03-05-07

CAT POWER IN HET KONINKLIJK CIRCUS

 rock,bob dylan,cat power,soul,eigenzinnig,brussel,koninklijk circus,recensie

Gisteren beleefde ik het genoegen Cat Power aan het werk te zien in mijn favoriete Brusselse concertzaal, het Koninklijk Circus. De voorbije dagen heb ik het al meermaals over koningen gehad, reden waarom ik dat nu nalaat. Ik voel me bovendien allesbehalve koninklijk en Cat Power is evenmin een koningin. Al dat gedoe met die titels kan me gestolen worden. Vandaag nog meer dan anders. Mijn huidige toestand – waterzuchtig - is van katachtige oorsprong. Cat Power, die volgens de roddelrubrieken de drank heeft afgezworen, is dan weer een doodgewoon soulmeisje, dat zich heerlijk eigenzinnig op een podium beweegt, niet bepaald katachtig, meer menselijk al te menselijk. Sommige soortgenoten schijnen daar problemen mee te hebben, las ik de voorbije weken en maanden in sommige teksten en blogs. Dat begrijp ik helemaal niet. Als het over – om maar eens een voorbeeld te noemen - Ryan Adams gaat heeft niemand daar problemen mee, ook niet als hij stomdronken over het podium strompelt en glazen stukslaat. Als Cat Power haar armen in de lucht steekt, voor zichzelf applaudisseert – terecht – of wat aan haar hemdje friemelt, fulmineert de ‘schrijvende’ goegemeente. Uitermate dom, vind ik dat, en echt iets voor ‘mannen’.

Ik houd van stemmen. Voor de stem van Cat Power ben ik naar het Koninklijk Circus gegaan – en ze heeft me niet teleurgesteld. Voor mij is ze, zeker qua frasering, voortaan de jongere zus van Bob Dylan. Haar begeleidingsband, de Dirty Delta Blues, met Judah Bauer op gitaar, Jim White aan de drums, Gregg Forman aan de toetsen en Erik Paparozzi op basgitaar, deed me meermaals denken aan de band die Bob Dylan begeleidde op Bringing It All Back Home en Highway 61 Revisited (uit 1965!). Helemaal die sound, dat scherpe kwikzilveren geluid, met toch een stevige basis in de ritmesectie. Soms gingen mijn gedachten ook wel naar the Small Faces (de latere Faces) en veranderde Cat Power in een vrouwelijke versie van Steve Marriott, ook een unieke en onvoorspelbare blanke soulzanger, een van de beste. Judah Bauer had bovendien heel wat geleerd van de rifpiraat bij uitstek, Keith Richards.

Laat ik dit zeggen: een zangeres die een concert inzet met Naked If I Want To, een song van de tweede beste Amerikaanse band uit de sixities, ik heb het over Moby Grapy, de beste was the Byrds, heeft niet alleen veel lef maar tevens een uitmuntende smaak. En dat eerste nummer zette de toon: gedurende het hele optreden waren de eigenzinnigheid en de pure emotie aan de macht. Aanstekelige grooves en een goed gevoel. Veel bekend werk uit The Greatest, oudere nummers, schitterende covers van ( I Can’t Get No) Satisfaction en These Arms Of Mine, een mix van soul en blues en luisterlied zoals alleen Cat Power die kan brengen. En daar bovenop die warme uitstraling en die heerlijke, eerlijke lichaamstaal van deze Southern Lady. Meer heb ik niet nodig om tot de zevende hemel te geraken. Koninklijker dan ik al was ben ik er echter niet door geworden. Aan degenen die zich storen aan het dansen van Cat Power raad ik een dansje aan in de stijl van Ian Curtis, dance dance dance to the radio!

Voetnoot (toegevoegd op 4 mei). Door een rare kronkel in mijn hersens (of ten gevolge van teveel pils) vergat ik in mijn korte lofzang van het Cat Power-concert het hoogtepunt te vermelden. Dat was zo goed als zeker haar doorleefde versie van Dark End Of the Street, een song van Dan Penn en Chips Moman. Haar versie was bijna even mooi als die van James Carr en overtrof die van the Flying Burrito Brothers, en dat wil veel zeggen.

Commentaren

sigaretten "De meest sensuele stem ter wereld." Zie ook mijn notitie over Cat Power op 16/12/2006.
Ik denk dat Cat Power rookt om haar stem dat sensuele timbre te geven, om wat er al is nog meer kleur te geven.

Gepost door: martin | 04-05-07

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.