28-12-09

BERNARDO SOARES: DUBBELGANGER?

dichter,martinho da arcada,drank,vriendschap,antwerpen,bernardo soares,boeken,lissabon,vergetelheid,herkenning,dubbelganger,klerk,fernando pessoa,vreemdeling,jos d,cafeleven


Voor ik wat vergetelheid probeer te vinden in wijn, blues, country en klassieke films lees ik, na lange tijd, nog een stukje in Fernando Pessoa’s ‘Boek der rusteloosheid’, vertaald door Harrie Lemmens, en verschenen in de onvolprezen reeks Privé-Domein, bij Uitgeverij De Arbeiderspers, in 1990 alweer. Ik raakte vertrouwd met het dichtwerk van Pessoa omstreeks 1977, in volle punkperiode, mede dank zij mijn toenmalige beste vriend Jos D., die in oktober 1991 achter zijn jonge en mooie en intelligente leven een definitief punt zette. Hij schonk me in die wilde tijd – toen hij het eerzame beroep van trambestuurder uitoefende, en soms rechtstreek van het café naar zijn job moest - een verzamelwerk, met gedichten van ongeveer alle heteroniemen van de dichter – vertaald door August Willemsen. Een revelatie. Bijna elk gedicht raakte me diep in het hart. Aangezien ik geen Portugees ken, moest ik geduld oefenen en wachten tot er weer eens een nieuwe vertaling verscheen – zoals ‘Het boek der rusteloosheid’, dat Pessoa schreef in de gedaante van Bernardo Soares, hulpboekhouder in een kantoor in Lissabon. Het boek, een meesterwerk, werd pas zevenenveertig jaar na het verscheiden van de meester uitgegeven.

Dit is het fragment waar mijn oog op viel.

“Ik bewoog mij als vreemdeling onder hen, maar niemand zag dat ik een vreemdeling was. Ik leefde als een spion te midden van hen, en niemand, ook ikzelf niet, vermoedde dat ik dat was. Allen hielden mij voor een verwante: niemand wist dat men mij had verwisseld bij mijn geboorte. Zo was ik gelijk aan de anderen zonder gelijkenis, broeder van allen zonder lid te zijn van de familie.

Ik kwam uit rijke streken, uit betere landschappen dan het leven, maar over die streken sprak ik slechts met mijzelf en nooit liet ik hun iets weten over de landschappen die ik zag wanneer ik droomde. Mijn voetstappen klonken eerder als de hunne op de vloeren en plavuizen, maar mijn hart was ver weg, hoewel het zeer nabij klopte, onecht heer over een verbannen en vreemd lichaam.

Niemand kende me onder het masker der gelijkheid, en niemand heeft ooit geweten dat het een masker was, want niemand wist dat er in deze wereld gemaskerden waren. Niemand vermoedde dat naast mij een ander stond die uiteindelijk ik was. Ze beschouwden mij altijd als identiek aan mezelf.”
(Het boek der rusteloosheid, 159)

Heel even leek het erop – ik had net een glaasje Porto gedronken en waande mij in café Martinho da Arcada (wat nu een restaurant is) - alsof ik mijn eigen woorden las, maar meteen besefte ik dat ik niet zo’n goed schrijver was, niet zo eenvoudig, en niet zo diepzinnig. Meteen besefte ik dat ik niet voldoende toegewijd ben aan mijn woorden, maar haast bij voorkeur vergetelheid probeer te vinden in wijn, blues, country en klassieke films. Toch twijfel ik er hoegenaamd niet meer aan: ooit schrijf ik Het boek der rusteloosheid van Bernardo Soares.

Commentaren

Prettige feestdagen En voor volgend jaar:
papieren ordenen en Het boek der rusteloosheid van Martin Pulaski schrijven.

Gepost door: lonesome zorro | 28-12-09

Reageren op dit commentaar

lonesome zorro Dank je, Lonesome Zorro, mijn papieren moet ik inderdaad ordenen. En misschien schrijf ik daarna wel De grote rust, ik weet het nog niet. Voor jou wens ik dat je wensen in vervulling gaan. En dat er veel platen van Hope Sandoval uitkomen.

Gepost door: martin | 03-01-10

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.