in his bottom drawer
Without a hard word one

There it slept and there it stayed
For twenty some odd years
Sort of like Excalibur
Except waiting for a tear

My father died when I was forty
And I couldn't find a way to cry
Not because I didn't love him
Not because he didn't try
I'd cried for every lesser thing
Whiskey, pain and beauty
But he deserved a better tear
And I was not quite ready

So we took his ashed out to sea
And poured `em off the stern
And threw the roses in the wake
Of everything we'd learned
When we got back to the house
They asked me what I wanted
Not the lawbooks not the watch
I need the things he's haunted

My hand burned for the Randall knife
There in the bottom drawer
And I found a tear for my father's life
And all that it stood for

 


Guy Clark

24-10-07

MAZZY STAR / DISAPPEAR



Ik zal nog maar wat zwijgen en luisteren. Extreme schoonheid van Mazzy Star. En is Hope Sandoval werkelijk van de aardbol verdwenen?

13-10-07

SUNDAY MORNING

Een van de allermooiste songs allertijden. 'Sunday Morning', uit 'The Velvet Underground & Nico'. Misschien morgen eens beluisteren en bekijken? Of vandaag al. In de sixties wilde niemand dit horen, of hoe de tijden veranderd zijn.

10-10-07

1952 VINCENT BLACK LIGHTNING

 

 
 



Geen woorden. Alweer niet. Een aandenken voor degenen die er bij waren.  Van het optreden in de AB zelf heb ik helaas geen beelden. Zelden krijg ik tranen in de ogen bij een concert, maar bij dit lied wel, en ook nog een keer bij From Galway To Graceland. Misschien omdat ik al zo lang niet meer buiten was geweest, misschien omdat ik stilaan genees. (Toch enkele woorden, dus.)

30-09-07

MOST LIKELY YOU GO YOUR WAY (AND I'LL GO MINE)

bob dylan,pop,clip,stijl,popcultuur,icoon
Soms zegt de hoes van een ep of lp - op een andere manier - bijna evenveel als een song. 

12-09-07

TEENAGER IN LOVE - YO LA TENGO





Nog een Dion-verrassing. Yo La Tengo, waar ik het vorige maandag over had (ze traden toen op in de Botanique), vond ik terug op YouTube met een cover van Dions Teenager In Love. Het is een zeer primitieve opname in de living van drumster/zangeres Georgia Hubley. Er zit ook nog een Buddy Holly-staart aan de clip. Rock & roll will never die.
En zo slaat het toeval ook nog eens een keer toe. In het Engels wordt daar het mooie woord 'serendipity' voor gebruikt. Ik heb in mijn leven al heel wat 'serendipity'-momenten beleefd en daar ben ik zeer tevreden over.

ABRAHAM, MARTIN AND JOHN

 

clydie king,bob dylan,dion,muziek,intensiteit,liefde,beatles,sergeant pepper s lonely hearts club band,pop,popcultuur,protest,peter blake


Ik  vond op YouTube een versie van Abraham, Martin and John in 1980 in San Francisco met hart en ziel gezongen door Bob Dylan en Clydie King. Visueel stelt de clip niet veel voor, hoewel de duisternis toch enkele geheimen prijsgeeft, onder meer de innige band tussen Dylan en zangeres Clydie King. Maar de intensiteit van die uitvoering, die prachtige samenzang, waardoor je even het gevoel krijgt dat je niet langer van deze wereld bent! Jammer genoeg is die clip alweer weggehaald, zoals zo vaak gebeurt met beeldmateriaal van Dylan.

Abraham, Martin and John stond op de eponieme lp die Dion in 1968 uitbracht. Dion had lange tijd aan drugs gezeten en was afgekickt. In 1968 was hij niet langer een rock & roll-zanger, de tijd van de doo wop met The Belmonts was lang voorbij. Dion had zich vol overgave op blues en folk gestort. 'Dion' was wellicht zijn sterkste elpee, al kan het materiaal dat hij met Phil Spector opnam evenmin worden onderschat. Abraham, Martin and John werd later ook met veel succes opgenomen door Marvin Gaye. Uiteraard gaat de song over Abraham Lincoln, John en Robert Kennedy en Martin Luther King.

Has anybody here seen my old friend Abraham?
Can you tell me where he's gone?
He freed a lot of people,
But it seems the good they die young.
You know, I just looked around and he's gone.

Anybody here seen my old friend John?
Can you tell me where he's gone?
He freed a lot of people,
But it seems the good they die young.
I just looked around and he's gone.

Anybody here seen my old friend Martin?
Can you tell me where he's gone?
He freed a lot of people,
But it seems the good they die young.
I just looked 'round and he's gone.

Didn't you love the things that they stood for?
Didn't they try to find some good for you and me?
And we'll be free
Some day soon, and it's a-gonna be one day ...

Anybody here seen my old friend Bobby?
Can you tell me where he's gone?
I thought I saw him walk up over the hill,
With Abraham, Martin and John.

(Als je de hoes van Sergeant Pepper's Lonely Hearts Club Band goed bekijkt, zie je dat er naast Dylan maar één andere zanger op de fotomontage van Peter Blake staat: Dion. En the Beatles zelf natuurlijk. Dat waren allemaal zangers. Zelfs Ringo.)

03-09-07

HET GAAT NIET GOED MET BO DIDDLEY

bo diddley,rock   roll,hey bo diddley,ziek,geloof,hoop,pop,ziekte

Het gaat niet goed met Bo Diddley. Hij is ernstig ziek en het is heel goed mogelijk dat hij ons binnenkort verlaat. Als ik gelovig was zou ik nu voor hem bidden, maar ik ben niet gelovig en ik bid al lang niet meer. Ik hoop dat hij er weer bovenop komt. Maar wat voor zin heeft hopen? Verandert het iets aan zijn toestand? Ik vraag het mij af. Toch hoop ik. Ik wil ook niet over een paar dagen alweer een in memoriam schrijven. Bo Diddley is een van de uitvinders van de rock & roll. Deze laatste zin is bedoeld voor degenen die pas vanaf vandaag naar de radio luisteren. Veel succes met je verdere ontdekkingen!

07-08-07

LEE HAZLEWOOD

 

Ik word moe van de in memoriams. Weer is een van mijn helden heengegaan. Of zal ik zeggen anti-helden? Zeggen dat Lee Hazlewood de Amerikaanse Serge Gainsbourg was is hem oneer aandoen. Er waren wel verwantschappen, onder meer de duetten met zangeresjes en actrices. Ik denk hierbij in de eerste plaats aan Ann-Margret, Suzi-Jane Hokum en vooral Nancy Sinatra. Maar Lee Hazlewood was vooral zichzelf, de bedenker van een unieke, grofkorrelige sound. Als je goed luistert hoor je de klank van de woestijn in zijn stem. Maar er is ook de lokroep van avonturen, van vrouwen, van antieke godinnen en verre steden. Lee Hazlewoods songs zullen blijven nazinderen. Generatie na generatie zal ze ontdekken: Summer Wine, Some Velvet Morning, Sand, These Boots Are Made For Walking, Run Boy Run, Look At That Woman, Stone Cold Blues, So Long Babe, Back On The Street Again.

Overmorgen zou Lee Hazlewood jarig zijn. Rust in vrede, mister Sand. Je hebt het verdiend.

 

“Some velvet mornin' when I'm straight
I'm gonna open up your gate
And maybe tell you 'bout Phaedra
And how she gave me life
And how she made it end
Some velvet mornin' when I'm straight

Flowers growing on a hill, dragonflies and daffodils
Learn from us very much, look at us but do not touch
Phaedra is my name

Some velvet mornin' when I'm straight
I'm gonna open up your gate
And maybe tell you 'bout Phaedra
And how she gave me life
And how she made it end
Some velvet mornin' when I'm straight

Flowers are the things we know, secrets are the things we grow
Learn from us very much, look at us but do not touch
Phaedra is my name

Some velvet mornin' when I'm straight
Flowers growing on a hill
I'm gonna open up your gate
dragonflies and daffodils
And maybe tell you 'bout Phaedra
Learn from us very much
And how she gave me life
look at us but do not touch
And how she made it end.”

09-07-07

ALL YOU NEED IS A LOVE-IN

 

radio,radio centraal,7 juli,summer of love,liefde,flower power,zero de conduite,1967,william burroughs

Ziehier de playlist van Zéro de conduite (uitgezonden op 7 juli op radio centraal, de Antwerpse onafhankelijke stadszender op 106.7 fm).  Het thema was de zogeheten ‘summer of love’ van 1967, nu veertig jaar geleden, met enkele songs die als aankondiging van dat tijdloze moment – of reële profetie – eraan voorafgingen. De ‘summer of love’ was een soort van vacuüm. Als je deze muziek beluistert in de gepaste sfeer en omstandigheden kun je daar voor even naar terugkeren. De popmuziek die toen verscheen was zeer verscheiden van aard, maar zelfs de zeer commerciële singles stonden open voor experiment en vernieuwing. In die periode werd de elpee overigens belangrijker dan de single. De muziek werd ernstiger, vaak bevatten de teksten een boodschap, of waren ze poëtisch getint; bovendien waren er vaak vrij lange solo’s op gitaar of orgel en zelfs op bas en drum, en daarom was er meer tijd nodig, vandaar het belang van de langspeelplaat.  1967 was het jaar van flower power, Timothy Leary, Sergeant Pepper’s Lonely Hearts Club Band, Are You Experienced, the Cream, Love-ins, Golden Gate Park en Haight-Ashbury in San Francisco, Carnaby Street in Swinging London, witte fietsen in Amsterdam, Jasper Grootveld, Simon Vinkenooog, Witheek, Mary Quant, Twiggy, Brian Jones, het Conscienceplein in Antwerpen, Ferre Grignard, Jazz Bilzen, Jean-Paul Belmondo, Ravi Shankar, Allen Ginsberg, Jefferson Airplane, the Doors en Grateful Dead. Iedereen moest bloemen in de haren dragen en de meisjes liepen allemaal in minijurk. Jongens hadden purperen fluwelen jassen aan en rookten marihuana. Sommigen gaven de voorkeur aan een LSD-trip. Oosterse wijsheid was in de mode. Er werd nootmuskaat gerookt en heel hip was ook het roken van gebakken bananenschillen. Veel jongeren dachten dat Donovans Mellow Yellow precies daarover ging. Later bleek dat de song een geelkleurige dildo bejubelde. Zeer weinigen wisten toen wat een dildo was, een doodgewone banaan lag meer voor de hand. Het was een naïeve en idealistische tijd. Toen Steely Dan zich begin de jaren zeventig naar een dildo uit William Burroughs’ Naked Lunch noemde, waren die naïviteit en idealisme letterlijk of figuurlijk in rook opgegaan.

 

radio,radio centraal,7 juli,summer of love,liefde,flower power,zero de conduite,1967,william burroughs

  • The Times They Are A Changin' - Bob Dylan - The Times They Are A-Changin'
  • It's My Life - The Animals - The Complete Animals
  • In Our Time - Nancy Sinatra – The Essential Nancy Sinatra
  • Get Together - The Youngbloods - The Youngbloods
  • Love-In - The Morning Glories - A Whole Lot Of Rainbows
  • Are You Gonna Be There (At The Love In) - The Chocolate Watchband - Melts In Your Brain...Not On Your Wrist!
  • A Kind Of Love In - Julie Driscoll, Brian Auger & The Trinity
  • Our Day Will Come -Sharon Tandy- You Gotta Believe It’s Sharon Tandy
  • Run, Run, Run - Sly & The Family Stone - A Whole New Thing
  • Renaissance Fair - The Byrds - Younger Than Yesterday
  • Dance The Night Away – Cream -  Disraeli Gears
  • May This Be Love - Jimi Hendrix - Are You Experienced?
  • This Is What I Was Made For - The Grass Roots - Where Were You When I Needed You
  • I Can Hear The Grass Grow - The Move - Nuggets II: Original Artyfacts From The British Empire And Beyond, Vol. 1
  • All The World Is Love - The Hollies - At Abbey Road 1966 – 1970
  • There's No Life Without Love - The Kinks - Something Else
  • The 59th Street Bridge Song (Feelin' Groovy) - Harpers Bizarre - Feelin' Groovy: The Best Of Harpers Bizarre
  • Talking To The Flowers - The Everly Brothers - A Whole Lot Of Rainbows
  • We Love - YouThe Rolling Stones - Singles Collection: The London Years
  • Our Love Was - The Who - The Who Sell Out
  • Smell Of Incense - West Coast Pop Art Experimental Band - My Mind Goes High: Psychedelic Pop Nuggets From The WEA Vaults
  • My White Bicycle – Tomorrow - Nuggets II: Original Artyfacts From The British Empire And Beyond, Vol. 1
  • Talkin' About the Good Times - The Pretty Things - single
  • In My Own Time - Bee Gees - Bee Gees 1st
  • Apples and Oranges -Pink Floyd – 1967: The First 3 Singles
  • Mobius Trip - H.P. Lovecraft - Two Classic Albums From H.P. Lovecraft
  • Monterey - Eric Burdon & The Animals - The Twain Shall Meet
  • Flying High - Country Joe & The Fish - Electric Music For The Mind And Body
  • The Fat Angel – Donovan - Sunshine Superman
  • Plastic Fantastic Lover - Jefferson Airplane - Bless Its Pointed Little Head
  • Magic Of Love (Live) - Big Brother & The Holding Company - Cheap Thrills
  • Break On Through (Live) - The Doors - Essential Rarities


28-06-07

THE CAKE




Ik kreeg net een mailtje van Chelsea Lee, een van de drie zangeressen van The Cake. Ze was te zien op de clip van I Got You Babe met Tiny Tim. Chelsea Lee en de andere Cake-meisjes zongen backing vocals op tal van elpees in jaren zeventig, onder andere bij Kevin Ayers en Ginger Baker’s Airforce. Nu is er goed nieuws voor Cake fans: hun twee elpees worden binnenkort op cd uitgebracht.
Wat Chelsea Lee over legendarische arrangeur / producer Harold Battiste vertelt is minder goed nieuws.

“good morning, martin
i have signed the contracts for both the cake lp's to be re-released by revola/poppydisc records. the masters have been redone, so they should sound better than the originals.i spoke to harold battiste last week and he is not in the best of conditions. i believe what has happened in new Orleans - being nearly wiped off the map - has killed his spirit! he works intently to try and rebuild there and the US government does not assist. we never knew the giant of a man we were working with because we were so young!
i did that film with tiny tim before i met and formed the cake. it was just a song i sang once in a while at a club in NYC called THE SCENE. tiny sang there every night for $45.00 a week! he did not wear make-up or the loud clothes he did after the film! thank you, again, for putting our song on your page.
humbly,
chelsea (aka eleanor)”


Foto: the Cake.

26-06-07

I GOT YOU BABE: REIZEN IN DE MUZIKALE RUIMTE

 

Ik ben er bijzonder opgetogen over dat ik dit stukje uit de film 'You Are What You Eat' uit 1968 heb gevonden, zij het via heel wat omwegen (een e-mail van spectropop, myspace van Moby Grape, myspace van miss Chelsea Lee, myspace van the Cake). Dit fragment uit You Are What You Eat is een cover van I Got You Babe door Tiny Tim alias Herbert Khaury en Chelsea Lee alias Eleanor Barooshian. Tiny Tim, bekend geworden met de hit Tip-Toe Through the Tulips, speelt de rol van Cher, Chelsea Lee, zangeres van de wonderlijke meisjesgroep the Cake, neemt Sonny voor haar rekening. Eigenlijk is het al een deconstructie, avant la lettre. De muziek op de achtergrond is van the Band. Je herkent meteen de typische gitaarklanken van Robbie Robertson. Ja, ja, ik ben bijzonder opgetogen. Niet alleen vanwege dit fragment, maar nog meer omdat ik op myspace van the Cake opnieuw die heerlijke, aanstekelijke, onovertroffen popdeuntjes à la Phil Spector heb kunnen beluisteren. Mijn uitverkoren song van the Cake is Baby That’s Me. Maar de Cake-liedjes lonen allemaal de moeite. Chelsea Lee vertelt dat binnenkort cd-versies zullen verschijnen van de twee elpees die the Cake heeft uitgebracht.


En ik ben nog verder gereisd tot bij het lieftallige zangeresje Antonia Bee, die Rainbow Wood van the Cake covert. Soms moet je je kamer niet uit om een heerlijke reis door de ruimte te maken, een muzikale ruimte dan nog wel. Het is ook geen weer om buiten te komen. Het is weer om groene thee te drinken, cake te eten, en een oude krakende plaat van Tiny Tim, the Cake, of, waarom niet, Kevin Ayers op te leggen. Om de dag te besluiten kun je nog wat voorlezen uit Alice in Wonderland. Feed your head!

15-06-07

MOMENTEN VAN GELUK: TIM BUCKLEY

 

Ik heb op YouTube een opname gevonden van Tim Buckleys Happy Time, een van mijn favoriete songs aller tijden. Ik heb zelden een sterkere uitdrukking van het geluksgevoel gehoord, ook al heeft het geheel een melancholische ondertoon, waardoor het eigenlijk nog sterker wordt. Hier heet het lied echter nog I’m Coming Home Again. De clip dateert uit 1968, een periode waarin Buckley afscheid nam van de poëtische folk en steeds meer free jazz en avant-garde in zijn composities integreerde. De elpee Blue Afternoon uit 1969, waar de originele versie van Happy Time op terug te vinden is, is naar mijn weten nooit op cd verschenen. Al het andere werk van Tim Buckley wel, ook zijn twee laatste elpees, Look At The Fool en Sefronia, die – waarschijnlijk ten gevolge van zwaar druggebruik – grotendeels mislukkingen moeten worden genoemd, maar nog altijd beter klinken dan 99 procent van de ‘popmuziek’ die de radiostations nu op ons uitspuwen.

Tim Buckley stierf op 28-jarige leeftijd. De klank van onderstaande clip is niet schitterend, maar het blijft me verrassen dat zulke documenten al die tijd al hebben bestaan en dat we ze nooit eerder konden zien.

Happy Time

Ah, it's a happy time inside my mind
When a melody does find a rhyme
Says to me I'm comin' home to stay
Oh, Lord, home to stay
I'm comin' home to stay
Home to stay

Ah, lord, it's just the same old story
Something about love for glory
A nickel and a dime a dozen
Fame
Ah, it's such a shame
Ah, the way they use your name
Ah, you know it's such a shame
When it's only mine to sing a song
Hoping that you'd cross along my way
Before I have to move along
Ah, now move along
Ah, but I'll be back again
Ooh back again

Ah, it's a happy time inside my mind
When a melody does find a rhyme
Says to me I'm comin' home to stay
Oh, Lord, home to stay
I'm comin' home to stay
Home to stay

Sleep late now mama
Let the mornin' sun warm your bed
While I'm away
While I'm away

Tim Buckley / Blue Afternoon, 1969

12-06-07

BUITEN DE MAATSCHAPPIJ? PATTI SMITH IN DE AB


Dat je alleen in clichés over muziek kunt schrijven is uitermate storend. Weinigen is het gegeven een behoorlijke, inzichtelijke en gevoelvolle recensie van een rockconcert of van een cd te schrijven. Zelf kan ik het niet, de muziek is te heilig, mijn woorden te profaan. En toch kan ik er soms niet aan weerstaan. Soms wil ik mijn enthousiasme meedelen, zoals nu over het concert van Patti Smith in de AB gisteren. Maar wat kan ik meer zeggen dan dat het een schitterend, geïnspireerd, warm, levensbevestigend concert was? Dat ik er van genoten heb. Dat er nog weinig muzikanten, zangers of zangeressen zijn, die me zo uit mezelf kunnen halen en meevoeren naar een andere dimensie.
Patti Smith bezweert, met haar stem, haar ogen, haar gebaren, af en toe met de betoverende tonen van haar klarinet. De muziek van haar band stijgt naar het hoofd, verwarmt de hersens en stimuleert de verbeelding. Ze is als een sterke en heilzame drug, zonder neveneffecten. Vervoering is het resultaat van de tomeloze energie waarmee Patti Smith haar songs bezielt. Soms is het alsof ze engelen en duivels ten tonele voert, die daar dan even in innige omhelzing met elkaar staan te dansen, zich herinnerend dat William Blake zowel met de hemel- als de helbewoners converseerde. Patti Smith had alle recht om te zingen dat ze ervaring had. Ze legde – onuitgesproken, maar onmiskenbaar - het verband tussen Are You Experienced? van Jimi Hendrix en The Songs Of Innocence And Experience van William Blake. Het verband was vooral aanwezig in haar klarinetsolo. En wij, het publiek, konden deelhebben aan die ervaring. Soms ook zag ik hier en daar een paradijsvogel in de zaal klapwieken, onder meer toen Patti Smith een ‘dérèglement de tous les sens’ bewerkstelligde tijdens de voordracht van Birdland, een song geïnspireerd door de autobiografie van Peter Reich, de zoon van de grote Wilhelm Reich. En wat nog meer? Smells Like Teen Spirit was een lang aangehouden ingehouden extase. Wie anders dan Patti Smith slaagt erin om een hele zaal Feed Your Head te laten meezingen – en niemand die nog aan Grace Slick denkt, tenzij uren later bij het drinken van enkele liters bier, om weer op adem te komen. Natuurlijk was er ook het omineuze Privilege (Set Me Free), waar ik het gisteren al over had, waarin de protagonist niet alleen vloekend wacht op een god, maar ook smeekt om energie. De protagonist die om energie smeekt kan Patti Smith zelf niet zijn. Ik ken namelijk niemand die zoveel energie uitstraalt. Zou ze die uit het bronwater halen of uit de Marrokaanse muntthee of uit de cakejes uit Amsterdam? Of gewoon uit zichzelf?
Wat een mooi cadeau was dat voor Ann Demeulemeester, en voor ons allemaal, die romantische cover van Lou Reeds Perfect Day… En wat een ontroerende verschijning van George Harrison toen Within You Without You werd uitgevoerd. Pissing In A River, dan maar, of Gloria, met de absolute beginselverklaring ‘Jesus died for somebody’s sins but not mine’ – waar ook weer het refrein door de hele zaal, nu helemaal uitzinnig, werd meegezongen. Een mooi intermezzo van Lenny Kaye, trouwens, met zijn cover van You’re Pushing Too Hard, oorspronkelijk van The Seeds. In 1971 voor hij gitarist werd in de Patti Smith Group schonk Lenny Kaye ons de baanbrekende en invloedrijke compilatie Nuggets: Original Artyfacts From the First Psychedelic Era 1965-1968, een verzameling van 24 vroege punk rock-pareltjes.
Wat nog meer? De apotheose van Rock & Roll Nigger, met deze onsterfelijke regels:

Jimi Hendrix was a nigger.
Jesus Christ and Grandma, too.
Jackson Pollock was a nigger.
Nigger, nigger, nigger, nigger,
nigger, nigger, nigger.

Outside of society, they're waitin' for me.
Outside of society, if you're looking,
that's where you'll find me.
Outside of society, they're waitin' for me.
Outside of society.

Ik had een zeer vreemd gevoel toen ik ‘outside of society’ meebrulde, dat moet ik eerlijkheidshalve toegeven. Maar dat doet niets af aan de waarde van dit concert. Mijn excuses voor de clichés. Ik kon niet anders.

11-06-07

PATTI SMITH : AIN'T IT STRANGE?


easter
 
Vanavond treedt Patti Smith op in een uitverkochte AB. Ik heb de zangeres al vaak live gezien, de eerste keer als ik me niet vergis in 1977, de tweede en beste keer in 1978 op paaszaterdag – haar elpee ‘Easter’ was net verschenen – met de Antwerpse Kids (wie herinnert zich nog Ludo Mariman?) als voorprogramma. Meteen na het zinderende concert van the Kids, met als hoogtepunt een door de hele zaal meegezongen Fascist Cops, zette the Patti Smith Group in met The Kids Are Alright, een cover van de Pete Townshend-klassieker. Na dat eerbetoon gaf Patti Smith een hele avond lang alles van zichzelf, onversneden extase was het. Het leek wel of ze over bovennatuurlijke gaven beschikte, want ik voelde me na afloop veel gezonder en sterker dan tevoren. Latere optredens zoals in de Hallen van Schaarbeek in 1999, in het Paleis voor Schone Kunsten enkele jaren nadien en op het Cactus Festival in Brugge was Patti Smith nog altijd meeslepend, zij het zonder de intensiteit van die beginjaren. Alleszins heeft ze me live nooit ontgoocheld, al waren haar cd’s niet altijd even goed, ik denk dan vooral aan Dream Of Life en Peace and Noise. Ik ben ervan overtuigd dat zij en haar band me vanavond evenmin zullen ontgoochelen.

Nu ben ik niet bepaald in een zeer opgewekte stemming, wat ongetwijfeld te wijten is aan de verkiezingsuitslagen. Na acht jaar leven we opnieuw in een zeer conservatief land. Ik heb er geen goed oog in; vooral het succes van de separatisten schrikt me af. Maar wie weet beleef ik vanavond een nieuwe catharsis en sta ik om middernacht geheeld en gesterkt weer op straat en laat ik mijn leven en mijn denken daarna niet meer verstoren door dorpspolitici en door een bevolking die zich door populisten en reactionairen laat verblinden.

Omdat Patti Smith vanavond optreedt wil ik hier graag een tekst van haar onder de aandacht brengen. Het is een schitterende ‘apologie’ van de rock & roll, die zij schreef aan de vooravond van haar opname in de Rock and Roll Hall Of Fame, en die op 12 maart dit jaar werd gepubliceerd in The New York Times. Ik gebruik het woord ‘apologie’ heel bewust. Patti Smiths benadering van populaire muziek, en van rock & roll in het bijzonder, heeft inderdaad een sterk religieuze inslag. Heel het werk en het denken van Patti Smith is van religieuze aard, in haar songteksten en gedichten krioelt het van de religieuze beelden en metaforen.
In Privilege (op Easter) zingt zij bijvoorbeeld:
“Hey, lord, Im waitin for you.
Oh, god, Im waitin for you;
Waitin to open your ninety-eight wounds
And be thee, be thee.
Lead me, oh, lead me.”
Het zijn niet haar eigen woorden, ze komen uit de soundtrack van de film Privilege van Peter Watkins uit 1967 met toenmalige iconen Jean Shrimpton en Paul Jones, maar toch, veel verder kun je in het verlangen naar een god niet gaan. Soms heeft Patti Smith iets van een hedendaagse Hadewych. Ik wil op dit religieuze aspect van haar werk echter niet dieper ingaan. Ik zal er ooit eens een boek over schrijven en dan ga ik daarmee op de markt staan, je zal zien dat het een succes wordt. Overigens ben ik ervan overtuigd dat de god waar Patti Smith op wacht niet die van Ratzinger is. Want roept ze ook niet ergens uit, ik denk op Radio Ethiopia, In my heart I’m a muslim? Gelukkig is die religiositeit met een sterk sociaal en ecologisch bewustzijn verbonden. Dat sociale aspect van rock and roll komt goed tot uiting in wat ik de ‘apologie’ heb genoemd. Veel leesgenot.


“AIN'T IT STRANGE

On a cold morning in 1955, walking to Sunday school, I was drawn to the voice of Little Richard wailing "Tutti Frutti" from the interior of a local boy's makeshift clubhouse. So powerful was the connection that I let go of my mother's hand.

Rock 'n' roll. It drew me from my path to a sea of possibilities. It sheltered and shattered me, from the end of childhood through a painful adolescence. I had my first altercation with my father when the Rolling Stones made their debut on "The Ed Sullivan Show." Rock 'n' roll was mine to defend. It strengthened my hand and gave me a sense of tribe as I boarded a bus from South Jersey to freedom in 1967.

Rock 'n' roll, at that time, was a fusion of intimacies. Repression bloomed into rapture like raging weeds shooting through cracks in the cement. Our music provided a sense of communal activism. Our artists provoked our ascension into awareness as we ran amok in a frenzied state of grace.

My late husband, Fred Sonic Smith, then of Detroit's MC5, was a part of the brotherhood instrumental in forging a revolution: seeking to save the world with love and the electric guitar. He created aural autonomy yet did not have the constitution to survive all the complexities of existence.

Before he died, in the winter of 1994, he counseled me to continue working. He believed that one day I would be recognized for my efforts and though I protested, he quietly asked me to accept what was bestowed -- gracefully -- in his name.

Today I will join R.E.M., the Ronettes, Van Halen and Grandmaster Flash and the Furious Five to be inducted into the Rock and Roll Hall of Fame. On the eve of this event I asked myself many questions. Should an artist working within the revolutionary landscape of rock accept laurels from an institution? Should laurels be offered? Am I a worthy recipient?

I have wrestled with these questions and my conscience leads me back to Fred and those like him -- the maverick souls who may never be afforded such honors. Thus in his name I will accept with gratitude. Fred Sonic Smith was of the people, and I am none but him: one who has loved rock 'n' roll and crawled from the ranks to the stage, to salute history and plant seeds for the erratic magic landscape of the new guard.

Because its members will be the guardians of our cultural voice. The Internet is their CBGB. Their territory is global. They will dictate how they want to create and disseminate their work. They will, in time, make breathless changes in our political process. They have the technology to unite and create a new party, to be vigilant in their choice of candidates, unfettered by corporate pressure. Their potential power to form and reform is unprecedented.

Human history abounds with idealistic movements that rise, then fall in disarray. The children of light. The journey to the East. The summer of love. The season of grunge. But just as we seem to repeat our follies, we also abide.Rock 'n' roll drew me from my mother's hand and led me to experience. In the end it was my neighbors who put everything in perspective. An approving nod from the old Italian woman who sells me pasta. A high five from the postman. An embrace from the notary and his wife. And a shout from the sanitation man driving down my street: "Hey, Patti, Hall of Fame. One for us."

I just smiled, and I noticed I was proud. One for the neighborhood. My parents. My band. One for Fred. And anybody else who wants to come along.”