04-12-14

HERINNER JE JE BOBBY KEYS EN IAN MACLAGAN?

small faces3.jpg

Bobby Keys is overleden. De saxofonist roept bij mij onwillekeurig herinneringen op aan de mooie dagen in de Visélaan toen in onze woning daar de vrolijke en vettige klanken van ‘Sticky Fingers’ en ‘Exile On Main Street’ de muziekkamer en eigenlijk het hele huis vulden. De opwinding die ik daar bij voelde. Het zijn feestelijke platen: ik genoot er het meest van als ik ze met vrienden kon delen, nuchter of liever nog onder invloed van wat hasjiesj.  Werd ‘Exile On Main Street’ toen niet door de muziekpers afgekraakt omdat de plaat zo rommelig klonk? Ik dacht van wel. Een onderdeel van die verrukkelijke rommeligheid vormde de unieke sound van Bobby Keys z’n sax. De anekdotes over the Rolling Stones on tour, inclusief de uitspattingen van de huurlingmuzikant, zijn genoegzaam bekend. Waarom slingeren rocksterren toch zo graag televisietoestellen door hotelramen? Of schieten ze erop, zoals Elvis Presley deed (en Bruce Springsteen droomde). Ik luisterde gisteren nog een keer naar ‘Whatever Gets You Through the Night’ van John Lennon, ook met de Texaanse saxofonist in een glansrol. Moge Bobby Keys in vrede rusten.

BobbyKeysandKeithRichards.jpg

Gisteravond laat, na de zoveelste aflevering van the Sopranos – ik leef nu op een dieet van schrijven en Sopranos – probeerde ik mijn smartphone aan de praat te krijgen. Mijn gsm was al enkele dagen stuk. Ik heb me dan maar zo’n toestel vol overbodige snufjes die het leven nog wat moeilijker maken aangeschaft. Een fototoestel op een telefoon, te gek jongen!

Het eerste wat ik op mijn smartphone las was een bericht over de dood van Ian McLagan. Een van de kleine grote helden uit mijn jeugd - samen met Steve Marriott, Ronnie Lane & Kenney Jones in the Small Faces. In de tweede helft van de sixties maakte die beatgroep van de meest opwindende singles die je op de radio en de jukebox kon horen. Op elk gebied waren ze pure stijl. Als ik in Maastricht naar de kapper ging had ik altijd een foto van deze groep bij als voorbeeld. Ook bij het kiezen van hemden, jasjes en broeken liet ik me door hun voorkomen inspireren. Echt mod was dat al niet meer, daar waren hun haren wat te lang voor. Er zaten ook al veelkleurige, psychedelische ingrediënten in, net zoals in hun songs.

Singles als ‘All Or Nothing’, ‘Here Comes the Nice’, ‘Itchycoo Park’ en ‘Tin Soldier’ voerden me tot aan de rand van extase en soms erover. Ik herinner me nog goed hoe uitbundig Guy Bleus en ik in Tongeren - in café de Paddock geloof ik - dansten op de wilde klanken van dat laatste nummer, een van de beste singles aller tijden. Het orgel en de piano van Ian McLagan maken er een popparel van – eigenlijk is zijn geïnspireerd spel er de ziel van. Ach, wat hield ik van the Small Faces. Ik zag ze twee keer live. Een keer (1), samen met mijn vriend Jan De Pooter, een even grote fan als ik, in het nergensland van Diepenbeek. Bij dat concert mocht ik een mooi flower power-meisje dat ik helemaal niet kende lang en warm kussen. Ik heb nooit geweten hoe ze heette. Of ben ik het vergeten? Wat ik me wel nog herinner zijn de flessen gin die we doorgaven aan iedereen die het maar wilde. Een tweede keer, misschien nog grootser, maar minder intiem, was op Jazz Bilzen (2). De mooiste dagen van ons leven, terwijl we daar toch zo vlug mogelijk aan wilden ontsnappen. De illusies die ‘vrijheid’ en ‘toekomst’ heten, schitterden als het chroom van oude Chevrolets in de midzomerzon. De mooiste dagen, weggerend als wilde paarden over de heuvels, om het eens met de woorden van Charles Bukowski te zeggen.

Ian McLagan is dood, maar onze honger naar de klank van zijn orgel en naar de swingende sound van the Small Faces is niet gestild.

“When you're slipping into sleep, that's the time to unwind
Sinking down into the deep, that's the time of no time
When you're slipping into sleep
All the sounds around you seem to have a new meaning
Leave your body behind you with a different feeling
When you're slipping into sleep” (3).

pop, popcultuur, rock, muziek, small faces, rolling stones, bobby keys, ian mclagan, dood, sixties, euforie, dansen, singles, jukebox, jazz bilzen, diepenbeek, vrienden, plezier, geluk, toekomst, vrijheid, kleren, kapsel, extase

 

 

(1) Op 11 mei 1968 in Diepenbeek.
(2) Op 24 augustus 1968 op Jazz Bilzen. Eerst the Small Faces, daarna een jamsession van leden van the Small Faces, Cuby + Blizzards, Alexis Korner en Chris Farlowe.
(3) Uit  ‘Up The Wooden Hills To Bedfordshire’ van Ian McLagan. Terug te vinden op 'Small Faces', verschenen in 1967 op Immediate.

De commentaren zijn gesloten.