19-10-05

POSTMODERNE HERFSTSONATE


De mooie dagen hebben we gehad. De moeilijke weken en maanden ook. De herfst is er: paddenstoelen, rode wijn, kastanjes, en druk druk druk. Voor velen zal het een heerlijke zomer zijn geweest, maar voor velen ook niet. Ik denk nu aan de mensen die getroffen werden door orkanen en aardbevingen of ten prooi vielen aan zware ziektes en geweld. Het verhaal van de gelukkigen wordt niet verteld. Zij hebben met hun bootjes op een kalme zee gevaren en zijn veilig teruggekeerd naar de thuishaven.
Zelf mag ik niet klagen. Er is mij niets tragisch overkomen. Maar allerlei echte of vermoede kwalen hebben mij vaak verhinderd van het leven te genieten, of zelfs alleen nog maar mensen te ontmoeten. Ik heb wel veel ontmoetingen gehad met artsen allerhande. Gisteren nog was ik te gast bij een cardioloog. Een van de vriendelijkste mensen die ik ooit heb ontmoet, maar ik was er niet op de koffie of om over boeken te praten. Ik moest onderzocht worden. Ik geloof niet dat ik ooit zo zorgvuldig ben nagekeken. De dokter zei dat ik een moedige man ben! Waarom? Omdat ik zo heb zitten trappen en duwen en hijgen op die fiets. Ik ben er nog altijd zeer moe van. Maar met mijn hart is er niets mis, dat is nu duidelijk, daar moet ik me geen zorgen meer over maken. Ik mag fietsen, lopen, zwemmen, dansen… Maar wijn en koffie moet ik achterwege laten. En ik moet veel slapen, dat schijnt gezond te zijn. De dokter zei dat er niets mis is met mijn hartsaangelegenheden. Mijn duivel verschuilt zich in mijn darmen, het is een duivel die mijn ziel in leven heeft geroepen. Een zware last die ik tors, sporen uit het verleden, moedeloosheid, slapheid, berusting… Gebrek aan zelfvertrouwen. Ja, dat is mijn grote kwaal: gebrek aan zelfvertrouwen. En een cardioloog moet me dat zeggen, terwijl ik al een tweetal psychoanalyses achter de rug heb, die telkens jaren hebben aangesleept!

Neen, ik ben een gezonde man, behalve dat hoesten natuurlijk. Maar genoeg daarover. Er spoken Spaanse woorden in mijn hoofd. Ik ben nog maar net terug uit de Spaanse les, hier in Anderlecht. Veel heb ik nog niet geleerd, maar het zal zeker de moeite lonen. Als een mens dingen bijleert is hij tevreden. Spaans is ook niet zo maar gekozen, uit verveling of iets dergelijks. Ik vind het een mooie taal, ik houd van de Spaanse cultuur, Borges en Lorca horen bij mijn favoriete schrijvers en ik ga ook vaak naar Spanje en naar La Palma.

Wat hebben we toch weinig tijd. Ik wil films zien, naar het theater, allerlei dingen schrijven, vrienden ontmoeten, lezen, muziek beluisteren. De voorbije weken heb ik maar enkele cd’s beluisterd: No Direction Home en The Gaslight Tapes van Bob Dylan, Laura Veirs, Neko Case en vooral Ryan Adams, die met Jacksonville City Lights, wellicht zijn beste plaat heeft gemaakt.

Ik heb veel tijd besteed aan de flickrvrienden. De verwante zielen in cyberspace. Hoewel het geen echte contacten zijn, bieden de woorden van sommige van deze mensen me toch vaak veel troost. Bij sommigen heb ik het gevoel dat ik ze al jaren ken. Het is wel een verslaving geworden, waar mijn sociaal leven en mijn huwelijk onder lijden. En zo komt het ook dat ik veel te weinig slaap en zelfs de lokroep van seks me niet altijd meer als sirenenzang in de oren klinkt. Maar nu moet ik echt in bed. Volgende maandag vertrek ik naar Jaén, en dan moet ik genezen en uitgerust zijn, zodat ik daar in het verre Andalousië niet de impressie nalaat dat wij Belgen slappelingen zijn, altijd moe, lusteloos, besluiteloos en met een ziekelijk gebrek aan zelfvertrouwen.

Toch nog dit: luister eens naar Me and the Devil Blues van Robert Johnson.

De commentaren zijn gesloten.