18-11-07

BOEKEN VAN AARDE

 

Al die boeken wegen zwaar

en elke letter verplettert het hoofd

van de kleine Marcel;

            onder het Hondboek ligt hij dromend

met gescheurde mondhoek, matras-

man Marcel.


’s Nachts vallen ze,

handvallen ze, hoofdstapels, brandstapels,

gewapend papier.

            Ja, zoals in het maatglas verdronken

zijn kinderen zo verdrinken zij in wijwater –

wat werken des duivels toekomt.

Let op Marcel want zie je, hun inkt

zit op je vingers.


Maar wie droomde in plaats van dronk

en zoals zij, Mohikaantjes, hing aan lianen

in het ruim van een rijnaak en liep barre-

voets door gele riviertjes, getekend,

en lachte, “vandaag varen, morgen lossen we

honderd ton gele en honderd ton

rode rivierkreeftjes”

en zoals zij bij schemering mijmerde

            tijdens wazige eeuwen misthoorn-

muziek, ginds achter blauwe masten aan-

zwellende misthoornmuziek


en hoorde hoe het rimboede:

“Hoor hoe het rimboet!” riep de piraat, en:

“zie dan toch zotten het rimboet!”

            en Zottekop spitsneust en flappert

zijn flaporen zo treurig

omdat zij niets zien, de zotten,

zij lachen alleen maar om de koe,

ja de koe die schijt recht in de mond

van een doofstomme maristenbroeder.


Ach ja, het rimboet, het rimboet weer.


Zwaar wegen de boeken, de rijke solide

en arme aarde ontgroeid (o warm toch op nu,

Lucinde, uw dak stort nog in).

Maar geen verweer hebben wij

en niet sterk is dit slechte zwerven

met zwaaiende armen en zondode ogen,

hoewel goed ook met zaaiende armen en

een zacht voorgevoel op het voorhoofd

            liefdesliedjes zingend en dan weer

bij het slapengaan hulpeloos uitroepend:

“Wedden dat de lucht is opgebruikt,

koude, koude Lucinde.”

Commentaren

speciaal dit is speciaal.
anders dan anders. (maar anders is anders ook altijd anders)
het is mooi.
is het oud? jong? traaggeschreven? snelgeschreven?

Gepost door: Evy | 19-11-07

Reageren op dit commentaar

gedicht Het is oud, hoewel ik het gisteren herschreven heb (nogal veel geschrapt, het was nog heel wat langer). Het is epigonenwerk, ik was zeer sterk beïnvloed door de lectuur van Lucebert, en duidelijk ook door Hölderlin, vooral in de laatste strofe. Er zitten autobiografische elementen in, en die zijn dan toch van mezelf.
Ik denk dat de eerste versie zeer snel is geschreven, bijna écriture automatique. Daarna gewerkt aan de structuur. De zinnen moesten kloppen. Het is iets mysterieus. Ik weet zelf niet goed waar het over gaat, behalve over boeken.

Gepost door: martin | 19-11-07

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.