11-04-07

DE LAATSTEN ZULLEN DE EERSTEN ZIJN


Ik wil er niet teveel woorden aan wijden, omdat ik daar te moe voor ben: het concert van Danny & Dusty was delicieus. Hoe daar op dat podium van de AB de rock & roll opnieuw werd uitgevonden, dat was mooi om te zien en vooral om te horen. Dan Stuarts stem is er op de twintig jaar tijd die er verlopen is sinds The Lost Weekend werd opgenomen werkelijk op vooruit gegaan; ze klinkt voller, volumineuzer en expressiever. Hij is zelf ook nogal volumineus, maar dat neemt niet weg dat hij tevens charmant is, ontwapenend zelfs, zij het altijd met een dreigend kantje. Het dreigende dat mensen soms hebben die op het randje van de waanzin leven. Ik weet niet of dat voor Dan Stuart zo is, maar het lijkt er wel op. Steve Wynn is minder exuberant, maar zelfs nog charmanter, met zijn lieve glimlach en zijn beheerst voorkomen. Het is duidelijk dat hij de zaken goed in de gaten houdt, zodat de waanzin niet uit de hand loopt. Enigszins beheerste gekte werkt beter.
Bij het begin van het concert is de elektrische machine nog niet helemaal goed gesmeerd, maar na een tweetal songs loopt het allemaal lekker: de keyboards van Chris Cacavas, de bas van Bob Rupe, de steelgitaar en de elektrische gitaar van Stephen McCarthy, de drums van Johnny Hott, de elektrische en akoestische gitaren van Steve Wynn en Dan Stuart. Vertederend is het dat beide heren op elkaars instrumenten spelen. Sommige muzikanten hebben wel twintig gitaren op het podium staan, Danny & Dusty samen twee. Hoogtepunten waren er niet echt, omdat het hele optreden één lang hoogtepunt was. Maar ik ben misschien het meest opgewonden geraakt bij King Of the Losers en Down To the Bone. Dat laatste werd met een extreme intensiteit gespeeld, zonder dat de muzikanten in de clichés van de hardrock vervielen. Deze band zou Bob Dylan moeten begeleiden, dat zou pas vuurwerk geven. De stemmen, de akkoorden, de woorden zinderen nog na in mij – en dat mag nog een tijdje blijven duren.

De eerstvolgende dagen schrijf ik geen woord meer over muziek. Ik ben geen muziekrecensent, hoewel muziek mijn halve leven is – of meer. Het echt diepzinnige werk van popjournalist laat ik aan geniale wijsneuzen als Serge Simonart. Ik ben maar een loser, nee, erger nog, ik ben maar een blogger. Mamma mia! Ik beloof meteen ook dat ik de naam van de wijsneus nooit meer zal neerschrijven, want negatieve reclame is net zo goed reclame.

Commentaren

Die popmuziekrecensent Niet ongelukkig worden en rustig verder schrijven over popmuziek (de betere...) Je doet het véééél beter dan ...je weet wel wie!

Gepost door: ermanno | 11-04-07

Reageren op dit commentaar

Niet teveel? Woorden... Nochtans ligt volgens een oude, wijze heer, journalist met pensioen, de toekomst van journalisten en recensenten in de blogs. Is SS een alter ego of een ego tout court? Ik word wel stikjaloers dat ik er niet bij was in de AB. Je scoort hoog, Martin.

Gepost door: marc tiefenthal | 12-04-07

Reageren op dit commentaar

Een goede huisvader zijn is soms een vloek. Ik was er niet bij Danny en Dusty. Maar zoon Briek was blij dat we samen monopoly speelden. Briek troost soms zonder het te weten.

Gepost door: LucV | 12-04-07

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.