30-03-06

GEDICHT VOOR DE DAKLOZE


Als je me vindt voorbij de nacht en het vuur,
in lakens vergeten, vegeterend in een donkere hoek
van de hoofdstad.
Als mijn uur van Barbaar in het land voorbij is
na een halve eeuw hoofdstoten tegen een wall of sound
van bange mensen,
hun geweldig pas-de-deux-gegil niet meer verdurend.
Als je je voordeur openzwaait voor mijn moeilijke naam
die zo graag van rook wolken wil worden,
het veelvuldige willoze vlees achterna.
Een haas in het maanlicht gevangen,
en haastig zijn letters verpletterd.
Als je me herkent in een schaduw
en mijn vingers ziet natrillen
van eikenbladeren, van korrels zand.
Als je handen mijn ogen afwenden van wat ik zag
en jouw ogen zien wat ik zag
toen ik op de rand van de aarde lag
en daar het gras, het gewillige, het laatste gras.
En daar het tulpenverbijsterende gras vasthield.

Commentaren

.. Dit verdient papier.
De andere ook.

Gepost door: evy | 30-03-06

Reageren op dit commentaar

dank dank je evy, ik zat dat ook al te denken. misschien wat hoogmoedig?

Gepost door: martin | 30-03-06

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.