23-10-15

TWO-LANE BLACKTOP

twolaneblacktop1.jpeg

twolaneblacktop3.jpeg

twolaneblacktop2.jpeg

twolaneblacktop4.jpeg

Ik zag nog een keer ‘Two-Lane Blacktop’, de Americana classic van de ondergewaardeerde regisseur Monte Hellman. Je zou de film een ‘Easy Rider’ met auto’s kunnen noemen, maar hij is minder aangetast door de tijd dan de film van Dennis Hopper en Peter Fonda. De lyrische cinematografie van László Kovács overtreffen was waarschijnlijk een onbegonnen zaak. Daar heeft Jack Deerson, de cameraman van ‘Two-Lane Blacktop’ zich dan ook niet aan gewaagd. Wat hij, in dienst van Monte Hellman, heeft gemaakt zijn sterke fotografische beelden, beelden die op zichzelf kunnen staan, los van het verhaal of de actie. Terwijl je de film bekijkt krijg je vaak zin om het beeld stop te zetten. Dat is ook niet bijzonder moeilijk: de film is postmodernistisch, er is geen verhaal, geen ontknoping, er is bitter weinig. Je ziet beelden van auto’s, pompstations, snackbars, mensen op de dool, verlaten snelwegen. Het zouden foto’s kunnen zijn van Robert Frank en William Eggleston.

‘Two-Lane Blacktop’ zit niet overvol muziek, maar wat je hoort lijkt bijna voor de film geschreven: Stealin’ uitgevoerd door Arlo Guthrie, Moonlight Drive van the Doors, en Me & Bobbie McGee van Kris Kristofferson. Daarnaast hoor je de genadeloze muziek van opgefokte motoren en de schaarse, minimalistische dialogen van Warren Oates, James Tayler, Dennis Wilson en Laurie Bird.

Warren Oates heeft nooit in een middelmatige film gespeeld en James Taylor en Dennis Wilson zijn bijzonder geschikt voor de rollen die ze spelen. Een rol spelen? Beide muzikanten zijn wie ze zijn: mooie jonge mannen die overhoop liggen met zichzelf en met de wereld rondom hen. Op de vlucht voor hun verleden, hun achtergrond, hun familie, de hel van de Amerikaanse middenklasse. Maar een uitweg schijnt er niet te zijn. Op het einde zie je de filmbeelden brand vatten.

De commentaren zijn gesloten.