27-02-10

REIS OP DE VIS


max beckmann reise auf dem fisch 1934

Voor een verpleegster


In een rood schuimende zee zwom hij tegenwinds,
naar nieuwe streken verlangend. Maar
golven ijzig water verlamden zijn longen.
Tot hij op een strand belandde, zijn voeten zeer,
in zijn gedachten niets meer, zin noch betekenis.

Circe was daar. Jij varkenskop, jij donkere vis, zei ze.
Ik eet je met huid en haar. Verslind je zwarte geslacht.
Van je vinnigheid laat ik geen spoor over.
Ik versmacht je met mijn winterse stem, mijn ver-
leidelijk gefluister. IJstijd, gevaarlijk zon. Stasis.

Vluchten was het woord. Vluchten naar mollige oorden.
In zoet, in zuur, in baarmoederwater, zwarter
dan verzonken Atlantis. Tot hij zijn naam hoorde
in het woord van de blauwe vis. De vis riep hem toe,
kom op mijn rug, laten we reizen, tezamen.

Als in een sprookje, een kunstwerk, een bedenksel.
Naar het lichtblauwe, naar de lucht, naar de witheid
van het abstracte waar niets je nog pijnigt.
Naar lichtblauwe ogen in een lichtblauwe lucht,
niet lauw, maar verzengend van liefde en lust.
 

 Afbeelding: Max Beckmann, Reise auf dem Fisch, 1934
 

21-02-10

NEIL YOUNG x 30


neil-young5

Wat doet een man die herstelt van een longontsteking op een zondagmiddag? Een lijstje maken! Er zijn weinig bezigheden zo bevredigend en opwindend als lijstjes maken. En misschien is het wel heilzaam? Dit zijn mijn dertig favoriete Neil Young songs. Ook hier geldt weer de beperkte houdbaarheid.

Pocahontas –  Rust Never Sleeps
Expecting To Fly – Buffalo Springfield / Buffalo Springfield Again

Harvest - Harvest
Running Dry -  Everybody Knows This Is Nowhere

After The Goldrush – After The Goldrush
I Believe In You – After The Goldrush
Pardon My Heart – Zuma

Tired Eyes – Tonight’s The Night

Revolution Blues – On The Beach

Like A Hurricane – American Stars And Bars
Thrasher – Rust Never Sleeps

I’ve Been Waiting So Long – Neil Young
If I Could Have Her Tonight – Neil Young

Ambulance Blues – On The Beach

Cortez The Killer – Zuma

Don’t Cry No Tears – Zuma
Out On The Weekend – Harvest

Winterlong – Decade
Helpless – CSNY / Déjà Vu
Wrecking Ball – Freedom

Days That Used To Be – Ragged Glory
One Of These Days – Harvest Moon
Sleeps With Angels – Sleeps With Angels
A Man Needs A Maid – Harvest

Cinnamon Girl – Everybody Knows This Is Nowhere

Too Far Gone – Freedom
The Old Laughing Lady – Unplugged

Sugar Mountain – single
Ohio – CSNY / single

Down By The River - Everybody Knows This Is Nowhere

17-02-10

ALSOF WOORDEN GELEGEN MOETEN KOMEN


Alsof woorden, gedichten, gelegen moeten komen. Alsof er een gelegenheid moet zijn om ze aan vast te haken. Alsof gedichten horen bij iets, bij rampen, liefdes, afgronden. Alsof woorden in gedichten niet de barsten tonen, het ontembare, datgene wat nergens kan staan en liggen.

Alsof rood de kleur is van bloed en wijn, en bruin die van brood en vissen, die zich eeuwig vermenigvuldigen. Honger niet meer bestaat. Alleen het rood van de eros, van de erosie, van wat nooit wordt toegelaten in kerken en kloosters. Rood de kleur van de jouwe, van alle troostende lippen.

Alsof rood een kleur is en niet de hitte van het vuur, de hitte waar geen woord, geen kleur voor bestaat. Zodat je moet liegen, een andere wereld uitvinden, waar iedereen  thuis is, en niemand krast met scherpe nagels haar polsen open. Niemand die het voor jou doet. Je polsen, je dikke blauwe aders.

Alsof woorden geen begeerte zijn. Je woorden vormen vormen, maar onvolmaakt, omdat misschien zelfs het volmaakte niet bestaat, maar dan nog minder het woord om te zeggen hoe volmaakt je bent. Terwijl je niets eens volmaakt bent, maar in de buurt komt van wat hij zich ervan voorstellen kan.

Gelukkig niet volmaakt. Want alles wat volmaakt is is overbodig. Een vrouw schrijft onvergetelijke woorden, stopt haar hoofd in een oven – en alles is af. De volmaakte vrouw, denkt ze. Hoe ze zich vergist heeft,  Sylvia Plath. Perfectie bestaat niet. Luister naar the Beatles, altijd hoor je ergens iets wat er niet hoort.

Niets komt gelegen of ongelegen. Wij liggen graag neer op de aarde, als kind al deden we dat graag. Of we gaan met krukken de berg op en vallen en worden weer naar beneden gebracht, zodat voor ons wordt gezorgd. Eindelijk weg uit die donkere sneeuw, dat vreemde, onheilspellende zaad.

Gedichten komen ongelegen. Verklaren ronduit de liefde aan een ambassadrice. Aan een bowling ball. Aan een werkongevallige. Aan een hemelse en duivelse hoer, aan een zwart schaap. Aan het geloof en het ongeloof. Aan god die niet bestaat en aan het einde der tijden. Aan vier woorden van jou. Aan je adem. Aan je geur, je genoegen, aan hoe je staat en loopt en ligt. Aan je genadeloze ongelegenheid.

Gedichten moeten altijd met je liggen. Op het grasveld terwijl de anderen spelen. Op de natte grond, die nazindert van een zomers onweer. Op een kale matras, die iedereen ziek maakt. In een hoek van een stomdronken kroeg. In je armen. Gedichten moeten altijd met je liggen en je in de ogen zien. Omdat je ogen de woorden zijn die de vormen van gedichten vormen.

13-02-10

VLUCHT VIA HET WESTEN


man_of_the_west_1958_1


Een sterke man trekt hun paarden door de rivier, door het dal, door woestenij, lava. Van het Zuiden naar het Noorden.

(De nacht valt. Een uitgeputte slavin. Van fluweel de donkere rozen: niet langer dromen van bloed en pijn.)

Weken, maanden voordien viel hij in de schaduw neer van een magere vrouw. Ik heb nu genoeg geleden, zei ze. Neem me, neem me met je mee.

Op de oever, niet ver van het vee, werden zij bruid en bruidegom, de sterren vlak bij hun ogen. De sterren vlak bij hun mond.

(Daarop moeten zij vluchten. De geschiedenis in.)

Als zij zich met zijn haren, met zijn geslacht heeft getooid en ingestreken met zijn bloed en ingestreken met zijn faeces valt zij de vijandige stad binnen, waar hij door allen werd geminacht.

Ik kom voor mijn kroon, zegt ze. Ik kom voor zijn kroon, zegt ze. Met mijn schadeclaims brand ik jullie stad af.  Jullie hebben nog een uur om van elkaar af te zien. Jullie hebben nog een uur om elkaar te doden.

Daarna heers ik over jullie ruïnes tot er geen einde meer is, onzichtbaar de maan en de sterren.

Afbeelding uit Man Of The West, Anthony Mann.

12-02-10

ERGERE DINGEN ZIJN DENKBAAR


pneumonia: 8th day

Al acht dagen met longontsteking in bed of op de canapé. Gelukkig ben ik thuis en lig ik niet weg te kwijnen in een Brussels ziekenhuis. Er zijn altijd ergere dingen denkbaar, maar prettig is het niet. Vooral niet omdat je niets kunt doen. Alleen maar op genezing wachten.

Foto: Crystal Eye.

09-02-10

VROEGER IS NU


Twombly_wilder shores of love


Als stro zijn de dagen, ook al zie je geen velden, geen heuvels, geen vuren branden. Je ruikt een korte, felle brand, en daarna, terwijl je een glas bier drinkt, het smeulen. Je zit op een krat te piekeren over de voorbije weken en maanden. Is alles echt gebeurd? Heb je geleefd tijdens die maanden, of was het maar een droom? Was je werkelijk in Umbrië, in Rome, in Berlijn, in Wenen, in Porto, in Lissabon, in Barcelona? Zag je er alles wat je gezien hebt. De heuvels van Spoleto, het drukke verkeer, de oudste kerk van Rome door het raam van je hotelkamer, liep je opnieuw over de Auguststrasse en in Prenzlauerberg? Werd je uitgenodigd voor een Vietnamees etentje ergens in Kreuzberg en werd je zo dronken van de wodka dat je er scheel van zag? ’s Anderendaags op het vliegtuig. Het lijkt op een droom.

Ook in Porto. Je vrienden, de nachten, de kunstgaleries, de sterren van José, het museum waar Cristina jullie de weg wijst, waar A. ten val komt, de lekkere Portugese wijn in café Guarany, en aan de oceaan waar de golven wild te keer gaan. Wat blijft nog over van Wenen? Altijd maar dat MuseumQuartier, een hele week lang, vaak in de regen. Waar je Cy Twombly ontdekt, een kunstenaar van wie je alleen de naam maar kende en die je nu verheerlijkt, op een even hoog niveau plaatst als Anselm Kiefer.

En Ray Johnson, haast vergeten, de wanhoop van Jesper Just, de indrukwekkende tentoonstelling ‘Silences’, bijeengebracht door Marin Karmitz, in Lissabon. De nieuwe kennismaking met het werk van Tadeusz Kantor. Het onzichtbare dansen boven je hoofd in een Berlijnse kunsthal – een installatie van Allora & Calzadilla.

En van al de vrienden die je ontmoette. De geliefden. De omarmingen. De dode broer. De dode helden. De wandelingen door de stad, de terrassen van leven en dood. Waarom kus je elkaar? Heb je elkaar dan niet innig lief? In de zomer of in de koude cafés van de winter, als een profeet met blijde getijden welkom zou zijn, zo net na een vreselijke aardbeving.

Nachten van waanzin en euforie in Antwerpen, in Gent op het huwelijk van je vriendin I., lezingen, concerten van Bob Dylan en the Duke & the King, de cafés in Brussel... Back to the starting point. Gesprekken met arbeiders over hout, centrale verwarming, sleutels… Taxichauffeurs die je behoeden voor het gevaar. Met hun verhalen en hun scherpzinnig ogen.

De stad puilt uit van liefde en haat, maar je zoekt slechts liefde. Omdat zo de wereld opnieuw ontstaat. Je moet puzzels ontwarren, als waren het knopen in lange, weelderige haren. Wat betekent dit allemaal, een nachtmerrie kan het niet zijn, als er trompetgeschal bij weerklinkt en beelden van engelen je gezicht vertroebelen. Je gelooft niet in het bovennatuurlijke, nee. Maar een engel is een mens. Dat weet je van Rilke en van Wim Wenders. Engelen, en jij met je hoofd in de voor een keer niet giftige wolken.

Maar nu heb je hoge koorts en moet je weer gaan rusten. Niet alleen taxichauffeurs beschermen je tegen het gevaar. Niet alleen engelen. Je moet jezelf ook in bescherming nemen. Je moet zien dat je overleeft, het positieve accentueren.

Afbeelding: Cy Twombly, Wilder Shores Of Love, copyright Cy Twombly.

 

06-02-10

SWEET SOUL MUSIC IN ZERO DE CONDUITE


BettyeSwann

Vandaag een soulvol Zéro de conduite, ondanks mijn ziekte. Maar ik weet dat soul een goed geneesmiddel is, zo paradoxaal is het dus niet. Ik zal dan ook zeker luisteren van zes tot acht vanavond op radio Centraal want zelf ben ik er niet bij. Maar de zoetgevooisde en pittige Sofie Sap zal het programma ongetwijfeld in goede banen leiden. Get on the good foot! And wish me luck…

Sweet Soul Music – Arthur Conley
The Memphis Train – Rufus Thomas
The Right Time – Ray Charles
Tell It Like It Is – Aaron Neville
You’re Too Young – Barret Strong
Cry To Me – Solomon Burke
Tell Mama – Etta James
He Made A Woman Out Of Me – Bettye Lavette
Today I Started Loving You Again – Bettye Swan
I Say A Little Prayer – Aretha Franklin
Mister Pitiful – Otis Redding
Wrap It Up – Sam And Dave
It’s Alright – Curtis Mayfield & the Impressions
(Hey You) Set My Soul On Fire – Mary Wells
Reflections – Diana Ross & the Supremes
Baby I Need Your Loving – The Four Tops
Shotgun – Junior Walker & The All Stars
When A Man Loves A Woman – Percy Sledge
Unloved, Unwanted Me – Barbara Lynn
Good Lovin’ – The Rascals
Ain’t Too Proud To Beg – The Temptations
I Second Tha Emotion – Smokey Robinson & the Miracles
Where Is The Love – Roberta Flack & Donna Hathaway
Thin Line Between Love And Hate – The Persuaders
Everyday People – Sly & The Family Stone
It’s Your Thing – The Isley Brothers
Give It Up Or Turnit A Loose – James Brown
Groove Me – King Floyd
Love Train – The O’Jays
Here I Am (Come And Take Me) – Al Green
Who Is He (And What Is He To You?) – Bill Withers
Inner City Blues (Make Me Wanna Holler) – Marvin Gaye
La-La Means I Love You – Delfonics
Strawberry Letter 23 – The Brothers Johnson
Across 110th Street (OST) – Bobby Womack
Could It Be I’m Falling In Love - The Spinners
Flash Light – Parliament

Samenstelling: Martin Pulaski (met enige hulp van Genius)
Presentatie en techniek: Sofie Sap.

Je kunt Radio Centraal live beluisteren op 106.7 FM of online via deze weg.

Afbeelding: Bettye Swann

01-02-10

EEN JAAR IS EEN DAG, EEN DAG IS EEN JAAR


kantor

Een jaar is een dag, warm en tegelijk koud, afschuwelijk en verrukkelijk. Ik maak er mij niet echt druk meer over. Het eenvoudige antwoord is dat tijd niet bestaat, tenzij als einde: ooit is het met ons allen gedaan.
Soms zit ik in een tram of bus en zie mijn reisgenoten, die van alle streken van de wereld hierheen zijn gekomen om te leven en geluk te vinden, en denk: op een dag zijn wij allen dood. Wij bevinden ons voortdurend op gewijde grond: miljarden mensen liggen onder onze voeten, doden, een vredige dood gestorven of als slachtoffer van een oorlog of een ramp. Als gevolg van liefde of haat, of iets daartussenin. De enen zijn voor het vierkant, de anderen voor de cirkel – om zulke principes slaan ze elkaar soms de kop in. Nee, ik maak er mij niet druk meer over. De ene dag ben ik voor de cirkel, de andere voor het vierkant. Een man van principes ben ik nooit geweest en zal ik hopelijk ook nooit worden. De enige stelregel waar ik mij poog aan te houden is dat je een ander niet aandoet wat jij niet wilt dat jou geschiedt. Het principe van het mededogen lijkt mij van het grootste belang, naast dat van de strijd om te overleven, wat ook wel eens drift of verlangen wordt genoemd. En omdat ik, zoals ik hierboven al zei, maar korte tijd een gast ben van moeder aarde, wil ik haar met eerbied bejegenen.

Kies nooit voor de onderdrukkers, kies voor de onderdrukten. Maar dat komt op die eerste en ‘enige’ stelregel neer.

Over dat jaar van een dag wilde ik graag wat schrijven. Wat is me bijgebleven? Wat heeft me gelukkig gemaakt? Wat heeft me pijn gedaan, gekweld. Wat heeft liefde bij me opgeroepen, wat weerzin en zelfs haat.

Een lange stilte volgt. Het is de stilte van het vergeten.

V
ergeten ben ik al hoeveel mensen die me dierbaar waren zijn gestorven. Ik kan een kleine opsomming maken van de doden die me bijgebleven zijn, maar dat wil ik niet: niemand mag worden vergeten. Bij wijze van spreken zelfs een vlieg niet. Is een vlieg geen wonderlijk schepsel? Of een spin. (Niet dat ik ooit een spin heb gedood. Spinnen kunnen mij soms in verrukking brengen, ecologische architecten als ze zijn.)

Daar wil ik al weken lang over schrijven. En ik heb het ook al gedaan. Maar het lijkt onbegonnen werk. Want een dag is een jaar. Begin er maar eens aan. Alleen al de Dodenklas van Tadeusz Kantor, waar ik in Lissabon tien minuten naar heb staan kijken – niet naar het stuk, maar naar enkele foto’s, is het waard om honderden bladzijden over te schrijven.

Toch geef ik de moed niet op. De volgende dagen en maanden bericht ik over het jaar dat maar een dag duurde. Of omgekeerd?

Beeld:
Tadeusz Kantor, "Master Veit Tout Court C'est Moi (Self-Portrait)" , acrylic, marker, pastel, wernix on paper, 01.01.1985, 31,8x21,5 cm, private collection, deposed in National Museum, Cracow.