28-09-06

KLEINE BELGISCHE KUNSTGESCHIEDENIS

andre delvaux,gedicht,t serclaes,breughel,marvin gaye,john singer sargent,relativering,nationalisme,erfgoed,tijd,invloed


Een oude koewachter aanschouwde
In Brussel van Icarus de val.
Kuste daarna de arm van ’t Serclaes
En bewonderde de blote vrouwen
In het vervallen station.

Bij zijn geuzen slurpte hij aan een mossel
Dan was het weer de vlieger in
Terug naar zijn graanschuur
Diep in het zand van Arkansas.

Een zekere Russel, in zijn vrije tijd bokser,
Strandde aan de Belgische kust.
Is dit Oostende, vroeg hij, waar Marvin Gaye
Van seks en drugs genas
En al die spirituele boeken las?

In de vierde strofe stond een gigant op
Die - conceptueel - varkens kon maken
Met blauwe paardenstaarten. Schilderen
Deed hij in de stijl van John Singer Sargent:
Aan palmbomen slingerden
Rokende dames in witte gewaden.

...

(Waarmee nogmaals bewezen wordt dat geen nationale kunstgeschiedenis bestaat, en nationaal erfgoed onzin is. Alles loopt in elkaar over. Iedereen beïnvloedt elkaar, rechtstreeks en onrechtstreeks. Kunst heft de tijd op. Maakt van iedereen tijdgenoten.)

De commentaren zijn gesloten.