23-01-13

IK DACHT NOG

Zeventien keer vroeg ik het je al.
Ik had net zo goed niets kunnen vragen.
Of was het achttien?
Je antwoordde zeventien of achttien keer niet.
Wat doe je met wit, vroeg ik.
Wat doe je met zwart, vroeg ik.

Ik zei je dat ik je niets verwijt.
Het is gewoon een vraag zoals een andere.
Wat doe je met de andere kleuren, die ertussenin?
Vond je er geen woorden voor?
Niet iedereen is Rimbaud, dat weet ik wel.
Al weet ik niet veel – dat wel:
De alchimie van het woord.

En vragen, ik ken heel veel vragen.
Vraag mij niet om antwoorden, die ken ik niet.
Stel je vraagt me: hoe gaat het met je?
Ik weet het niet.
Gelukkig ben ik niet.
Maar ben ik daarom ongelukkig?
Mij moet je het niet vragen.

Ik schreef je dat het tijd wordt.
Zeventien keer al dat ik iets moet gaan doen.
Met mijn leven, met jouw leven.
Maar wat? Iets tussen wit en zwart?
Zeg het me nu toch eindelijk, want ik weet het niet.
Vandaag dacht ik nog: er is niets te doen.
Ik dacht nog: er is helemaal niets te doen.

De commentaren zijn gesloten.