07-12-05

BLUES VAN HET SCHIMMIGE BESTAAN



Voor Jim Jarmusch en Wim Wenders

Niet naar Berlijn rijdt deze trein.
Niet naar Berlijn breng ik deze bladen.
Deze lege volhheid,
Deze volle leegte.
Dit begin van een storm
Deze siddering in mijn leden
Breng ik niet naar Berlijn.

In de richting van een haven rijdt deze trein.
In de richting van een diepe rivier.
Ik denk aan het water in de haven.
Ik denk aan het water in de diepe rivier.
Want dat water weerspiegelt haar ogen.
Haar ogen weerspiegelen de hemel.
De hemel weerspiegelt haar ziel.

Ik probeer alle liederen te vergeten.
Ik probeer alle liederen te vergeten.
Ook die over de liefde probeer ik te vergeten.
De liederen over de ogen en de handen van mijn geliefde
Die nu bij de kapper zit in het helle licht
Probeer ik te vergeten.
Maar ik kan niet. De liederen over de liefde
Blijven in mijn leden sidderen.

Vanuit de trein zie ik vitrines
Waarin hoeren hun huid belichten.
Hoe zij daarin van haar verschillen.
Zij die haar eigen ogen belicht
En de ogen van haar vrienden
En de ogen van haar geliefde
De ogen van de dorpen en de steden
De ogen van de wereld.

Niet naar Berlijn rijdt deze trein
Vol vreemden, zo nabij en zo ver.
In een andere wereld lijken zij te leven.
Niet in de wereld die haar ogen belichten.
Niet in de woorden die zij spreekt.
Niet in haar naam die ik niet aankan.
Deze wanhoop breng ik niet naar Berlijn.

Ik zwijg en denk aan het water.
Ik denk aan niets en niemand.
Ik denk, ik heb geen leven.
Ik denk, er is geen trein.
Ik denk, ik kom nergens aan.
Ik kom nergens aan, denk ik.

Het enige wat ik wil is blijven.

Commentaren

Blues Om verdomd stil van te worden.

Gepost door: marc tiefenthal | 08-12-05

Reageren op dit commentaar

De commentaren zijn gesloten.